Enkele maanden geleden verloor ik mijn dochter, amper 23 jaar, door zelfmoord. Zij voelde zich diep ongelukkig en zag geen andere uitweg dan uit het leven te stappen. De pijn, de wanhoop, het verdriet en het schuldgevoel na het verlies van mijn dochter zijn onbeschrijflijk en niet te vatten. Of euthanasie voor haar een oplossing zou zijn geweest, weet ik niet. Of euthanasie minder pijnlijk en confronterend zou zijn voor de familie en de ouders, we...

Enkele maanden geleden verloor ik mijn dochter, amper 23 jaar, door zelfmoord. Zij voelde zich diep ongelukkig en zag geen andere uitweg dan uit het leven te stappen. De pijn, de wanhoop, het verdriet en het schuldgevoel na het verlies van mijn dochter zijn onbeschrijflijk en niet te vatten. Of euthanasie voor haar een oplossing zou zijn geweest, weet ik niet. Of euthanasie minder pijnlijk en confronterend zou zijn voor de familie en de ouders, weet ik ook niet. Voor de buitenwereld en voor de voorstanders van de zelfgekozen dood zou dit misschien als een bevestiging kunnen dienen voor de goede werking van de euthanasiewet. Voor mij persoonlijk zou het geen wezenlijk verschil uitmaken: haar pijn en lijden zouden er niet minder om zijn geweest, net als mijn verdriet. Maar de stelling van emeritus professor en filosoof Etienne Vermeersch dat tegenstanders van euthanasie zich onder geen beding mogen bemoeien in het debat omdat zij 'niet weten wat lijden betekent' heeft me over de streep gehaald om hem van antwoord te dienen ('Er mogen geen vraagtekens meer bij worden gezet', Knack nr. 44). Zelf ben ik al vele jaren een fervent tegenstander van deze dodelijke wet, die door zijn dermate open normen (de zogenaamde strikte voorwaarden) op geen enkele manier kan worden gecontroleerd. Het ideale plaatje van een perfecte wet vertoont steeds meer barsten, zoals de recente ophef rond de wijze waarop psychisch kwetsbare personen al te makkelijk naar een 'waardige' uitweg worden geleid. Professor Vermeersch mag mij veel verwijten: dat ik christen ben, dat mijn afkeur voor het doden op verzoek gekleurd is door eigen levenservaringen, dat ik misschien niet altijd de juiste woorden vind om deze afwijzing ideologisch en juridisch sterk te onderbouwen, dat mijn visie - door het eindeloze verdriet - objectiviteit mist... Maar het feit dat ik niet zou weten wat lijden betekent, is voor mij bijzonder kwetsend en niet aanvaardbaar. Zowel de pijn en de wanhoop die mijn dochter als ondraaglijk lijden ervoer als de onpeilbare smart die een ouderhart in zo'n situatie moet ondergaan, wens ik niemand toe. Weten wat lijden betekent, is geen monopolie van voorstanders van de zelfgekozen dood, hoezeer het professor Vermeersch misschien zal verbazen.