Zelfs de lelijkste vrijgezel hoeft niet te wanhopen: twee weken geleden is den Baard getrouwd. Als die van de straat geraakt, dan iedereen. Droeg de bruid een witte stok en was zij vergezeld van een speciaal opgeleide hond? Nee. Dat wil zeggen: ze droeg geen witte stok.
...

Zelfs de lelijkste vrijgezel hoeft niet te wanhopen: twee weken geleden is den Baard getrouwd. Als die van de straat geraakt, dan iedereen. Droeg de bruid een witte stok en was zij vergezeld van een speciaal opgeleide hond? Nee. Dat wil zeggen: ze droeg geen witte stok.Jammer dat Oostende niet beschikt over een kathedraal of de heer Vande Lanotte, want over hem gaat het, was ook voor de kerk getrouwd. Waar is de tijd dat hij als minister van Binnenlandse Zaken een uitnodiging voor een diner bij de koning afwees omdat zijn vriendin, thans vermoedelijk nog steeds zijn vrouw, niet mocht meekomen. En waar werkt de nieuwe mevrouw Vande Lanotte, zo lezen wij in de krant? Op het secretariaat van basketbalclub Oostende! Dat gelooft misschien geen mens, maar het is zo. Het jonge echtpaar steekt van wal met 24 kinderen. Elf van hem, acht van haar, en nog een stuk of vijf die zich er onopgemerkt tussen hebben gewrongen. Geen groter hart voor kinderen, dan dat van den Baard. Wij herinneren ons een reportage van Cas Van der Taelen, waarin Vande Lanotte bij het betreden van een congrescentrum oog in oog stond met een groep lagere scholieren, die hem kwamen smeken om hun Rwandese klasgenootje het land niet uit te wijzen. Ze woonde al vijf jaar in België, maar op het kabinet van den Baard hadden ze ontdekt dat er met de papieren van haar ouders iets niet in orde was. Eruit, het hele gezin. De kindertjes hadden tekeningen gemaakt en de beste in voordracht knielde neer aan de beslijkte schoenen van de minister, om daar een hartverscheurend gedichtje ten gunste van zijn zwarte vriendinnetje op te dreunen. Tot slot hief de hele klas een liedje aan, waarvan de slotzin luidde: 'Liefste minister, mag Saskia alstublieft bij ons blijven?' 'Nee', snauwde Vande Lanotte, die een tuil bloemen van de klasjuffrouw weigerde en zonder de groep nog een blik te gunnen tegen de camera een tirade afstak over het misbruik van kinderen voor politieke doeleinden.Dat deze man het goed kan vinden met het ACW hoeft geen betoog. Hun bindmiddel is een ongezonde drang naar macht. En zo zijn wij er getuige van hoe de SP zich binnenwringt bij alle christelijke organisaties die de grote strateeg Johan Van Hecke uit de CVP heeft verdreven. Het ligt vers in ieders geheugen hoe den Baard en het ACW een akkoordje sloten over de verkoop van Hengelhoef in Houthalen, en Zon en zee in Westende. Als Bacob straks op de truitjes van de Oostendse basketclub prijkt, moet niemand verbaasd opkijken. Het ACW heeft wel vaker een reuzenzaak gedaan omdat de Belgische overheid zijn patrimonium tegen woekerprijzen overnam. Denken we aan het Brusselse Leopoldkwartier, waar het onroerend goed van de BAC volstrekt onrendabel was tot de ACW'er Wilfried Martens besliste om daar de Europawijk onder te brengen. In één klap werden die gebouwen miljarden waard. En zie: de Belgische regering kocht ze met EU-steun over van de christelijke arbeidersbeweging. Tangentopoli in het kwadraat. Op dezelfde slinkse wijze verpatste het ACW zijn twee verlieslatende vakantiekolonies aan Vande Lanotte. Plus honderd vijftig werknemers waar het geen blijf mee wist. Dat dat uitgerekend door de CVP'er Pieter De Crem werd uitgebracht, stak uiteraard bij Theo Rombouts, maar er was nog een tweede dwarsligger: de rechter in Hasselt. Die bepaalde dat een asielcentrum niet thuishoort in een recreatiegebied, en legde een dwangsom bovenop zijn verbod. Hier de reactie van den Baard, die getrouwheid heeft gezworen aan de wetten van het Belgische volk: 'Aan de rechtbank van Hasselt veeg ik mijn kas. We gaan naar een van onze eigen rechters en dat asielcentrum komt er toch.'Net als bij Vande Lanotte is ook de eigengereidheid van het ACW, en ipso facto van haar bankafdeling, legendarisch. Een van de grote geheimen van de Belgische geschiedenis blijft de devaluatie met 8,5 procent van de Belgische frank in 1982. Beslist in Poupehan door Fons Verplaetse (ACW), Hubert Detremmerie (ACW), Wilfried Martens (ACW) en koning Boudewijn (ACW). Wij zouden graag een onafhankelijke onderzoeker (Ludwig Verduyn!) zien bewijzen dat noch de BAC noch het Hof van die voorkennis gebruik hebben gemaakt. Fons Verplaetse, onlangs als woudloper geportretteerd in TerZake, verzekerde het hele land vanachter het stuur van zijn 4x4 dat Detremmerie niet op de hoogte was geweest. Fons heeft het voordeel dat hij erbij was. Maar hij heeft dan weer het nadeel dat hij er niet alleen totaal onbetrouwbaar uitziet, maar het ook is. Van één man weten wij zeker dat hij niet op de hoogte was: de gouverneur van de Nationale Bank. Dat was niet Fons, want die was op dat moment slechts adjunct-kabinetschef van Wilfried Martens. Adjunct-kabinetschef, dat is de eerste in rang boven de keukenhulp. De gouverneur was Cecil de Strycker en die heeft de devaluatie, waar hij nota bene tegen was, naderhand uit de krant vernomen. Wij hebben hier ooit verteld hoe in Poupehan de plaatselijke filiaalhouder van een middelgrote bank verrast opkeek, toen hij op een zaterdagochtend met korte tussenpozen voor zijn loket vier mensen zag opdagen die hij vaag van televisie meende te herkennen (Martens, Houthuys, Detremmerie en Fons). Allevier met dezelfde opdracht: al hun franken in dollars en marken omzetten. En toen de directeur op het middaguur compleet van de kook zijn rolluik naar beneden trok, zag hij daar tot zijn opperste verbijstering nog net de koning onderdoor glippen. De omzet van zijn kantoortje bedroeg die ene zaterdagvoormiddag zevenendertig miljard frank.Wij waren er niet bij toen de adjunct-kabinetschef de frank devalueerde, maar dat Detremmerie dat niet op voorhand wist, geloven wij niet. En wij wachten met ongeduld tot Johan Van Overtveldt in Trends het werk doet waarvoor wij zelf te lui zijn, namelijk haarfijn uitzoeken waarom Fons plotseling bedrijven warm wil maken voor investeringen in de derde wereld. Uit idealisme kan het niet zijn, niet bij Fons. Koen Meulenaere