'Jazéker, ik ben helemaal alleen naar Israël geëmigreerd', zegt Joseph Kaspari. 86 is hij, en in het tuintje voor zijn bescheiden kibboetswoning staat een golfwagentje geparkeerd, zoals er in Kibboets Evron wel meer rondtoeren. De kibboets, een pionierskolonie die zich wijdt aan de opbouw en exploitatie van het land, ligt bij Nahariya in West-Galileï, op acht kilometer van de grens met Libanon. 'Ik kwam naar hier op mijn vijftiende', zegt Kaspari, terwijl hij een fles wijn ontkurkt. 'Ik ben geboren in Duitsland en kwam zoals zovelen van mijn tijdgenoten in 1936 naar Israël als lid van een zionistische jeugdbeweging: Young People for Israel. De aanloop naar de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939) had mijn enthousiasme voor het socialisme aangewakkerd. Thuis was dat een groot taboe: mijn vader was een monarchist - hij wilde dat keizer Wilhelm II zou terugkomen. Hij was een antisocialist. Een antizionist. En ik werd een overtuigde marxist die in Israël een socialistische staat wilde stichten. Ik moest strijden voor mijn overtuiging. En ik vertrok.'
...

'Jazéker, ik ben helemaal alleen naar Israël geëmigreerd', zegt Joseph Kaspari. 86 is hij, en in het tuintje voor zijn bescheiden kibboetswoning staat een golfwagentje geparkeerd, zoals er in Kibboets Evron wel meer rondtoeren. De kibboets, een pionierskolonie die zich wijdt aan de opbouw en exploitatie van het land, ligt bij Nahariya in West-Galileï, op acht kilometer van de grens met Libanon. 'Ik kwam naar hier op mijn vijftiende', zegt Kaspari, terwijl hij een fles wijn ontkurkt. 'Ik ben geboren in Duitsland en kwam zoals zovelen van mijn tijdgenoten in 1936 naar Israël als lid van een zionistische jeugdbeweging: Young People for Israel. De aanloop naar de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939) had mijn enthousiasme voor het socialisme aangewakkerd. Thuis was dat een groot taboe: mijn vader was een monarchist - hij wilde dat keizer Wilhelm II zou terugkomen. Hij was een antisocialist. Een antizionist. En ik werd een overtuigde marxist die in Israël een socialistische staat wilde stichten. Ik moest strijden voor mijn overtuiging. En ik vertrok.' 'In de Kibboets Evron, die me door het Joodse Agentschap werd aangewezen, was het armoe troef. We hadden geen geld, de huizen waar we woonden waren tenten van papier. We leefden van de landbouw. Van 's morgens vroeg tot 's avonds laat zwoegden we op het land om het wat vruchtbaarder te maken. Later moesten we gaan vechten. Eerst in opdracht van de Britten tijdens de Tweede Wereldoorlog - we leefden onder Brits mandaat -, daarna brak de onafhankelijkheidsoorlog uit in Palestina. Het was een strijd tussen de twee nationale bevrijdingsbewegingen, de Joodse en de Palestijnse. De Britse regering stond machteloos. Omdat ze er maar niet in slaagde om de twee partijen te verzoenen, riep ze de hulp in van de Verenigde Naties. Die stelde in 1947 het befaamde Repartitieplan voor. Volgens dat plan lag onze kibboets in Libanon.' Kaspari lacht voldaan. 'Twee jaar later, bij de wapenstilstand van 1949, lag hij binnen de grenzen van Israël. De pioniers waren in hun opzet geslaagd. Door de kibboetsen zo ver mogelijk noordwaarts en al even ver zuidwaarts te bouwen, hadden ze veel terrein kunnen innemen.' Honderd kilometer zuidwaarts, in Jeruzalem, vergaderen de vertegenwoordigers van de kolonisten van de Westelijke Jordaanoever, de Yesha Council. Hun verhalen gaan niet over het verleden maar over vandaag. Het zijn geen linkse idealisten die in communes leven, zoals dat in de oorspronkelijke kibboetsen gebeurde. De ideologie van de kolonisten in de nederzettingen is rechts en bijzonder nationalistisch. En toch noemen ze zichzelf de opvolgers van de kibboetsen. 'Net zoals zij hebben wij een zionistische droom', zegt Danny Dayan, de voorzitter van de Yesha Council. 'We zetten hun pionierswerk voort. We gaan, net zoals zij, in onherbergzame gebieden wonen, we bewerken het land en nemen het in. Maar terwijl de kibboetsen in Galileï in het verre noorden en in de Negevwoestijn in het verre zuiden werden gebouwd om de grenzen zo ver mogelijk noord- en zuidwaarts uit te breiden, willen wij met onze nederzettingen Judea en Samaria annexeren (de huidige Westelijke Jordaanoever, nvdr). Judea en Samaria zijn cruciaal voor Israël. Ze zijn onze raison d'être. Het Bijbelse hart van ons land.' Hun woorden klinken verheven, maar hun aanhang is beperkt. Lees de kranten in Israël, spreek met politieke analisten: iedereen die hoopt op vrede of een overeenkomst met de Palestijnen, ziet in hen een struikelblok. 'We zijn helemaal geen struikelblok', countert Dayan. 'Om te beginnen ís er geen uitzicht op vrede, integendeel. Er dreigen alleen nog meer problemen. Vanuit Judea en Samaria bieden wij de garantie tegen nieuwe aanvallen. We zorgen voor de veiligheid van het land. De Westelijke Jordaanoever (die sinds 1967 door Israël wordt bezet, nvdr) teruggeven, zou zelfmoord zijn.' 'Luister,' zegt Dayan en hij laat een zware stilte vallen, 'ik woon in Ma'ale Shomron, ten noorden van Jeruzalem. Vanuit mijn slaapkamer zie ik het hoogste gebouw van Israël. Het is aan de politici om te beslissen of ze mij in mijn slaapkamer willen of Hamas. Met een raket, gericht op dat gebouw.' Joseph Kaspari drukt zijn bril op zijn neus en schudt het hoofd. 'Hun ideologie heeft níéts van doen met de onze', zegt hij. 'Wij waren overtuigde socialisten. We wilden een egalitaire staat uit de grond stampen. De leden van de kibboets waren de elite van Israël, hun gedachten werden gedragen door het hele volk. Zonder ons, zonder de kibboets, bestónd Israël vandaag niet. Zelfs vóór 1948 speelden de kibboetsen een belangrijke rol: bij de oprichting van banken, landbouworganisaties, ziekenhuizen. We stampten het Joods Nationaal Fonds uit de grond, dat geld inzamelde bij de gewone Joden om gronden te verwerven en kibboetsen uit te bouwen. Daarnaast pompten rijke Joodse families zoals de Rotschilds en de Montefiori's bakken geld in het Israëlische project.' Grote politici zoals Golda Meir, Ehud Barak en zelfs de huidige president Shimon Peres groeiden op in een kibboets. Kaspari windt zich op: 'De kibboetsbeweging was zeer positief voor het ontstaan van Israël. Wat van de settlers op de Westelijke Jordaanoever niet gezegd kan worden.' Hij schenkt nog eens bij. 'Het gedachtegoed van de kibboetsbeweging was geweldig. Maar we hadden het niet gemakkelijk.' Hij lacht, en wordt even stil. 'We hadden helemaal níéts, privébezit was uit den boze. Maar af en toe hadden we cash nodig. En dus moest ik de boer op, om de kost te verdienen. In het leger was ik tankbestuurder geweest. Ik kon al snel aan de slag als buschauffeur. Ik was de enige kostwinner voor meer dan 100 mensen in de kibboets, en dat jarenlang. We leefden in de eerste plaats van onze landbouwproducten. Al de rest moest van mij komen.' Toen de kibboetsleden van de eerste generatie kinderen kregen, veranderde er veel. 'De boeken van Marx en Engels werden al snel opgeborgen. De kinderen waren belangrijker. We zagen hen dan wel amper drie à vier uur per dag - ze leefden afgezonderd in aparte woningen met een kinderoppas -, maar het leven met gezinnen was een hele aanpassing, vooral financieel. We hadden geld nodig. Toen hebben we ons bedrijf opgericht, dat zich toelegt op metaalverwerking.' De toon wordt ernstig. 'Ons socialistisch ideaal hebben we stilaan moeten loslaten', zegt Kaspari. 'Het ging van kwaad naar erger. Toen mijn kinderen naar het leger moesten, was het hek helemaal van de dam. Hun hele jeugd hadden ze in de kibboets doorgebracht. Maar tijdens hun legerdienst hadden ze het licht gezien. De grote auto's waar anderen mee reden. Hun moderne kleding. Geleidelijk aan zou een socialistisch project te midden van een kapitalistische omgeving onmogelijk blijken. Al die tijd hadden we gedroomd van een staat naar het model van de kibboets. Maar dat was onmogelijk. Toen we dat eindelijk ontdekten, was het al te laat. (zucht) Ik ben er nog kapot van.' 'Gelukkig hebben we de kibboets zelf draaiende kunnen houden', zegt Amos Shalev, die er is komen bijzitten. Hij is een jonger lid van de kibboets en de financiële beheerder van het hele complex. 'Ja! Nog een geluk', zegt Joseph Kaspari. 'Maar we hebben een zware crisis doorgemaakt, en politiek gezien hebben we niet meer dezelfde invloed als voorheen.' De politieke betekenis van de kibboetsen is zelfs marginaal geworden. In 1984 kampte Israël met een hyperinflatie van wel 450 procent, legt hij uit. De uitstaande schulden van de kibboetsen waren verpletterend. Veel ervan hadden zware schatkistproblemen, zeker als ze geleend hadden om een bedrijf uit de grond te kunnen stampen. Veel kibboetsleden moesten toen hun principes van solidariteit laten varen omdat ze geen centen hadden. 'Onze kibboets is de crisis aardig doorgekomen. In 1965 hebben we een bedrijf opgericht, Bermad', vertelt Shalev. 'We waren niet de enigen. Veel kibboetsen zetten een verwerkingsbedrijf op voor hun landbouwproducten, of begonnen een zaak in de hout- of de plasticindustrie. Plastic was een nieuw product en het was gemakkelijk te verwerken. Wij spitsten ons toe op irrigatiemachines: toestellen die de bevloeiing van de gronden regelen. Als landbouwers kenden we dat domein heel goed.' 'De eerste vijf jaar was het hard. We hadden te weinig geld. Maar we hebben de toestand kunnen keren. We hebben ons aanbod uitgebreid: we bieden nu ook toepassingen in de watertoevoer voor de steden, brandafweersystemen, drukregulatoren voor petroleuminstallaties. Door de jaren heen hebben we zelfs filialen kunnen oprichten in de hele wereld: China, Brazilië, Chili, Noord-Amerika, Europa.' Dankzij dat succesverhaal is Kibboets Evron een van de 90 kibboetsen (op een totaal van 260) die het systeem van solidariteit vrijwel intact hebben kunnen houden. 'Hoewel, vanaf deze maand voeren we nieuwe regels door', zegt Shalev. Hij was algemeen directeur van het bedrijf, vandaag is hij exportmanager. 'Tot nog toe verdienden de kibboetsleden die in het bedrijf werken allemaal evenveel. Tot en met maart kregen de secretaresse en ik hetzelfde loon - een uitkering die ik bereken op basis van de jaarlijkse inkomsten van de kibboets. Uit het bedrijf, maar ook uit onze kippenkwekerij en onze landbouwproducten. Het budget dekt de lonen, maar ook de kosten voor het onderwijs, de universiteit, de gezondheidszorg, de infrastructuur, de huur van de gronden en de investeringen in de huizen.' De opbrengsten van de bedrijven van de kibboets blijven voor de gemeenschap. Shalev: 'Maar de salarissen gaan we aanpassen aan de markttarieven. De kibboets zal nog altijd instaan voor het egaliseren van de uitkeringen. Wie minder verdient dan het minimumloon, krijgt het verschil van de kibboets. Wie werkonbekwaam is, wordt betaald door de kibboets. En universiteitsstudenten worden gefinancierd tot ze hun eerste diploma behalen. De solidariteit blijft zo goed als ongewijzigd. De grootste aanpassing zijn de loonsverschillen.' 'Hopelijk kan de ingreep de kibboets helpen overleven', zegt Ilana Hughes, human resources manager van het bedrijf en ook lid van de kibboets. 'Een leven erbuiten kan ik me niet meer voorstellen. Ik ben nog een van die kinderen die in de kibboetsen gescheiden leefden van hun ouders. We zagen mama en papa maar een paar uur per dag. Dan moesten we terug naar de kindervilla's. Ik herinner me ongelooflijke momenten van geluk, maar we zaten ook met diepe angsten. Ooit kwam het hele gezin om van een vrouw die in onze kibboets was opgegroeid: haar man en haar twee kinderen werden vermoord. Toen waren we doodsbang dat de terroristen door de ramen bij ons naar binnen zouden klauteren. We riepen om ma en pa, maar die kwamen niet. Gelukkig kunnen we nu weer in gezinnen leven.' 'De kibboetsen zijn te burgerlijk geworden', zegt Danny Dayan. 'Ze hebben hun idealen aan de kant gezet om zich in de liberale economie in te passen. Ze zijn bourgeois geworden. Wij leunen aan bij de pioniers van hun beweging, en we zijn niet van plan om onze idealen op te geven.' De Yesha Council wil de Westelijke Jordaanoever bezet houden. 'Het is een onderdeel van Gods plan om het land dat zich uitstrekt van de Middellandse Zee tot Mesopotamië aan de Joden terug te geven', klinkt het overtuigd. 'Onze nederzettingen zijn opgetrokken met de volle steun van Ariel Sharon', zegt Dayan. 'Ik wéét dat premier Olmert tijdens de verkiezingscampagne gezegd heeft dat hij de nederzettingen wil ontruimen. Maar ik denk niet dat hij het zal doen. Na de mislukte unilaterale terugtrekking uit de Gazastrook zal de regering haar lesje wel geleerd hebben. Gaza is één grote chaos geworden. Hoe dan ook, we zullen er alles aan doen om die beslissing tegen te gaan.' Lange tijd dacht ook de bevolking dat een bezetting een goede zaak was, al was het maar voor de veiligheid van het land. Maar het tij is gekeerd. Vandaag kan de Yesha Council met zijn overtuiging noch op de steun van het volk noch op die van de regering rekenen. Zeker, Ariel Sharon moedigde de Joden in de jaren zeventig (onder het premierschap van Menachem Begin, nvdr) inderdaad aan om steden, industrieparken en scholen op te trekken in de bezette Palestijnse gebieden, of dat nu private Palestijnse grond was of niet. 'Ga naar een heuvel en neem hem in', zei Sharon, en hij reikte er financiële steun voor uit. Maar sinds zijn aantreden als premier in 2001 heeft hij het geweer van schouder veranderd. Zonder enig overleg met de Palestijnen liet hij de Gazastrook ontruimen. Tegenover de Palestijnen bleken de Joden in Israël demografisch 'zwak'. Het aantal Palestijnen groeide veel sneller dan het aantal Joden. Volgens berekeningen die toen werden uitgevoerd, zouden de Joden tegen 2020 minder dan 46 procent van de totale bevolking uitmaken, gesteld dat Israël en de Palestijnse gebieden samen zouden horen. 'De Joodse staat Israël mag niet meer dan 20 procent niet-Joden bevatten', zei Olmert ooit tijdens een persconferentie - dat is Israël zonder de bezette gebieden. Sinds een paar jaar rijpt dan ook het idee om de grenzen van de Joodse staat duidelijk af te bakenen, los van de Palestijnen. Maar de maandenlange ononderbroken aanslagen aan beide kanten sluiten die optie nog altijd uit. 'De regering zal de Westelijke Jordaanoever nooit teruggeven', meent Danny Dayan. 'Als ze dat doet, verandert het gebied in een paar weken tijd in een fundamentalistisch bolwerk dat de hele regio zal destabiliseren. Olmert moet toch beter weten.' Het is gissen of Ehud Olmert uit een deel van de Westelijke Jordaanoever zal terugtrekken. Sommigen sluiten het niet uit. Ron Pundak, directeur van het Peres Center for Peace en lid van het onderhandelingsteam tijdens het Oslovredesproces (1993), ziet Olmert alvast in staat om het conflict aan te gaan en aan te dringen op een overeenkomst tegen eind 2008. Officieel is daarover echter nog niets gemeld. Het geweld tussen de twee partijen blijft voortduren, en is de laatste maanden nog geëscaleerd. Het aantal Qassamraketten vanuit de Gazastrook en de vergeldingsmaatregelen vanwege Israël waren de jongste maanden alvast niet te tellen. Ook sommige kibboetsen die gelegen zijn in de gevarenzone kregen al met aanslagen af te rekenen. In Kibboets Zikin, op 2,5 kilometer van de noordelijke grens met Gaza, dicht bij de stad Ashkelon, kwam twee weken geleden een Qassamraket neer. 'Tussen de stallen en de matrassenfabriek', zegt Mark Levy, een van de leden van de kibboets. 'We hadden het nochtans vrij goed. Ons economische systeem kent een mooi evenwicht. Maar sinds de aanvallen vanuit Gaza wordt onze kibboets in zijn bestaan bedreigd. Externe arbeiders blijven weg uit onze fabrieken, ze zijn te bang. En ook steeds meer klanten laten het afweten. Ze plaatsen hun bestellingen liever waar het veiliger is.' Alle huizen van de kibboets zijn ondertussen van betonnen kamers voorzien. Als het alarm loeit, kunnen de bewoners zich er verschuilen. 'Ik zie de toestand niet meteen verbeteren', zegt Marc Levy. 'De centrale regering noch Hamas heeft controle over de kleine splintergroepen die de raketten lanceren. Zolang daar geen verandering in komt, zal er niets veranderen. Ik heb de indruk dat de dynamiek van haat nog maar goed op gang is gekomen. Maar ik blijf hopen op een akkoord.' Ook de Yesha Council in Jeruzalem zou wel vrede willen, maar de raad gelooft er niet in. Op 6 maart 2008 vond een aanslag plaats in de rabbijnenschool Mercaz Harav in Jeruzalem, het ideologische laboratorium van de Yesha Council. Een Israëlisch-Arabische schutter opende het vuur in de bibliotheek. Er vielen acht doden. 'We proberen de strengst mogelijke veiligheidsmaatregelen op te leggen', klinkt het bij de Yesha Council. 'Maar wat kunnen we doen?' Voor de rabbijnen van de nederzettingen kunnen de maatregelen niet ver genoeg gaan. Dov Lior, de hoofdrabbijn van de Joodse nederzetting in Hebron en voorzitter van de rabbinale Yesharaad, vaardigde half maart een strenge wet uit. Die verbiedt Joden om huizen te verhuren aan Arabieren, én om Arabieren tewerk te stellen. 'Uit veiligheidsoverwegingen', heet het. Onaanvaardbaar? Discriminerend? Danny Dayan wordt even stil. 'Zo ver willen we niet gaan', zegt hij dan aarzelend. 'Maar we begrijpen de rabbijnen wel. Wij raden onze bewoners daarom aan om geen terroristen tewerk te stellen of te huisvesten. We zijn ons er uiteraard wel van bewust dat niet alle Arabieren terroristen zijn. Maar welke maatregelen kunnen we treffen? Terrorisme is hun belangrijkste tactiek. Wij moeten onze woonzones beveiligen.' In Kibboets Zikin weten ze alles van beveiliging. 'Gelukkig wonen we vlak bij het strand', zegt Marc Levy. 'Idyllisch, vonden we vroeger. Nu zijn we er blij mee omdat het de kans vergroot dat de raketten in het water belanden en niet op onze kibboets. Ons ideaal moet blijven voortbestaan.' Of ook de kolonisten van de Westelijke Jordaanoever in hun boosheid zullen kunnen volharden, is een andere vraag. In Israël valt niet veel te voorspellen. Bij Knack vindt u deze week een voordeelbon voor de dvd-collectie Simon Wiesenthal, een reeks van vijf documentaires: Genocide (1920-1945), Liberation (1945), The Long Way Home (1945-1948), In Search of Peace (1948-1967), en Unlikely Heroes. Twee daarvan zijn met een Oscar bekroond. De documentaires zijn ingesproken door Morgan Freeman, Whoopi Goldberg, Elizabeth Taylor, Sir Ben Kingsley, Orson Welles en anderen. Met de bon bij Knack kunt u deze dvd-box afhalen bij Standaard Boekhandel voor slechts 16,95 euro, in plaats van 50 euro.