Meer dan een op de tien ouderen in Vlaanderen heeft zó'n klein pensioen dat er nauwelijks geld overblijft voor de aankoop van een wasmachine of televisietoestel, een vlees- of vismaaltijd om de andere dag, of een weekje vakantie. Tegelijk behoren de Vlaamse ouderen tot de welvarendste van Europa. Die op het eerste gezicht tegensprekelijke vaststelling komt aan bod in een nieuw rapport van het interuniversitaire Consortium Vergrijzing in Vlaanderen en Europa (CoViVE). Het wordt op 5 maart voorgesteld in de Koninklijke Vlaamse Academie van België. Onder de titel Ouderen in Vlaanderen en Europa: tussen vermogen en afhankelijkheid bundelt het rapport recente bevindingen over onder meer de sociale participatie van ouderen, het zorgaanbod en de materiële levensomstandighed...

Meer dan een op de tien ouderen in Vlaanderen heeft zó'n klein pensioen dat er nauwelijks geld overblijft voor de aankoop van een wasmachine of televisietoestel, een vlees- of vismaaltijd om de andere dag, of een weekje vakantie. Tegelijk behoren de Vlaamse ouderen tot de welvarendste van Europa. Die op het eerste gezicht tegensprekelijke vaststelling komt aan bod in een nieuw rapport van het interuniversitaire Consortium Vergrijzing in Vlaanderen en Europa (CoViVE). Het wordt op 5 maart voorgesteld in de Koninklijke Vlaamse Academie van België. Onder de titel Ouderen in Vlaanderen en Europa: tussen vermogen en afhankelijkheid bundelt het rapport recente bevindingen over onder meer de sociale participatie van ouderen, het zorgaanbod en de materiële levensomstandigheden van ouderen. Door de hoogte van het wettelijk pensioen zitten ouderen steeds meer onder het algemene welvaartsniveau. Dat pensioen is maar gelijk aan een deel van het loon dat ze eerder verdienden, en het volgde in de afgelopen 30 jaar niet de stijging van de welvaart. De minimumpensioenen zijn laag: in het werknemersstelsel bedraagt het 937 euro per maand voor een alleenstaande en 1171 euro voor een gezin; in het stelsel van de zelfstandigen moet een alleenstaande het stellen met 830 euro en een gezin met 1103 euro. Daardoor heeft 29 procent van de Vlaamse ouderen een inkomen dat lager is dan de Europese armoedenorm (860 euro voor een alleenstaande en 1805 euro voor een gezin met twee kinderen). Dat cijfer voor Vlaanderen is vijf maal hoger dan bijvoorbeeld in Nederland. Vlaamse ouderen beschikken gemiddeld over 32 procent minder inkomen dan gezinnen op actieve leeftijd. In Nederland, Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk bijvoorbeeld is dat verschil slechts 10 procent. Ondanks die sombere gegevens slagen veel Vlaamse ouderen erin om een hoog welvaartspeil te behouden. Dat heeft mede te maken met het omvangrijke aanbod aan ouderenzorg, maar ook veel met het (on)roerend vermogen dat ze tijdens hun actieve loopbaan hebben opgebouwd: acht op de tien Vlaamse ouderen hebben een eigen woning, en qua financieel vermogen (spaargeld, aanvullend pensioensparen, geldbeleggingen) doen in Europa alleen de Zwitserse ouderen het beter. Maar niet alle Vlaamse ouderen beschikken over een dergelijk (financieel) vermogen: 12 procent is arm en kan zich op materieel vlak bitter weinig veroorloven. Het meest precair is de situatie voor oudere huurders met een laag inkomen. Het Vlaamse armoedecijfer voor ouderen is vergelijkbaar met Oostenrijk, Frankrijk, Duitsland en Finland, maar ligt meer dan dubbel zo hoog als in Luxemburg, Nederland, Denemarken en Zweden. 'Als de leefomstandigheden van ouderen in hoge mate afhangen van spaargeld en bezittingen, en niet van het wettelijk pensioen, dan krijgt de impact van echtscheidingen, werkloosheid, faillissementen, langdurige ziekten of financiële crisissen een onaangename echo op latere leeftijd', zo merken de Antwerpse sociologen Bea Cantillon, Stijn Lefebure en Karel Van den Bosch in een commentaar op. 'Een belangrijk aandachtspunt van het Vlaamse ouderenbeleid moet daarom zijn dat wordt vermeden dat mensen met een laag inkomen, die geen eigen vermogen hebben kunnen verwerven, in moeilijke levensomstandigheden terechtkomen.' Omdat de Belgische overheidsfinanciën weinig ruimte laten om de wettelijke pensioenen wezenlijk te verhogen, pleit het trio van het Centrum voor Sociaal Beleid Herman Deleeck ook voorzichtig voor meer Vlaamse bevoegdheden op het vlak van ouderenbeleid. 'De Vlaamse Gemeenschap heeft al veel bevoegdheden om de leefsituatie van ouderen positief te beïnvloeden en moet - zeker voor de meest zorgbehoevende ouderen - de toegankelijkheid en kwaliteit van diensten voor ouderen verder verkennen. Maar daarnaast dringt zich ook een debat op over de instrumenten die de Vlaamse overheid zou kunnen of moeten bezitten om de uitdagingen van de vergrijzing te beantwoorden.' INFO: www.covive.be DOOR PATRICK MARTENS