De modieuze spionageserie "The Avengers" gooide in de jaren zestig overal hoge ogen, ook bij ons. Vooral in Wallonië waren de avonturen van John Steed ( Patrick Macnee) en Emma Peel ( Diana Rigg) immens populair. En in die pre-kabel jaren keken ook veel Vlamingen naar de Frans gedubde versie "Chapeau melon et bottes de cuir."
...

De modieuze spionageserie "The Avengers" gooide in de jaren zestig overal hoge ogen, ook bij ons. Vooral in Wallonië waren de avonturen van John Steed ( Patrick Macnee) en Emma Peel ( Diana Rigg) immens populair. En in die pre-kabel jaren keken ook veel Vlamingen naar de Frans gedubde versie "Chapeau melon et bottes de cuir." De Hollywoodversie met Ralph Fiennes, Uma Thurman en Sean Connery neemt veel eigenaardigheden over die de charme van het feuilleton vormden, maar opgeblazen tot het grote doek, schieten ze nu hun doel voorbij. De Londense straten liggen er altijd verlaten bij. De spionage-avonturen spelen zich af in een kennelijk ontvolkt Engeland, waar elk decor een iconografische waarde krijgt: van de rode telefooncellen en de Big Ben tot de Schotse heuvels en kastelen. De leegte en het tot object maken van mensen en ruimten gaf aan de serie een psychedelische popart kwaliteit. De film daarentegen is visueel, vestimentair en architecturaal een allegaartje van rustiek, mod, postmodern, sixties nostalgie en hightech (in één van de mislukte actiescènes komt de Lloyd's Building van Richard Rogers ruim aan bod). Afzonderlijk genomen hebben decor, kostuums, locaties en futuristische snufjes stijl zat, maar het is niet omdat je een Jaguar E-Type in beeld brengt dat daarmee ook de film vorm krijgt. Daarvoor is enige mise-en-scène vereist, een begrip waar de Canadese regisseur Jeremiah Chechik ("Diabolique" onzaliger gedachtenis) klaarblijkelijk nog nooit van gehoord heeft. Net als de hele film vinden de hoofdrolspelers nooit de juiste toon. Welke toon de makers precies voor ogen hadden, blijft trouwens een raadsel: parodie, persiflage, pastiche, camp, ironie? "The Avengers" is ongeveer even gevat, sprankelend en lichtvoetig als de pirouette van een nijlpaard.LEVENSGROTE TEDDYBERENRalph Fiennes is een regelrechte ramp als John Steed. Macnee was geen groot acteur, maar hij had het flegma en het krachtdadig galante voorkomen dat voor de rol was vereist. De even bleke als fletse Fiennes loopt als een slappeling door de film, bang dat de explosies, special effects, gadgets, afrekeningen en achtervolgingen zijn Savile Row maatpakken zullen scheuren. Ofschoon ze zeker Diana Rigg niet kan doen vergeten, is Uma Thurman minder miscast. Ze voelt zich zelfs duidelijk in haar nopjes in haar sexy, gladde outfits. Het vervelende is dat ze nauwelijk reëler lijkt als de échte Mrs.Peel dan als haar robotachtige dubbelgangster. Beide sterren lopen er zo afwezig bij, dat het voortdurend lijkt alsof ze zich in de Pinewood studio's van set vergist hebben. Die allure van "je ziet me wel maar toch ben ik er niet" zou meer passen in een opvoering van Beckett dan in een pretfilm van 60 miljoen dollar. Er zijn nog wel andere zaken die meer uitstaans hebben met absurd theater voor gevorderden dan met gestroomlijnd entertainment voor de massa. Zoals die surrealistische taferelen van een conferentie met levensgrote teddyberen, of Fiennes die een gesprek voert met een pijp die toebehoort aan een onzichtbare agent (een louter vocale cameo van Macnee). En wat gedacht van die horde metalen insecten die de auto van de helden bestookt? Het lijkt wel een parodie van een slechte James Bond-parodie. Regelrecht dadaïstisch - ongewild uiteraard - is de incompetentie van de regisseur om op een begrijpelijke, overzichtelijke en steekhoudende manier iets te vertellen. Uiteindelijk is het niet de humor die absurd is in "The Avengers" als wel de stunteligheid. Om het zaakje te redden, werd na desastreuze previews de film duchtig ingekort tot er nauwelijks 90 minuten overbleven. Al dat snoeien maakte het allicht nog stukken incoherenter. En Sean Connery als de aartsschurk van dienst die het eiland met meteorologische rampen wil bestoken? De Grote Schot doet wat hij meestal doet in hopeloze gevallen (herinner u ook "Highlander 2"): take the money and run. De producerende filmmaatschappij Warner Bros had waarschijnlijk liefst hetzelfde gedaan. Maar ondanks pogingen om de schade te beperken (eerst in de montagekamer, later door de film zo lang mogelijk voor de pers verborgen te houden), flopte "The Avengers" in de Amerikaanse bioscoop. Voor Warner een flinke opdoffer. Want met zulke bedroevende resultaten plus de spot en hoon in de media, zit het verder uitmelken van de tv-reeks tot een lucratieve bioscoopserie er zeker niet in. En dat was precies waar de jarige studio behoefte aan had nu de andere vaste franchises het laten afweten: de "Batman"-films zijn te duur voor wat ze opbrengen; Mel Gibson krijgt voor de "Lethal Weapon" afleveringen een te groot winstpercentage; vaste waarde Clint Eastwood is zijn publiek aan het verliezen. Insiders voorspellen nu al een managementscrisis bij Warner Brothers, de studio die bekend staat als de meest stabiele in Hollywood, waar het team van Bob Daly en Terry Semel al achttien jaar de filmproductie runt. Daar zou een mismaakte Britse komedie over een stijve Engelsman met een bolhoed wel eens verandering kunnen in brengen. Patrick Duynslaegher