Nee', zegt hij. 'Lezen kan ik niet meer. Ik ben praktisch blind. Met een speciale loep kan ik nog wel woorden of zinnen proberen te zien, maar een langere tekst, nee, dat is uitgesloten. Nu goed, ik mis dat eigenlijk niet. Ik heb ook geen behoefte meer om nog nieuwe boeken te lezen. Dan denk ik: ach, jongetje, je hebt zestig jaar de tijd gehad om boeken te lezen, en dat was het dan. Ik moet niet alleen stoppen met lezen, ik ben ook al moeten stoppen met autorijden en met fietsen. Binnenkort zal ik moeten stoppen met stappen. Ik ben onlangs voor het laatst aan zee geweest. Ik ben nog eens met mijn blote voeten door het water gestapt. Dat was vermoedelijk de laatste keer. Het hoort er allemaal bij, bij het leven. Een van de filosofische inzichten die ik heb verworven, is toch dat heel veel menselijke ellende voortspruit uit het feit dat mensen weigeren om sterfelijk te zijn.'
...