Ook in conservatieve kringen werd Hans Eichel (SPD), minister-president van Hessen, een bekwaam bestuurder genoemd. Toch verloor zijn rood-groene coalitie zopas met klein verschil - 50.000 stemmen - de verkiezingen in de deelstaat. Voor de kiezers deed het er immers niet toe of Eichel nu goed of slecht had geboerd. De jonge CDU-uitdager Roland Koch was erin gelukt om de aandacht van de 4,2 miljoen kiezers naar heel andere dan de lokale thema's teoriënteren. Met de inzet van de grote middelen herleidde hij de verkiezingen tot een referendum over de "dubbelpas".
...

Ook in conservatieve kringen werd Hans Eichel (SPD), minister-president van Hessen, een bekwaam bestuurder genoemd. Toch verloor zijn rood-groene coalitie zopas met klein verschil - 50.000 stemmen - de verkiezingen in de deelstaat. Voor de kiezers deed het er immers niet toe of Eichel nu goed of slecht had geboerd. De jonge CDU-uitdager Roland Koch was erin gelukt om de aandacht van de 4,2 miljoen kiezers naar heel andere dan de lokale thema's teoriënteren. Met de inzet van de grote middelen herleidde hij de verkiezingen tot een referendum over de "dubbelpas". De federale regering heeft een wetsontwerp in de steigers dat buitenlanders de Duitse nationaliteit verleent zonder dat ze hun vroegere staatsburgerschap moeten opgeven. De Beierse Napoleon, CSU-voorzitter Edmund Stoiber, rook zijn kans en pakte vorige maand uit met een nationale petitie tegen het regeringsplan. De christen-democratische zusterpartij CDU werd gedwongen om mee te stappen en Koch plukte in Hessen de vruchten van deze bedenkelijke, populistische campagne. Terwijl niemand hem een schijn van kans gaf, kwam hij als groot triomfator uit de bus. Hoewel hij over weinig politieke ervaring beschikt, bewees hij dat hij de leer van Machiavelli al onder de knie heeft. Hij kneedde de vreemdelingenproblematiek tot het enige, relevante kiesthema en Eichel en de zijnen vonden geen repliek. Met de steun van de liberale FDP die de kiesdrempel van vijf procent net haalde, wordt Koch nu minister-president. Hessen is een relatief kleine deelstaat, maar de gevolgen van de lokale verkiezingen lieten zich onmiddellijk in Bonn voelen. De rood-groene coalitie van kanselier Gerhard Schröder, die zopas haar eerste honderd dagen vierde, was even groggy. SPD-voorzitter en minister van Financiën Oskar Lafontaine gromde iets over gebrekkig leiderschap en stond erop dat het wetsontwerp over de dubbelpas grondig geamendeerd werd. Schröder volgde hem meteen en pleitte voor een pragmatischer aanpak. Zijn kreet "Mehr Fischer, weniger Trittin" gaf in de media dadelijk voedsel aan geruchten over een mogelijke partnerruil. Zoals de Atomausstieg kwam ook de dubbele nationaliteit op uitdrukkelijke vraag van de groenen in het regeerakkoord. De SPD heeft het er moeilijk mee, want vindt het voorstel te controversieel. Ook in de eigen rangen, zo blijkt uit een recente enquête, kant een meerderheid zich tegen een veralgemeend dubbel staatsburgerschap. Overigens ook bij de PDS, de vroegere communisten, is 65 procent van de kiezers tegen het wetsontwerp. De verkiezingsnederlaag in Hessen viel voor rood-groen des te ongelegener omdat ze nu haar meerderheid in de Bundesrat (de Duitse Eerste Kamer) kwijtspeelde. Daarmee krijgt de centrum-rechtse oppositie de kans om de grote projecten van de regering te vertragen, zoniet onmogelijk te maken. DE ERFENIS VAN RICHARD WAGNERVoor de eerste honderd dagen verdient de regering-Schröder zeker geen schoonheidsprijs. Tussen rood en groen botste het herhaaldelijk en de coalitie onderscheidde zich door kunst- en vliegwerk. Vooral over de ecotaks en de afbouw van de kernenergie zaten de regeringspartners elkaar voortdurend in de haren. Onder druk van de nucleaire industrie, en ook van de Fransen, remde de SPD systematisch af. Door de verkiezingen in Hessen raakt nu ook de andere blikvanger van het regeerprogramma, de soepele nationaliteitsverwerving, in de verdrukking. Duitsland mag dan al een normaal land zijn, op dit thema reageert het land bijzonder emotioneel. In vele kringen is de Duitse nationaliteit nog altijd een bijna mythologisch begrip dat zich nauwelijks leent tot een rationele benadering. De romantiek, Richard Wagner en boekenkasten vol ranzige geschriften over het unieke van de onvolprezen Duitse identiteit, dito bloed en cultuur zitten daar voor veel tussen. Ze hypothekeren elk zakelijk debat. Daarnaast leeft natuurlijk de angst voor de vreemdeling en de multiculturele samenleving. Vorig jaar, tijdens de parlementsverkiezingen, hamerden CDU en CSU erop dat Duitsland geen migratieland mocht worden. Ze staken een agressief pleidooi af tegen een versoepeling van het asielbeleid en een vlottere verwerving van de Duitse nationaliteit. Vooral de CSU haalde fors uit. "Je kunt niet tegelijkertijd een loyale Duitser en een loyale Turk zijn. Je moet kiezen." Dat zinnetje sprak Theo Waigel tijdens de kiescampagne wel honderd keer uit en telkens leverde het hem enthousiast handgeklap op. Waigel, een van de meer bedaarde CSU-kopstukken, was toen nog voorzitter van de Beierse conservatieven. Ondertussen is hij uitgerangeerd en staat minister-president Stoiber, een leerling van Franz Josef Strauss, aan het hoofd van de partij. Dat staat borg voor een oppositie met de voorhamer. De grootschalige petitiecampagne tegen de dubbele nationaliteit, een idee van Stoiber, gold als een eerste voltreffer. Ze bracht de federale regering in moeilijkheden, maar ook zijn collega en concurrent, CDU-voorzitter Wolfgang Schäuble. Niet ten onrechte vreesde die dat vooral uiterstrechts bij de actie garen zou spinnen. Stoiber walste over die bezwaren heen en Schäuble moest door de knieën. Meteen werd duidelijk dat de leider van de oppositie niet in Bonn, maar wel in München kantoor houdt. Op dit ogenblik leven ruim zeven en een half miljoen vreemdelingen in Duitsland en als het wetsontwerp van minister van Binnenlandse Zaken Otto Schily (SPD) onverkort wordt aangenomen, zou ongeveer de helft daarvan een Duitse identiteitskaart kunnen krijgen. Vooral de 2,1 miljoen Turken hebben daar belang bij, want 1,3 miljoen komt dan in aanmerking voor de Duitse nationaliteit. Vreemdelingen die acht jaar rechtmatig in Duitsland verblijven worden, volgens het wetsontwerp, Duitser. Zo ook de achttienjarigen die vijf jaar in het land zijn. Migrantenkinderen die in Duitsland geboren worden, zouden automatisch een Duits paspoort ontvangen. Er is wel een voorwaarde: een van de ouders moet al sinds zijn of haar veertien jaar in Duitsland leven of er geboren zijn. Wezenlijk in het wetsontwerp is dat de Duitse nationaliteit niet langer aan het opgeven van de vroegere nationaliteit wordt gekoppeld. Het zou het einde van een Duits dogma met verre wortels in een duister verleden inluiden.HET JONGE GROEN VERGRIJSTEen deel van de Duitse politieke klasse heeft het nog altijd moeilijk om het jus sanguinis (bloedrecht) voor het moderne jus soli (bodemrecht) in te ruilen. In de conservatieve hoek heeft nationaliteit hoe dan ook met afstamming, dus met bloed, te maken. Ook Schäuble, behoudsgezind maar wel intelligent, "voelt" het zo aan. "Onze identiteit halen we niet uit de erkenning van bepaalde ideeën, wel uit onze verbondenheid tot een bepaald volk." Het is een reactie op de Franse benadering, die meer belang hecht aan het onderschrijven van de republikeinse waarden en het territorialiteitsprincipe. Fatsoenlijk rechts voert campagne tegen de dubbele nationaliteit; niet zozeer met abstracte rechtsnormen, dan wel met concrete cijfers. Onder meer over de werkgelegenheid, de sociale zekerheid die op een failliet dreigt af te stevenen en - hoe kan het anders? - de criminaliteitsstatistieken. In Hessen, een van de rijkste deelstaten van de Bondsrepubliek, leverde de angst van de bange burger de CDU 4,2 procentpunt winst op - goed voor 43,4 procent. Opmerkelijk was dat ze vooral vooruitgang boekte bij de arbeiders, de werklozen en de jongeren beneden de dertig jaar. SPD en groenen betaalden het gelag. De SPD ging nog wel 1,4 procentpunt vooruit, maar verloor ruim vijf procent bij haar traditionele achterban, arbeiders en werklozen. Een groot deel ervan verhuisde naar de christen-democraten, de anderen naar de uiterst-rechtse Republikaner. Ook viel het terreinverlies op van de groenen in het groene bastion Hessen, de thuishaven van Fischer en vroeger Dany Cohn-Bendit. Ze zakten van 11,2 naar 7,2 procent - een verlies van 100.000 stemmen - en zagen de jonge kiezers massaal afhaken. Bij de min-dertigjarigen speelden ze 11 procentpunten kwijt. Voor een partij die haar slagkracht traditioneel bij de jongeren haalt, is dat verontrustend. Als deze trend zich doorzet, wordt de groene partij binnenkort een verzameling grijze panters. Paul Goossens