?Eenzaam lichaam? van Mark Insingel : een intieme en vooral confronterende spiegel.
...

?Eenzaam lichaam? van Mark Insingel : een intieme en vooral confronterende spiegel.?IK HEB BIJ KLARA gehuild, een paar keer heeft ze me helemaal in de war gezien, ik was in grote verlegenheid, ik heb me ook aangesteld tegenover haar en tegenover anderen waar zij bij was, zo erg dat ik er achteraf beschaamd over was. Alleen al deze dingen hebben tussen ons een intimiteit doen ontstaan die niet meer zou kunnen worden teniet gedaan, tenzij door voor te wenden dat ik zou veranderd zijn, dat het allemaal verkeerd begrepen is of dat ik wat geënsceneerd zou hebben. Privacy is tussen ons volkomen onbelangrijk geworden, maar als het ooit uit geraakt, zal ik het aanvoelen alsof de mijne geweld werd aangedaan, alsof ik met mijn onvolmaaktheden te kijk sta, vernederd en weerloos, terwijl zij vrijuit gaat.? Dit fragment zou zo uit het onnavolgbare essay ?De taal der verliefden? van Roland Barthes kunnen komen. Het boek waaruit wordt geciteerd, verdient evenzeer de cultstatus als dat van de Franse criticus. Het bevat zoveel wijsheid en banale praat over liefde en seks dat je moeiteloos uit elke bladzijde kunt citeren. Al is het even rijk en intiem als de ?Fragments d'un discours amoureux? van Barthes, toch wijkt ?Eenzaam lichaam? er sterk van af. Je kunt het boek immers ook lezen als een theatermonoloog of een liefdesroman : je volgt de verliefdheid, de begeerte, de jaloezie, de eerste kreuken in het laken van de liefde, de verwijdering en de scheiding. De man vertelt over Klara, zijn geliefde, en tussendoor ook over een vroegere kennis Lucie, die nog meer dan zijn vriendin het fantasme van het ongeremde, zinnelijke genot lijkt te belichamen. Op het einde ontmoet hij Lucie opnieuw en dit lijkt het begin van een nieuwe verliefdheid. ?Eenzaam lichaam? gaat over de liefde, maar en dat is een fundamenteler verschil met Barthes evenzeer over het ouder worden. Op 121 pagina's weeft de auteur door de liefdesrelatie een tweede, even diepgaand verhaal : dat van zijn ouders die oud en ongelukkig op hun dood lijken te wachten. Dit verhaal bevat schrijnende portretten van de vader en enkele andere familieleden. HOND.Maar ?Eenzaam lichaam? is ook een zelfportret van een kwetsbare, overgevoelige verteller, met zijn remmingen en complexen, zijn fanatisme en verbeeldingen. Zo herkenbaar en toch zo intiem dat het een confronterende spiegel wordt. Wie heeft er bijvoorbeeld geen spijt van wat hij in zijn kindertijd verzuimd heeft te doen ? Die kindertijd is een tijd van lichamelijke taboes, maar ook van de eerste doorbreking van die taboes. De auteur geeft dit weer in een prachtig ingehouden fragment. ?Ik had een hond. Een jongen met een hond was een vertrouwd beeld, iedereen vond dat gewoon, bij vele mensen wekte het sympathie, niemand stelde zich daar vragen bij. Met een hond, ook een kat, kon je doen wat meestal ondenkbaar of vies was als je het zou doen met vriendjes, met je moeder, in alle geval met jezelf. Knuffelen, aaien en liefkozen, omhelzen en je laten likken, stoeien, alle vormen van aanraking, ontdekking en onderwerping, zoals het je uitkomt, zoals het je door lust of fantasie wordt ingegeven, met een dier kon het haast allemaal gebeuren terwijl anderen vriendelijk toekeken, alsof ze niet herkenden wat zich onder hun ogen afspeelde, alsof het niet datzelfde was dat, in andere omstandigheden, ongemakkelijk maakte, het schaamrood naar de wangen joeg, banvloeken uitlokte, verbijstering wekte.? ?Eenzaam lichaam? is echter vooral een boek over het lichaam, dat voor de verteller kwetsbaarder is dan de geest. Door het lichaam heen beleeft de mens alles : zijn eenzaamheid, zijn genot, zijn doodsangst. In het eenzaam lichaam komen liefde en ouderdom samen. Eenzaam is het lichaam op de ogenblikken dat de geliefde er niet is of het genot voorbij is, eenzaam is het lichaam als het oud en versleten is. ?Oud zijn wil zeggen : bij het raam zitten.? De verteller wordt zich door een korte afwezigheid van de geliefde bewust van zijn doodsangst en trekt zich daarna meer en meer terug uit zijn liefdesrelatie. Heel subtiel en pijnlijk wordt de verwijdering weer door het lichaam geregistreerd : ?In bed nam ze me wel om zo te zeggen het werk uit handen, al vlug begon ze me af te zuigen, terwijl ik het lag aan te zien en tevergeefs naar iets opwindends aan haar lichaam zocht, kwam ik klaar, ze slikte alles door, geduldig en zorgvuldig, ze likte het schoon, glimlachte, kwam in mijn armen liggen (...), we keuvelden, het was vertrouwd, zelfs aangenaam, ik hield alleen mijn hoofd licht afgewend, ik verdroeg haar adem niet meer.? VOELHOORN.?Eenzaam lichaam? is helemaal geschreven in dergelijke zuivere, onopgesmukte taal, die ook de poëzie van de auteur zo kenmerkt : ?om niet afgewezen te worden konden we in een uiterste geval nog afwijzen?. Nooit vervalt hij in een vrijblijvend woordspel, altijd beschikt hij over een speciale voelhoorn voor de taal waarin de verknechting, het plichtsgevoel en de klassenverschillen naar boven komen. De auteur verloochent hier ook niet zijn ideologisch wantrouwen in het conventionele verhaal : hij blijft fragmentarisch en associatief schrijven zoals in vroeger werk. Het verhaal loopt voort via emoties, gedachten en gesprekken, niet zozeer via gebeurtenissen. Toch zit er een duidelijke lijn in het boek en een verrassende eerlijkheid die het een haast autobiografisch karakter geeft. Het getuigt van zo'n doorgedreven verinnerlijking en bij momenten van zo'n bizarre droomverbeelding, dat zelfs als je niet zou weten dat Maurice Gilliams één van de grote voorbeelden van de auteur was, je toch aan hem zou denken. Maar dan wel aan een mentor die tevreden constateert dat zijn geestelijke zoon op zijn eigen manier zijn evenknie is geworden. ?Eenzaam lichaam? is geschreven door een auteur die een bepaalde reputatie heeft, tegen wiens werk tal van vooroordelen bestaan omdat hij ooit zoals zovelen van zijn generatie zoals de jongste Staatsprijswinnaar Leo Pleysier als een experimenteel schrijver is begonnen. Maar dit boek bewijst nog maar eens dat zo'n lange, solitaire weg de moeite loont. zijn auteursnaam : Mark Insingel. Vergeet desnoods zijn naam, lees traag zijn boek. Hans Vandevoorde Mark Insingel, ?Eenzaam lichaam?, In de Knipscheer, Amsterdam, 121 blz.