Met de regelmaat van een klok gaat het gerucht dat Palais Stoclet zal worden verkocht. Het enige bedrag dat ooit circuleerde over de waarde van dit voormalige woonhuis van grootindustrieel Adolphe Stoclet in Sint-Pieters-Woluwe, is 100 miljoen euro. Kandidaten gelieven zich aan te melden bij vastgoedmaatschappij SAS, vragen naar advocaat Jean Flagey. Elk kunstlievend mens beschouwt het als uniek internationaal patrimonium, en dus als een stukje van zichzelf en van de gemeenschap. Te meer daar de derde generatie Stoclet, bestaande uit vier zusters, het meesterwerk van Wiener Secession-architect Josef Hoffman uit 1905-'11...

Met de regelmaat van een klok gaat het gerucht dat Palais Stoclet zal worden verkocht. Het enige bedrag dat ooit circuleerde over de waarde van dit voormalige woonhuis van grootindustrieel Adolphe Stoclet in Sint-Pieters-Woluwe, is 100 miljoen euro. Kandidaten gelieven zich aan te melden bij vastgoedmaatschappij SAS, vragen naar advocaat Jean Flagey. Elk kunstlievend mens beschouwt het als uniek internationaal patrimonium, en dus als een stukje van zichzelf en van de gemeenschap. Te meer daar de derde generatie Stoclet, bestaande uit vier zusters, het meesterwerk van Wiener Secession-architect Josef Hoffman uit 1905-'11 niet bewoont. Het witmarmeren droompaleis staat leeg maar wordt wel onderhouden. Hun moeder, wijlen barones Anny Stoclet, woonde er waarschijnlijk ook niet, maar organiseerde er tenminste nog mondjesmaat recepties en bezoeken. Al wie er over de tere parketten liep, de eetzaal met de glanzende mozaïekfries van Gustav Klimt betrad, of de door Fernand Khnopff gedecoreerde muziekkamer, wist zich geprivilegieerd en voedde de mythe van het mooiste huis ter wereld. De dochters, de vier zusters dus, laten geen enkel cultuurtoerisme meer toe. De individuen die er nu nog binnengaan, leggen zichzelf een heilige zwijgplicht op, met een nieuwe golf van speculaties tot gevolg. De zusters hadden intussen al vrede genomen met de gedachte dat de instandhouding van het Stoclet-gebouw beter door de hele gemeenschap wordt gedragen dan alleen door SAS en de familie. (Het dient gezegd: de Stoclets hadden in tegenstelling tot vele andere pronkhuisbezitters hun paleis in goede staat weten te bewaren.) In 1976 werd het gebouw officieel beschermd door de Franse Gemeenschap, in 2005 de tuin. Dat schept verplichtingen voor de eigenaars, maar ook voor de overheid, die financiële tegemoetkomingen doet. Maar toen vorig jaar de Brusselse gewestregering een procedure instelde ter bescherming van de huisraad, maakten drie van de vier zusters de zaak aanhangig bij de Raad van State. Ze hadden het gevoel dat hen het recht ontzegd werd vrij te beschikken over hun onschatbaar mooie objecten uit de Wiener Werkstätte. Die zouden nu immers deel uitmaken van 'een hypothetisch museum dat niemand mag bezoeken' (Guy Duplat in La Libre Belgique). Een absurde situatie. Een van de vier zussen trad onlangs uit het gelid. Aude Stoclet vertrouwde journalist Guy Duplat toe dat ze de toekomst van Palais Stoclet niet louter als een familiezaak aanziet, maar als een aangelegenheid van alle betrokken cultuurinstanties. De mogelijke erkenning van het Palais Stoclet als werelderfgoed door Unesco, kan tot een ontwikkeling in die zin bijdragen. De bezoekers van de tentoonstelling Het verlangen naar Schoonheid in Bozar - over Wiener Werkstätte en het Palais Stoclet - moeten voorlopig vrede nemen met maquettes, oude foto's, plannen en objecten. Hun verlangen om het wonderhuis ooit te betreden, zal wellicht een droom blijven, want een openbaar museum wordt het nooit. Daarvoor is het te broos en zijn de kamers te klein (!). In het beste geval: een studiecentrum voor ingewijden. Kwestie van stijlbreuken te vermijden. JAN BRAET