Found footage, heet het in de wereld van cineasten en reportagemakers. Bestaand en al dan niet toevallig gevonden beeldmateriaal dat wordt geïntegreerd binnen een documentair programma of een fictiefilm. Een geschreven equivalent voor dit type basismateriaal, een texte trouvé, vormt het uitgangspunt van de Toneelhuisproductie Drie Monologen. In een van de rondas, ramblas of kronkelige binnenstraten van de Catalaanse hoofdstad vond regisseur Goele Derick een beduimeld schrift met de dagboeknotities van Montse Mejias Alcina, een weduwe die uit n...

Found footage, heet het in de wereld van cineasten en reportagemakers. Bestaand en al dan niet toevallig gevonden beeldmateriaal dat wordt geïntegreerd binnen een documentair programma of een fictiefilm. Een geschreven equivalent voor dit type basismateriaal, een texte trouvé, vormt het uitgangspunt van de Toneelhuisproductie Drie Monologen. In een van de rondas, ramblas of kronkelige binnenstraten van de Catalaanse hoofdstad vond regisseur Goele Derick een beduimeld schrift met de dagboeknotities van Montse Mejias Alcina, een weduwe die uit nooddruft en in afwachting van een weduwenpensioen de nodige fondsen bijeenschraapt door het oudste beroep ter wereld uit te oefenen. Haar aantekeningen werden door Bruno Mistiaen omgezet in een monoloog en aangevuld met twee extra "feminiene" vertellingen respectievelijk gebaseerd op de roman Un souvenir indecent van Augustina Izquierdo en de historische roman Les Tablettes de Buis d'Apropnenia Avitia van Pascal Quignard. Niemand weet wie Montse is, heet het, en dat wordt in de loop van de voorstelling ook nooit duidelijk. Ze blijft een soort vage afschaduwing van wat een volwaardig personage zou moeten zijn. Een zeurderige en afgeleefde vrouw van middelbare leeftijd, hier vertolkt door ex-KNS actrice Camilia Blereau, wier dagen bestaan uit een reeks non-events. Het grillige weer, het wispelturige schoothondje en een occasionele religieuze feestdag bepalen ritme en koers van haar leven. Haar relaas is dan ook monotoon, repetitief en lijdt onder een gebrek aan substantiële inhoud. Elena, vrouw II die zich in het Barcelona van eind de jaren twintig ophoudt, heeft het over een tragische amourette. Zij, een krachtdadige Fania Sorel, test en onderwerpt haar minnaar met perverse spelletjes maar moet ten slotte zelf het onderspit delven. Sluitstuk is de karaktersolo van Chris Lomme in de rol van de Romeinse patriciërsvrouw Apronenia, die alles in het teken stelt van genot en geneugten. Ondanks de ijzersterke prestatie van Lomme houdt ook dit deel niet stand. Haar gesproken journaal is een al te vrijblijvende combinatie van bijeengesprokkelde anekdotes en impressies. Een voorstelling. Twee plaatsen. Drie tijden. Drie Monologen, leest de kop bovenaan de brochure, en die kale zinnetjes zijn helaas veelzeggend. Veel meer dan een losse aaneenschakeling van drie keer een "alleenspraak", autobiografische verhalen over mislukking, onbehagen en een schimmige vorm van onderhuids verdriet, is er niet te zien. Er is een minimum aan thematische coherentie en het feit dat alle sprekers van vrouwelijke kunne is zowat het enige bindende element. Het drieluik is als geheel een beetje schraal, kleurloos en vooral zo weinig noodzakelijk. "Ghenoeg is meer", poneerde de zeventiende-eeuwse dichteres Anna Roemer Visscher (ook een vrouw). Maar hier blijkt dat zelfs te weinig al te veel is.Drie Monologen. Tot 20 november op tournee door Vlaanderen. Info en reservatie: 03/224.88.00 (Toneelhuis).Ann Demeester