Om minister van Defensie André Flahaut (PS) tot spoed aan te zetten, hoeft premier Guy Verhofstadt (VLD) slechts de Lambermontstraat, waar zijn ambtswoning staat, over te steken. De twee zijn buren. Wekenlang zat de eerste minister Flahaut achter zijn veren, omdat er blijkbaar geen schot in de legerhervorming en het plan op middellange termijn (PMT) van de krijgsmacht kwam. Na veel telefoontjes tussen de twee kabinetten, overhandigde Flahaut maandagochtend eindelijk het langverwachte document aan Verhofstadt. Tenzij het scenario op het laatste ogenblik nog verandert, zullen de kamerleden van de meerderheid van de commissie Defensie over de 62 pagina's van gedachten wisselen, waarna de regering vervolgens de beslissingen kan nemen.
...

Om minister van Defensie André Flahaut (PS) tot spoed aan te zetten, hoeft premier Guy Verhofstadt (VLD) slechts de Lambermontstraat, waar zijn ambtswoning staat, over te steken. De twee zijn buren. Wekenlang zat de eerste minister Flahaut achter zijn veren, omdat er blijkbaar geen schot in de legerhervorming en het plan op middellange termijn (PMT) van de krijgsmacht kwam. Na veel telefoontjes tussen de twee kabinetten, overhandigde Flahaut maandagochtend eindelijk het langverwachte document aan Verhofstadt. Tenzij het scenario op het laatste ogenblik nog verandert, zullen de kamerleden van de meerderheid van de commissie Defensie over de 62 pagina's van gedachten wisselen, waarna de regering vervolgens de beslissingen kan nemen. Voor het zover is, zal Flahaut zijn tekst op veel punten grondig moeten amenderen. De minister beseft dat hij zich in een mijnenveld bevindt en leverde een sneuveltekst af. "Tijdens het formatieberaad is over Landsverdediging niet gepraat en het regeerakkoord zegt er nauwelijks iets over. Aan gespreksstof zal er bijgevolg geen tekort zijn." Flahaut maakte een tekst die het midden houdt tussen een mooie intentieverklaring en een vaag beleidsplan. Alle coalitiepartners zullen er wel iets in vinden wat hen kan plezieren, maar na lectuur zal vrijwel iedereen onbevredigd achterblijven. Ondanks het vele papier hield Flahaut zich ver van gedurfde standpunten en erg concrete voorstellen. En als de omstreden dossiers - zoals de vervanging van de F-16's - aan bod komen, moet men de opinie van de minister vooral tussen de lijnen lezen. Flahaut mag tegenwind verwachten. De groenen zullen zich eraan storen dat hij niets over de denuclearisering van de NAVO vertelt en de deur voor de Joint Strike Fighter (JSF) openzet. De VLD, die in deze materie op de belangstelling en steun van de premier kan rekenen, zal Flahaut ongetwijfeld een gebrek aan durf en ambitie aanwrijven. De minister gaat minder ver dan de hervorming die defensiespecialist Stef Goris (VLD) vorig jaar uittekende. De PRL en zeker de PS zullen het Flahaut wellicht niet moeilijk maken. Heel anders ligt het dan weer bij de Generale Staf. Die voelt de bui al hangen. Ondanks de toezegging van Flahaut dat "een nieuwe legerhervorming niet aangewezen lijkt", is er voor de militaire top reden tot verontrusting. Beter dan om het even wie beseft ze dat drastische hervormingen onafwendbaar zijn indien de vergrendeling van het defensiebudget niet springt. En hoewel Flahaut geen cijfers geeft, laat hij er geen twijfel over bestaan dat alleen de indexatie van het budget bespreekbaar is. Om het tij te doen keren, greep de stafchef van het leger, vice-admiraal Willy Herteleer, naar de grote middelen. In Televox, de uitzending voor derden van het leger, zette hij de regering met de rug tegen de muur. Als de krijgsmacht bovenop de indexatie geen tien procent méér krijgt, gaat het leger ofwel failliet ofwel moeten er zowat zesduizend militairen vertrekken.LEGERTOP SCHIET MET SCHERPHerteleer, wiens mandaat in september vorig jaar met drie jaar is verlengd, had zijn slag goed voorbereid. In onvervalste Oost-Europese stijl beantwoordde de vice-admiraal 'getelefoneerde' vragen van een zorgvuldig geselecteerd publiek, militairen en/of hun echtgenotes, alsook twee bevriende journalisten van De Standaard en Gazet van Antwerpen. Aangezien de uitzending vooraf was opgenomen en er probleemloos kon worden geknipt, had de babbel van Herteleer veel weg van een alternatieve regeringsmededeling. Voor de oppositie is het nummer van Herteleer een geschenk. Gezien de meningsverschillen tussen de coalitiepartners krijgt de regering het moeilijk om het dilemma waarmee Herteleer ze confronteert te ontzenuwen. De regering wil niet weten van meer geld en wil evenmin van vele duizenden gouden handdrukken horen. Op vraag van de regeringstop werd Herteleer door Flahaut al gekapitteld, zodat een open conflict tussen het kabinet en de legertop dreigt. Die laatste vindt dat ze de laatste jaren budgettair onheus is behandeld en dat een inhaalbeweging zich opdringt. Dat de generale staf zo fel van zich afbijt, heeft niet alleen met de budgettaire onwil van de regering te maken, maar ook met dissidente stromingen bij het officierenkorps. Niet iedereen volgt er Herteleer, die niet van taakspecialisatie wil weten en een vergaande integratie van de commandostructuren afhoudt. Uitgerekend met die jongere generatie officieren onderhoudt een deel van de politieke wereld goede contacten en wisselt ze zeer vertrouwelijke nota's uit. De plotselinge assertiviteit van la grande muette komt Flahaut niet echt ongelegen. Ze kan zijn argumentatie versterken om vooral niet te vlug te gaan en geen 'nieuw klimaat van onzekerheid' in de krijgsmacht te scheppen. Daarnaast spoort de onzekere internationale context - vooral de discussie over het Europese leger - de minister tot omzichtigheid aan. In de conclusies van zijn document waarschuwt hij de meerderheidspartijen voor al te voortvarende beslissingen, zeker inzake uitrustingen. "Wij moeten er vanaf vandaag over waken dat we geen standpunten innemen die ons isoleren." Ook die diplomatische formulering is een verdoken pleidooi om België in het JSF-programma te loodsen. In de marge van Europese- en NAVO-ministerraden overlegde Flahaut met zowat al zijn EU-collega's. Tijdens die gesprekken hoorde de minister veel over convergentiecriteria inzake landsverdediging praten. Flahaut is daarvoor gewonnen, omdat "in een geïntegreerd Europa elke lidstaat een gelijkwaardige inspanning voor defensie moet leveren". Met dat standpunt komt Flahaut heel dicht in de buurt van Herteleer & Co. en riskeert hij een aanvaring met de coalitiepartners, die het defensiebudget verder willen bevriezen, zoniet verminderen. Ook de oorlog in Kosovo komt aan bod. In navolging van de officiële NAVO-doctrine verdedigt Flahaut in militaire zaken een grotere Europese inspanning. Zeker in België, dat in 1998 1,1 procent van het binnenlands product aan defensie besteedde, is dat noodzakelijk. "Het is duidelijk dat in het kader van de Europese politiek vanwege België een inhaalbeweging wordt verwacht en dat elke evolutie in tegengestelde zin niet coherent zou zijn. Ook al omdat België de ambitie heeft opnieuw een modelstaat te worden."BREUK IN DEFENSIEBELEIDHoewel Flahaut nieuw is op Defensie, is hij al lang genoeg in de politiek bedrijvig om te weten dat hij een portefeuille met hoog risicogehalte beheert. Ook Guy Coëme is op een blauwe maandag door de Keizerslaan op Defensie gedropt en vervolgens gedumpt. De minister nam dus ruimschoots de tijd om zijn nota op papier te zetten en was bijna dagelijks op 'het terrein', omdat hij de polsslag van de strijdmacht wilde voelen. Als de redactie van de tekst zoveel tijd in beslag nam, was het omdat Flahaut zelf en niet de legertop de pen vasthield. De minister legt dus ongewone accenten. Zo wijdt hij een heel hoofdstuk aan de bijdrage die het leger aan de kwaliteit van het leven en de duurzame ontwikkeling moet leveren. Af en toe lijkt het wel of de strijdmacht vooral uit groene militanten bestaat. Er bestaat al een hoge raad voor het leefmilieu en binnenkort komt er een milieustructuur bij de generale staf. Bijzonder veel aandacht gaat naar het menselijke kapitaal, dat Flahaut de eerste rijkdom van het leger noemt. Belangrijk is dat de minister de getalsterkte (circa 47.000 militairen en burgers) niet wil verminderen. Wel moet er dringend aan de veroudering van de militaire kaders worden gesleuteld en dat zal geld kosten. De overtallige onderofficieren moeten vertrekken en het beroep van militair moet financieel aantrekkelijker worden. In de toekomst wil Flahaut vooral in de sterke 'producten' van het leger investeren: de ontmijning op zee en te land, de gepantserde verkenningsvoertuigen (CVRT's) en het luchttransport. Voor de minister is het een uitgemaakte zaak dat de C-130's na 2010 door nieuwe tuigen (wellicht Airbus) worden vervangen. En ondanks zijn voorzichtig pleidooi voor specialisatie valt het op dat Flahaut nergens taken afstoot. Volgens de beleidsman vraagt de Alliantie met aandrang dat de luchtmachtcomponent niet meer progressief wordt afgebouwd. "De NAVO verwacht dat de Belgische luchtmacht - zoals die van Nederland, Noorwegen en Denemarken - op een volwaardige en interoperabele wijze aan opdrachten zoals die in Kosovo kunnen deelnemen." Of, in mensentaal: ja tegen de JSF. Ook de landmacht moet, wat Flahaut betreft, grotendeels blijven wat ze is. "Het is essentieel", zo schrijft de minister, "de capaciteit te behouden om krachtig naar een oorlogsvoetstructuur te kunnen evolueren." Maar ondanks de zalvende woorden twijfelt Flahaut er niet aan dat de landmacht keuzes moet maken. "De marge voor investeringen die de volgende jaren vrijkomt, laat de landmacht niet toe de huidige verbintenissen na te komen. Dit betekent een breuk in de huidige defensiepolitiek van België." Of de Leopardtanks, de houwitsers en anti-tankwapens moeten worden vernieuwd dan wel opgedoekt, vertelt de minister er niet bij.Paul Goossens