De Amerikaanse psychiater Kay Redfield Jamison kreeg als arts en als patiënt te maken met manisch-depressiviteit en ze schreef een boek over haar ervaringen met die ziekte. Een gesprek met haar.

WANNEER iemand lijdt aan sterk wisselende stemmingen, terwijl er eigenlijk geen aanleiding is om zo ongeremd vrolijk of terneergeslagen te zijn, is er meestal sprake van manisch-depressiviteit. De ziekteverschijnselen zijn met een eenvoudig medicijn het zout lithium vrij gemakkelijk te onderdrukken. Maar lang niet elke patiënt is bereid zich te laten behandelen. Lithium onderdrukt namelijk niet alleen de explosies van manische energie, maar ook alle esprit van de geest. Sommigen zijn bovendien verslaafd aan de uitbarstingen van tomeloze creativiteit, waarmee de waan van de manie gepaard gaat. Ze nemen de diepe, vaak maandenlange depressie die erop volgt dan maar voor lief.

Toch is dat een gevaarlijke keuze. Want het verloop van manisch-depressiviteit is progressief en kan tot krankzinnigheid en de dood leiden. Veel zelfmoordenaars hebben een manisch-depressieve achtergrond.

De Amerikaanse psychiater Kay Redfield Jamison deed jarenlang onderzoek naar manisch-depressiviteit, onder andere bij kunstenaars. Haar belangstelling voor het onderwerp is echter niet alleen medisch. Jarenlang heeft zij met veel moeite het feit dat zij zelf aan de ziekte lijdt voor haar collega’s verborgen gehouden. Zij beschreef haar ziektegeschiedenis in ?De Onrustige Geest een leven met manisch-depressiviteit?.

KAY REDFIELD JAMISON : MD, zoals manisch-depressiviteit in het vakjargon heet, is in de Verenigde Staten pas sinds kort openlijk bespreekbaar. Na een standaardonderzoek kwam de inlichtingendienst FBI er achter dat een van de stafleden van president Bill Clinton al jarenlang in behandeling bleek te zijn voor manisch-depressiviteit. Onder andere presidenten zou dat een reden tot ontslag zijn geweest, maar Clinton heeft de man op zijn post gehandhaafd en hem zelfs aangemoedigd met zijn ziekte in de openbaarheid te treden. In de jaren zeventig en tachtig was dat wel anders. Toen wisten slechts mijn familieleden en naaste vrienden dat ik aan MD leed. Op de universiteit hield ik het zorgvuldig verborgen voor mijn collega’s, bang dat het mijn carrière zou schaden of zelfs mijn ontslag veroorzaken.

Maar daar slaagde u niet altijd in. In een manische fase kent de patiënt nauwelijks remmingen, schrijft u.

JAMISON : Toen ik net was aangenomen, was er een tuinfeest bij het hoofd van de faculteit waar ik werkte. Ik ging daar zeer uitdagend gekleed naar toe en praatte honderduit met iedereen. In mijn herinnering heb ik me daar kostelijk geamuseerd, maar het hoofd heeft me jaren later verteld dat ik zodanig overdreef dat hij toen al vermoedde dat ik manisch-depressief was. Waar ik echter het meest onder geleden heb zijn de koopbuien. In mijn eerste werkelijk ernstige manische waan heb ik voor meer dan dertigduizend dollar artikelen aangeschaft. Het merendeel daarvan bestond uit waardeloze rommel, bijvoorbeeld boeken waar ik inhoudelijk niets aan had, maar waar de kleur van de kaft me zeer beviel. Ik was destijds nog slechts assistent aan de universiteit en kon me dergelijke uitspattingen absoluut niet veroorloven. Als mijn broer, die als adviseur bij een bankinstelling werkt, me toen niet geholpen had, was ik persoonlijk failliet gegaan.

Die geldkwestie is een van de vervelendste uitvloeisels van de manie. Wanneer je weer bijkomt en in de onvermijdelijke depressie begint te raken, word je ineens geconfronteerd met talloze rekeningen en aanmaningen, terwijl je je meestal nauwelijks kunt herinneren waaraan je al dat geld hebt uitgegeven. Dat maakt je nog depressiever dan je al bent. Een creditcard is een ramp voor een MD-patiënt. Ik heb er dan ook al jaren geen meer.

Waarom herinnert de patiënt zich bijna niets van wat er tijdens de manie gebeurd is ?

JAMISON : In de manische waan gaan de gedachten steeds sneller. Het begint heel prettig, met een stemming waarin je denkt zoveel energie en creativiteit te hebben dat je alles aan kunt en voor een deel klopt dat ook. Kunstenaars die aan MD leden, presteerden vaak heel veel in de eerste fase van de manie. Daarom is het ook zo verleidelijk je te laten gaan. Daarna kom je echter in een stroomversnelling terecht. De gedachten buitelen over elkaar heen, niets wordt nog afgemaakt en je gedrag wordt steeds impulsiever. Je kunt jezelf letterlijk niet meer bijhouden, laat staan dat een ander daar toe in staat is. Je hebt geen grip meer op je brein. Gebeurtenissen en gedachten krijgen daardoor niet de tijd om in het zogenaamde korte geheugen te worden opgeslagen en komen dus ook niet in het eigenlijke geheugen terecht.

Vaak is het maar goed ook dat je je weinig van de manische waan kunt herinneren, zo beschamend is het. Ik heb een patiënte gehad die naakt het verkeer op Sunset Boulevard had staan regelen. Ze kon het niet geloven, tot ik haar het proces-verbaal, dat de politie erover had opgesteld, liet lezen.

Uw eerste manisch-depressieve aanvallen waren relatief mild. Moet een manische waan zich altijd ontwikkelen tot een psychose ?

JAMISON : In de praktijk blijkt dat wel het geval. MD ontwikkelt zich heel langzaam en komt meestal rond de volwassenheid tot uiting. De eerste keren dat je in een manische en depressieve fase terechtkomt, is er vaak nog geen sprake van een psychose, maar op den duur wordt vooral de manie zo ernstig dat je brein op hol slaat. Ik kan me mijn eerste hallucinatie nog goed herinneren. Ze was uitermate angstaanjagend en ik was er volledig door van de kaart. Wanneer de patiënt dan niet behandeld wordt, komt hij niet meer uit die psychose. Ik ken mensen die zich letterlijk doodgelopen hebben in een vergeefse poging de tomeloze energie die ze in zich voelden op te maken. Er gebeuren ook veel dodelijke ongelukken in een dergelijke stemming. En ook als de manie bedwongen is, moet de erop volgende depressie goed behandeld worden, anders kan die zo diep worden dat de patiënt geen andere uitweg ziet dan zelfmoord.

En toch weigeren patiënten aanvankelijk vaak lithium. Waarom ?

JAMISON : Lithium onderdrukt de stemmingen, maar doet dat soms heel drastisch. De patiënt heeft het idee dat hij in een grijze mist leeft en dat het leven heel saai is geworden. Het begin van een manie is daarentegen buitengewoon prettig, en daarom zelfs enigszins verslavend. Het gebruik van lithium kan ook tot gebrek aan eetlust en libido en tot concentratiestoornissen leiden. Ik las vroeger heel veel en heel snel, maar toen ik lithium ging nemen, moest ik me aanvankelijk door de bladzijden heen worstelen. Ik onthield gewoon niet wat er stond. Dat heb ik overwonnen door jeugdboeken te herlezen. Die kende ik vaak nog min of meer van buiten en zo kon ik me trainen in het lezen zonder dat beschamende gevoel een minuut later al niet meer te weten wat ik kort daarvoor gelezen had. Later heb ik, in overleg met mijn psychiater, zeer geleidelijk de dosis lithium verminderd, tot ik het punt bereikte waarop ik weer heel redelijk kon functioneren zonder dat ik het gevaar liep manisch te worden.

U weigerde eerst zelf ook lithium, terwijl u nota bene psychiater bent…

JAMISON : Ik weigerde vooral te erkennen dat ik ziek ben. Ik meende dat ik alleen maar een extreem gevoelige natuur had, tot ik niet langer om de waarheid heen kon. De weerstand tegen lithium kan echter ook zo groot zijn dat ze onoverkomelijk wordt. Ik beschrijf in het boek het tragische geval van een patiënt die voortdurend zijn pillen weggooide. Het was een briljante man wiens manische wanen hem een schitterende carrière en zijn gezin hebben gekost. Mijn collega’s en ik hebben alles gedaan om hem ervan te overtuigen dat hij lithium moest nemen, maar niets hielp. Hij deed het een tijdje en stopte er dan weer mee. Die man heeft uiteindelijk ook zelfmoord gepleegd.

Wat kan iemand die aan MD lijdt zelf doen om aanvallen te voorkomen ? Is lithium alleen genoeg ?

JAMISON : Onderzoek heeft aangetoond dat een geregeld leven van groot belang is. Hoe langer het geleden is dat je een aanval hebt gehad, hoe kleiner de kans dat je er in de nabije toekomst een krijgt. Als je acht uur slaap nodig hebt, zorg dan dat je die ook elke nacht hebt, want vooral gebrek aan slaap bevordert de manie. Elke aanval blijkt te worden voorafgegaan door een periode van slaapgebrek. Afgezien daarvan is overdadig alcoholgebruik schadelijk. Veel mensen passen alcohol toe als een soort zelfmedicatie, maar hoewel het in eerste instantie een depressie lijkt te temperen, blijkt ze deze uiteindelijk alleen maar te verergeren. Mijn vader probeerde vergeefs zijn depressies de baas te worden met drank. Hij werd er alleen maar alcoholist van.

Manisch-depressiviteit is erfelijk, schrijft u. Hoe groot is de kans dat een MD-patiënt een kind krijgt dat aan dezelfde ziekte lijdt ?

JAMISON : Die kans is vrij groot, zo’n vijfentwintig procent, vooral als beide ouders er aanleg toe hebben. En er zijn veel mensen die deze aanleg hebben. MD komt niet altijd aan de oppervlakte. Er zijn circa drie keer meer mensen die onder stemmingswisselingen lijden dan er officiële MD-patiënten zijn. De vader van Ernest Hemingway leed aan MD. Hij heeft zichzelf met een kogel van het leven beroofd, net als de schrijver zelf. Eén van de zonen van Hemingway lijdt op zijn beurt weer aan MD. Hemingway en zijn vader zijn zo tragisch aan hun einde gekomen omdat de ziekte grotendeels onbehandeld bleef.

Wanneer MD in een vroeg stadium wordt ontdekt, bijvoorbeeld bij een teenager, dan kan het uitbreken van wanen en depressies worden voorkomen. Zo’n persoon kan dan een normaal leven leiden een carrière maken, een gezin stichten zonder dat dit proces onderbroken wordt door desastreuze stemmingen. De schade die manisch-depressiviteit aanricht is groot en divers, van extreem geldgebrek en het verlies van vrienden en geliefden tot complete krankzinnigheid en zelfmoord. Ik heb als arts én als patiënt gezien wat MD aanricht als het onbehandeld blijft. Soms verlang ik hevig naar dat fantastische gevoel uit de eerste fase van de manie, naar de bubbels in de geest, maar ik weet wat er onvermijdelijk op volgt. Het leven mag dan wat saaier geworden zijn sinds ik lithium slik, het is ook heel wat minder uitputtend en minder gevaarlijk dan vroeger.

Jeroen Kuypers Piet de Moor

Kay Redfield Jamison, ?De Onrustige Geest een leven met manisch-depressiviteit? (uit het Amerikaans vertaald door Carla Benink), Uitgeverij Luitingh Sijthoff, 1996, 238 blz. 590 fr.

Depressies kunnen in een vroeg stadium voorkomen worden. Rechts : psychiater Kay Redfield Jamison.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

Partner Content