De Waalse minister van Economie Serge Kubla (MR) lijkt wel een zakenbankier. Hij heeft twee grote bedrijven te koop. De Groupe Herstal en Val-St.-Lambert, beide relicten uit de glorietijd van de Waalse industriële geschiedenis. De wapenfabriek, de vroegere Fabrique Nationale d'Armes de Guerre, kreeg Kubla aan niemand verkocht. Maar nu Nepal 25 miljoen euro neertelt voor 5500 Minimi-mitrailleurs en de Belgische (en straks ook buitenlandse) politie P-90's gaat aankopen, is de internationale belangstelling plotseling toegenomen.
...

De Waalse minister van Economie Serge Kubla (MR) lijkt wel een zakenbankier. Hij heeft twee grote bedrijven te koop. De Groupe Herstal en Val-St.-Lambert, beide relicten uit de glorietijd van de Waalse industriële geschiedenis. De wapenfabriek, de vroegere Fabrique Nationale d'Armes de Guerre, kreeg Kubla aan niemand verkocht. Maar nu Nepal 25 miljoen euro neertelt voor 5500 Minimi-mitrailleurs en de Belgische (en straks ook buitenlandse) politie P-90's gaat aankopen, is de internationale belangstelling plotseling toegenomen. Voor de kristalfabriek in Seraing, sinds vrijdag failliet, is er minder hoop op heropstanding. Kristal (glas + lood) is uit de mode. De vaas of asbak van de Val is al lang niet meer het verplichte huwelijksgeschenk. Op de markt verliest het dure kristal de concurrentie tegen het glaswerk uit de lagelonenlanden. En Seraing zag zijn Amerikaanse markt, goed voor de helft van de omzet, in mekaar storten - na 11 september natuurlijk, het excuus voor alle economische onheil. Val-St.-Lambert is geen partij meer voor die moeilijke commercie. Het in 1826 in de cisterciënzerabdij opgerichte bedrijf had ooit 6000 glasblazers in dienst en was over de hele wereld bekend. Nu stelt het ondergekapitaliseerde bedrijf nog 70 mensen te- werk en lijdt het maandelijks een verlies van 150.000 euro. Dertig jaar al bereidt Val-St.-Lambert zich op die roemloze dood voor. Met hét standaardscenario in Wallonië, dat ook de kolen en staal en zelfs FN hebben moeten volgen. De Société Générale de Belgique schept het vet van de soep, denkt niet aan omschakelingsinvesteringen of vervangende werkgelegenheid, schrapt het boeltje uit zijn rekeningen en laat het sociaal passief aan de overheid. Zo werd Val-St.-Lambert begin de jaren zeventig van de vorige eeuw een staatsbedrijf. Sedertdien brokkelde het verder af, winst maken was er niet meer bij. Ook niet in de acht optimistische jaren (1988-1996) dat de Kortrijkse 'manager van het jaar' Patrick Depuydt er zijn Latijn in stak. In handen van die bedrijvendokter gingen wel meer patiënten dood. Zijn weduwe houdt er het pronkstuk van de kristalfabriek aan over, de twee meter hoge Vaas der Negen Provinciën, 600.000 euro waard. Midden de jaren zeventig ging Val-St.-Lambert al eens failliet, twintig jaar later in vereffening. Na het nieuwe faillissement - vroeger gekomen dan gepland, nadat de banken de kredietkranen hadden dichtgedraaid - is het Waalse Gewest niet van plan vers geld in de redding van het bedrijf te stoppen. Die industriële archeologie heeft de Waalse belastingbetaler al 25 miljoen euro gekost. Maar minister Kubla blijft optimistisch. Dankzij het faillissement is Val-St.-Lambert interessanter en goedkoper voor kandidaat-overnemers, zij hoeven de schulden en het sociaal passief niet mee te kopen. Kandidaten die één euro (plus nieuwe investeringen uiteraard) willen neertellen voor de kristalfabriek zijn er voorlopig niet. De Portugese glasmagnaat Duar- te Rapso de Magalhaes moest afhaken omdat zijn partner, de likeurgigant Martini-Rossi zelf enige problemen kreeg. Vastgoedspeculanten azen op het terrein van 55 hectare, om er een woon- en toeristisch complex op te trekken - het bestuur van Seraing ziet dat best zitten. Serge Kubla opent de poort: Val-St.-Lambert kan nog een nichebedrijf worden, maar nooit meer een industriële onderneming. Met andere woorden, een museumfabriek, wat het in feite al dertig jaar is. Guido Despiegelaere