Nadat de Vlaamse groenen zwaar op hun donder hadden gekregen bij de federale verkiezingen van 2003 stapte hun politiek secretaris, Jos Geysels, op. Hoewel zijn liefde voor de politiek nooit is bekoeld, is hij niet van plan om ooit nog terug te keren. Wel volgt hij de gebeurtenissen in de Wetstraat op de voet, en heeft hij daar zo zijn eigen mening over. Geysels is dan ook een bevoorrechte getuige. Hij leidde Agalev in de nadagen van de regering-Dehaene, stond in 1999 mee aan de wieg van Verhofstadt I, loodste zijn partij door de paars-groene regering en keek vanaf de zijlijn toe hoe Paars uiteindelijk ten onder ging.
...

Nadat de Vlaamse groenen zwaar op hun donder hadden gekregen bij de federale verkiezingen van 2003 stapte hun politiek secretaris, Jos Geysels, op. Hoewel zijn liefde voor de politiek nooit is bekoeld, is hij niet van plan om ooit nog terug te keren. Wel volgt hij de gebeurtenissen in de Wetstraat op de voet, en heeft hij daar zo zijn eigen mening over. Geysels is dan ook een bevoorrechte getuige. Hij leidde Agalev in de nadagen van de regering-Dehaene, stond in 1999 mee aan de wieg van Verhofstadt I, loodste zijn partij door de paars-groene regering en keek vanaf de zijlijn toe hoe Paars uiteindelijk ten onder ging. Het was in die laatste maanden van de paarse coalitie dat Jos Geysels voor Knack een lijstje opstelde van mensen die de politieke wereld de afgelopen jaren hebben beïnvloed. Samen ontmoetten we de (oud-) politici Jean-Luc Dehaene (CD&V), Annemie Neyts (Open VLD), Norbert De Batselier (SP.A) en Luc Van den Bossche (SP.A), CM-voorzitter Marc Justaert en ondernemer Thomas Leysen. Vorige maand hadden we speciaal voor Uitgesproken nog een gesprek met de man die niet kan ontbreken in een boek over de politiek van de laatste tien jaar: Guy Verhofstadt (Open VLD). Onze gesprekspartners waren stuk voor stuk mensen die Jos Geysels tijdens zijn politieke carrière al was tegengekomen. De ene keer zorgde dat voor een warm weerzien, de andere keer laaiden oude discussies vanzelf weer op. In elk geval bleken de meeste geïnterviewden veel opener te praten tegen iemand die een paar jaar geleden nog aan de andere kant van de tafel zat. JOS GEYSELS: Soms wel. Toen CM-voorzitter Marc Justaert bijvoorbeeld zei dat het ACW eind jaren negentig op het punt stond om ook kandidaten op de Agalev-lijsten te gaan steunen, was ik zelfs even sprakeloos. In die periode voelde ik wel dat het goed zat tussen de groenen en de christelijke arbeidersbeweging, maar dat werd mij nooit zo openlijk gezegd. Wellicht hebben we daar een historische kans gemist. Alhoewel, wie zegt dat de dingen dan anders waren gelopen? Zou de verkiezingsnederlaag van 2003 ons dan bespaard zijn gebleven? Dat geloof ik niet. Kijk, ik heb altijd gevonden dat Agalev intensiever contact moest hebben met belangrijke sociale organisaties, van welke oorsprong die ook waren. Zowel binnen als buiten mijn partij dachten velen dat ik dat alleen maar deed om stemmen te ronselen. Maar ik ben niet van gisteren, hè. Ik heb nooit verwacht dat onze contacten met die organisaties ons rechtstreeks stemmen zouden opleveren. Wel wilde ik leren uit hun studies, ervaring en informatie, en het maatschappelijke draagvlak van de partij vergroten. GEYSELS: Daar vergist hij zich in. Onze ministers hebben gewoon hun werk gedaan. Wel hebben we misschien te weinig rekening gehouden met de typische cultuur van de christelijke arbeidersbeweging, en dan vooral met die van de vakbond. GEYSELS: Zoveel mensen hebben zoveel verloren energie gestopt in de herverkaveling van het politieke landschap. Het was veel beter geweest om concrete samenwerkingsverbanden af te sluiten in het parlement. Ook in de paars-groene regering had de samenwerking tussen de linkse partijen beter gekund. Maar goed, pogingen om het linkse kamp samen te brengen zijn er altijd al geweest en zullen wellicht nog worden ondernomen. Het Sienjaal was bijvoorbeeld een intellectueel en politiek interessant project, maar het vertrok van een verkeerde opvatting over politieke frontvorming. De Batselier en Maurits Coppieters dachten nog zoals Leo Collard destijds: ze wilden de twee grote arbeidersbewegingen en de linkse partijen samenbrengen. Maar zo zit de wereld niet meer in elkaar. Het was ook een paar bruggen te ver om daaruit te besluiten dat er op korte termijn een kartel moest worden gesmeed. Bij nader inzien geloof ik dus niet dat ik een historische fout heb gemaakt. (lacht)GEYSELS: Dan gaat hij er wel erg gemakkelijk aan voorbij dat de liberalen constant hun best deden om een karikatuur van ons te maken. Ik herinner me nog levendig dat er kort voor de verkiezingen van 2003 liberalen meeliepen in de betoging van boeren, jagers en vissers in Gent. 'Stop de groene hoer', luidde de boodschap. En daar bedoelden ze dan Vlaams minister van Landbouw Vera Dua mee, hè. Daarop volgde een desastreuze stembusgang en verdween mijn partij uit de federale regering. De paarse partijen behaalden wel een klinkende overwinning, maar slaagden er daarna toch niet meer in dezelfde dynamiek te ontwikkelen als tijdens Verhofstadt I. GEYSELS: Die breuk had voor mij nog wat groter mogen zijn. Toen ik de partij leidde, waren we een nieuwe generatie politici aan het klaarstomen. Maar onze verkiezingsnederlaag stuurde die plannen natuurlijk in de war: sommigen stapten naar een andere partij over, we moesten mensen afdanken en het draagvlak van mijn partij werd kleiner. Ondertussen zijn we vijf jaar later en is het hoog tijd dat ook andere mensen, de nieuwe parlementsleden bijvoorbeeld, het gezicht van Groen! gaan uitmaken. GEYSELS: Voor een kleine groene fractie is het erg moeilijk om harde oppositie te voeren in communautaire dossiers. Zoals men N-VA-voorzitter Bart De Wever niet snel naar zijn mening over sociaaleconomische thema's vraagt, zo zit men ook niet te wachten op het groene oordeel over de staatshervorming. Aan de andere kant zien we dat de samenleving aan het vergroenen is door de energiecrisis. Dan lijkt het me voor een partij als Groen! toch wel een goed idee om daarop te blijven hameren, en dat gebeurt vandaag nog te weinig. Daarnaast zou ik mijn groene vrienden ook de raad willen geven om hun vel duurder te verkopen. Om bijzondere wetten goedgekeurd te krijgen, moet de regering-Leterme een meerderheid in élke taalgroep hebben. Met andere woorden: daarvoor heeft ze minstens vier stemmen van Groen! nodig, want de N-VA zal die niet meer leveren. Dus zou ik toch wel een aantal concrete eisen stellen. De invoering van een federale kieskring bijvoorbeeld. GEYSELS: Dat zou al snel op een onderonsje hebben geleken, en daar hebben de lezers geen boodschap aan. Maar ook als ik heel kritische vragen had gesteld, was dat niet erg geloofwaardig geweest. Vorige week heb ik bijvoorbeeld ontzettend opgekeken van de snelheid waarmee Vlaams minister Geert Bourgeois (N-VA) plots een vurig oppositielid werd. Hoe geloofwaardig ben je dan? GEYSELS: Ik ben en blijf gebeten door de politiek, en dus had ik heel graag mee helpen zoeken naar creatieve oplossingen. Want ik geloof echt dat er mogelijkheden zijn om uit deze impasse te raken. GEYSELS: Weet je wat vandaag het grootste probleem van Leterme is? Hij heeft zijn achterban meer dan een jaar lang in een communautaire richting gedwongen en veranderde dan bruusk de marsorder. Pas een paar weken geleden heeft hij eindelijk een duidelijke keuze gemaakt: hij wil de eerste minister van een federaal land blijven. Ondertussen zorgde hij wel nog voor verwarring door te blijven beweren dat er niets is veranderd aan de standpunten van zijn partij en dat hij nog steeds een voorstander is van een kartel met de N-VA. Als Yves Leterme én CD&V op post willen blijven, zullen ze veel consequenter de centrumkoers moeten aanhouden, die zo eigen is aan de christendemocratie. GEYSELS: Als er in de komende maanden geen oplossing uit de bus komt, kunnen ze inderdaad beter naar de kiezer gaan. Dat is de enig mogelijke conclusie in een democratisch bestel. GEYSELS: Als we de peilingen mogen geloven, ziet het er inderdaad niet goed uit voor de linkerzijde. Aan de ene kant heeft de sociaaldemocratie een probleem met haar concepten, project en theorievorming. De groenen hebben het dan weer moeilijk om hun gedachtegoed op een aantrekkelijke manier naar buiten te brengen en electoraal te verzilveren. Allebei hebben ze zich ook veel te veel in het defensief laten duwen wat de sociaaleconomische thema's betreft. Zo waren begrippen als 'regulering' en 'herverdeling' lange tijd taboe bij die partijen. GEYSELS: (zonder aarzelen) Ik zou een wetsvoorstel indienen om de uitkeringen jaarlijks met twee procent op te trekken en welvaartsvast te maken. Maar dat zeg ik nu natuurlijk omdat ik al zoveel jaar in het parlement heb gezeten. Weet je wat ik in werkelijkheid heb gedaan toen ik net verkozen was? Ik heb eerst goed om me heen gekeken, me ingeschreven voor een cursus Frans en me vervolgens vol vuur op het kernenergiedossier gestort. En daar heb ik nog geen minuut spijt van gehad. JOS GEYSELS EN ANN PEUTEMAN, UITGESPROKEN. ZEVEN GESPREKKEN OVER POLITIEK EN ENGAGEMENT. ROULARTA BOOKS, 21,90 EURO. DOOR ANN PEUTEMAN