Veel mensen verkiezen de zekerheid van het status-quo boven de onzekerheid van verandering. Dat is zo in de politiek, in het bedrijfsleven, en dus ook in het onderwijs. Maar veranderingen en evolutie zijn nuttig en nodig. Ook het onderwijs moet zich aanpassen.
...

Veel mensen verkiezen de zekerheid van het status-quo boven de onzekerheid van verandering. Dat is zo in de politiek, in het bedrijfsleven, en dus ook in het onderwijs. Maar veranderingen en evolutie zijn nuttig en nodig. Ook het onderwijs moet zich aanpassen. Internationaal vergelijkend onderzoek leert dat de kwaliteit van ons onderwijs weliswaar nog goed is, maar de laatste jaren de aansluiting verliest met de koplopers. Sterker nog, het Vlaamse onderwijs scoort het best - of het slechtst, zo u wilt - als het gaat om het in stand houden van sociale ongelijkheid. En dat kan onmogelijk de bedoeling zijn. Onderwijs is er immers om ons en onze kinderen meer kansen te geven. Het is dé springplank naar een beter leven. De Gentse psycholoog Wouter Duyck van de UGent had gelijk toen hij het voorbije weekend in een interview met De Standaard zei dat wij 'tot elke prijs moeten vermijden dat je sociale afkomst ook je studiekeuze bepaalt'. We moeten vermijden dat kinderen uit sociaal minder sterke milieus door het watervalsysteem in het onderwijs 'des élèves de merde' worden. Het is een uitdrukking die Pierre Pirard enkele weken geleden in Knack gebruikte. Pirard is een gewezen topmanager die zijn job opgaf om les te gaan geven in een zwarte school in Molenbeek. Ons onderwijs zou zich meer moeten bekommeren om kinderen die door sociale of andere omstandigheden 'in de buitenbaan' starten, zoals Luc Huyse het al in 1976 beschreef in zijn gelijknamige boek. Kinderen opleiden kost geld, maar kinderen niet goed opleiden kost een samenleving op termijn nog meer. Daarom is de deze lente goedgekeurde onderwijshervorming op een aantal vlakken een tegenvaller. Om het watervalsysteem, waarbij minder goede leerlingen snel afzakken naar 'makkelijker' richtingen, te beperken voorzag de onderwijshervorming in een brede eerste graad waardoor de studiekeuze twee jaar wordt uitgesteld. Maar die brede eerste graad werd niet goed uitgewerkt. Bovendien hebben de scholen de vrijheid gekregen om grotendeels zelf te beslissen in welke mate ze in dat verhaal meestappen. De enquête van Knack bij duizend leerkrachten laat aan duidelijkheid niets te wensen over. 80 procent van de leraars vindt dat er geen nood is aan een grote onderwijshervorming. Over de kwaliteit van het onderwijs maken zij zich nauwelijks zorgen, en het zo verguisde watervalsysteem lijkt geen echte bekommernis te zijn. Dirk Van Damme, diensthoofd van het Centre for Educational Research and Innovation van de OESO, zei onlangs dat hij ontgoocheld was over sommige leerkrachten. 'Ze sluiten zich op in hun klas en negeren de veranderingen rondom hen.' In Knack van deze week gaat hij nog verder en zegt hij dat 'inzake professionaliteit het onderwijs trager is geëvolueerd dan andere beroepsgroepen'. Van Damme kan in onze enquête argumenten sprokkelen voor zijn stelling. Vlaamse leraars hebben een vrij grote vrijheid binnen de muren van hun school en hun klas. Zij zijn het nauwelijks gewoon tegengesproken te worden. Dat verklaart wellicht waarom ze niet happig zijn op door de politiek opgelegde veranderingen. Misschien moeten ze op schoolreis naar Finland of Canada, waar het systeem van teamteaching school maakt. Daar werken verschillende leraars samen in één team. Ze helpen elkaar, bereiden lessen samen voor, vullen elkaar. Hier geen gesloten klaslokalen, maar een geest van openheid tussen collega's, directie én ouders. Een beter onderwijs verdient de beste leerkrachten. Daarom moet het beroep van leerkracht opgewaardeerd worden, om de beste mensen aan het onderwijs te binden. En ja, dat mag wat kosten. Maar nu al staat vast: met de onderwijshervorming die op tafel ligt, zal dat niet gebeuren. De geschiedenis dreigt zich te herhalen: net zoals vorige hervormingen zal ook de huidige stuklopen op de weerstand vanuit de onderwijswereld. Daarom moet de nieuwe Vlaamse regering na de verkiezingen in 2014 haar huiswerk overdoen. Of zoals Dirk Van Damme het tijdens ons rondetafelgesprek zegt: 'Politici moeten strategische beslissingen durven te nemen, ook al is niet iedereen direct mee.' Want ons onderwijs is te belangrijk om genoegen te moeten nemen met middelmatige oplossingen. Een beter onderwijs verdient de beste leerkrachten. En dat mag wat kosten.