Toen op 16 oktober 2002, na slechts 87 dagen regeren, het kabinet van Jan Peter Balkenende viel, had dat maar één oorzaak: het christen-democratische CDA en de liberale VVD waren het amateurisme, de onbetrouwbaarheid en vooral de nooit ophoudende interne ruzies van coalitiepartner LPF meer dan zat. Balkenende I zou de geschiedenis ingaan als de kortste Nederlandse regering sinds de Tweede Wereldoorlog. Maar liever snel weer naar de stembus dan nog langer overgeleverd te zijn aan de grillen van het zootje ongeregeld dat zich de politieke erfgenamen van Pim Fortuyn noemde, meenden Balkenende en de liberale l...

Toen op 16 oktober 2002, na slechts 87 dagen regeren, het kabinet van Jan Peter Balkenende viel, had dat maar één oorzaak: het christen-democratische CDA en de liberale VVD waren het amateurisme, de onbetrouwbaarheid en vooral de nooit ophoudende interne ruzies van coalitiepartner LPF meer dan zat. Balkenende I zou de geschiedenis ingaan als de kortste Nederlandse regering sinds de Tweede Wereldoorlog. Maar liever snel weer naar de stembus dan nog langer overgeleverd te zijn aan de grillen van het zootje ongeregeld dat zich de politieke erfgenamen van Pim Fortuyn noemde, meenden Balkenende en de liberale leider Gerrit Zalm. Na de verkiezingen zouden CDA en VVD eindelijk kunnen beginnen met de uitvoering van het regeerakkoord, dat trouwens expliciet als verkiezingsprogramma naar voren werd geschoven. Dat de Lijst Pim Fortuyn (LPF), die op 15 mei 2002 meer dan anderhalf miljoen stemmen kreeg, het ook bij de kiezer grondig heeft verbruid, blijkt uit alle peilingen. De partij die de Nederlandse politiek nieuw leven in moest blazen, behaalt nog slechts een vijftal zetels (tegenover 26 in het huidige parlement). Voor Balkenende en Zalm stond het eigenlijk vast dat de 'ruk naar rechts' die door Pim Fortuyn was veroorzaakt, na de neergang van de LPF, CDA en VVD sterk vooruit zou helpen. Maar dat was dus zonder de nieuwe PvdA-leider Wouter Bos gerekend. Bij de verkiezingen van 15 mei kreeg de sociaal-democratische PvdA de grootste electorale opdoffer uit haar geschiedenis te verwerken. De veiligheidsproblemen, de mislukte integratie, de wachtlijsten in de gezondheidszorg, de slechte kwaliteit van het onderwijs, de files: voor alles wat misging in de Nederlandse samenleving werd de PvdA verantwoordelijk geacht. Het nieuwe PvdA- boegbeeld Ad Melkert belichaamde volgens de kiezer de in zichzelf gekeerde Haagse politiek, de arrogantie van de macht. Een flinke oppositiekuur was wat de partij nodig had, zodat ze de tijd kreeg om te herbronnen en te vernieuwen. Maar nauwelijks vijf maanden na haar verpletterende nederlaag moest de PvdA opnieuw aan een verkiezingscampagne beginnen. In aller ijl moest een nieuwe voorman gezocht. Het werd Wouter Bos (39) en dat bleek een gouden greep. Bos was staatssecretaris van Financiën in de tweede regering-Kok, maar gelukkig weet niemand dat nog. Hij heeft een fris, jong gezicht. Hij straalt zelfvertrouwen uit, maar weet donders goed hoe belangrijk bescheidenheid op dit moment is. Niet voor niets begon hij zijn verkiezingcampagne staande op een zeepkist, op een plein in Rotterdam. 'Hier is het vorig jaar allemaal begonnen, van hieruit moeten wij opnieuw beginnen', sprak hij. Wat wellicht zijn grootste troef is: de televisiecamera's houden van hem. In de lijsttrekkersdebatten doet hij het duidelijk het beste. 'De Nederlandse Kennedy' noemen sommigen hem al bewonderend. Volgens de laatste peilingen lijkt Bos te zullen slagen in het onmogelijke: de PvdA de verkiezingen te doen winnen. De partij zou zelfs weer de grootste van het land kunnen worden voor Balkenendes CDA. Straks moet de PvdA ook in aller ijl op zoek naar een premier. Als het maar niet Ad Melkert wordt. Christine Albers