Het is elk jaar opnieuw een fascinerend gezicht: de najaarsvogeltrek. In één dag kun je ergens tienduizenden vogels zien passeren - zoals op 19 oktober op een telpost bij het Kijkverdriet in Ravels: meer dan twintigduizend vogels, waaronder veel kieviten, leeuweriken en vinken. Opvallend was een groep van 53 buizerds die samen naar het zuiden trokken.
...

Het is elk jaar opnieuw een fascinerend gezicht: de najaarsvogeltrek. In één dag kun je ergens tienduizenden vogels zien passeren - zoals op 19 oktober op een telpost bij het Kijkverdriet in Ravels: meer dan twintigduizend vogels, waaronder veel kieviten, leeuweriken en vinken. Opvallend was een groep van 53 buizerds die samen naar het zuiden trokken. De buizerds die bij ons overwinteren, zijn andere buizerds dan degene die hier broeden. Soms kun je dat mooi zien, als een afwijkend gekleurd exemplaar winter na winter op dezelfde weidepaal komt zitten maar in de zomer nergens te bespeuren valt. Onze buizerds vliegen vooral naar Frankrijk en worden vervangen door dieren uit Duitsland en Scandinavië. Helemaal interessant wordt het als er gemerkte dieren rondvliegen. Op 2 oktober werd een vogel met een vleugelvlag van een project in het Duitse Bielefeld gezien in het mooie Steentjesbos in Kampenhout - op 400 kilometer van de plaats waar hij op 14 juni was geringd. Het was de eerste keer dat het dier gespot werd nadat het zijn nest had verlaten. De ringer verbaasde zich erover dat de vogel zo snel zo'n grote afstand had afgelegd. Het dier is nadien niet meer in het Steentjesbos gezien, maar dat wil niet zeggen dat het niet meer in de buurt is. Zulke projecten, die steunen op de inbreng van een groot netwerk van amateurvogelkijkers, leveren soms boeiende wetenschappelijke inzichten op. Het werk met buizerds in Bielefeld leidde tot een publicatie in het vakblad Molecular Ecology, waarin wordt uitgelegd dat er een genetische basis is die bepaalt hoe vroeg vogels uit hun broedterritorium vertrekken. Het is al lang bekend dat trekvogels een soort interne klok hebben die mee stuurt wanneer ze vertrekken, maar de genetische basis daarvan is nog niet helemaal opgehelderd. Van alle gemerkte buizerds hebben de onderzoekers een bloedstaal, waarmee ze genetische analysen kunnen doen. Momenteel hebben ze drie genen in het vizier die mee bepalen hoe snel een vogel zijn geboortegebied verlaat, en hoe ver hij vliegt. Genen die een effect hebben op de moleculaire klok via een sturing van boodschappermoleculen in de hersenen die het trekgedrag beïnvloeden. De onderzoekers keken ook na of er een effect is van de variatie in het verenkleed van de dieren - buizerds kunnen in kleur variëren van heel licht tot donker. Maar er zijn nog geen verschillen in trekgedrag gevonden, wel in de mate van het broedsucces, waarbij gemiddeld gekleurde buizerds het er beter afbrengen dan de meer extreme varianten. Opvallen, het is niet altijd een voordeel. DOOR DIRK DRAULANS