Zo'n 1500 jaar geleden zijn de zigeuners aan hun tocht vanuit Noordwest-India begonnen, een tocht die hen naar alle uithoeken van de wereld bracht. In Griekenland doken ze in de 11de eeuw op; ze stonden er bekend als atsinganoi, waarop onze benaming "zigeuner" teruggaat. Maar zelf noemen ze zich liever rom, wat "mensen" betekent.
...

Zo'n 1500 jaar geleden zijn de zigeuners aan hun tocht vanuit Noordwest-India begonnen, een tocht die hen naar alle uithoeken van de wereld bracht. In Griekenland doken ze in de 11de eeuw op; ze stonden er bekend als atsinganoi, waarop onze benaming "zigeuner" teruggaat. Maar zelf noemen ze zich liever rom, wat "mensen" betekent. Na de Balkan ging het verder, richting West-Europa. In de 15de eeuw was er sprake van rondtrekkende groepen, bestaande uit 100 tot 300 mensen. Ze stonden onder leiding van een hoofdman die zich graaf of hertog noemde. Overal vertelden ze dat ze afkomstig waren uit Egypte en bezig aan een zeven jaar durende boetetocht. Die bewering bevestigden ze door geleidebrieven van de paus. In het begin was de ontvangst in de verschillende steden goed. Maar dat veranderde snel. De gilden hadden het moeilijk met het handeldrijven van de zigeuners, en de kerkelijke overheid vond hun magisch-medische praktijken maar verdacht. Vreemdelingenhaat was ook toen al niet veraf en weldra fungeerden ze als zondebok. Men verdacht hen van de bijbelse kindermoord in Bethlehem, en zelfs van het smeden van de spijkers waarmee Christus aan het kruis werd genageld. Als muzikanten zijn de zigeuners ongeëvenaard. Toen ze zo'n 500 jaar geleden in Europa opdoken, namen ze geleidelijk de rol over van de zwervende kunstenmakers, van de jongleurs. Ze gaven dit oude beroep een nieuwe, ongekend exotische fleur door te zingen in een vreemde taal met onmiskenbaar Aziatische fiorituren, trillers en timbres. Bovendien interpreteerden ze de volksmuziek die ze ter plaatse aantroffen op hun eigen manier. En zo zijn ze als rondtrekkende muzikale entertainers de geschiedenis van Europa ingegaan. In Spanje staan de zigeuners bekend als de gitaarspelers. Vooral de flamenco heeft door hun bijdrage een nieuw elan gekregen. Flamencozangeres La Macanita heeft het over de eenzaamheid in al haar vormen, en ze weet duidelijk wat dat betekent: het afscheid van een geliefde broer, het verlies van een moeder, of de weeklacht om een man die er nooit is. Verscheurdheid ook bij zangeres Dzansever. Ze is afkomstig uit Macedonië, maar treedt vooral op in Turkije en in het Midden-Oosten. In Roemenië is Gabi Lunca één van de groten van het zigeunergenre. Ze huwde met accordeonist Ion Onoriu, en samen vormden ze een onafscheidelijk duo, ook muzikaal. Sinds de dood van haar echtgenoot in 1997, treedt ze enkel nog op tijdens pinkstervieringen. De Roemeense zigeunerdiva Romica Puceanu weet haar smart op een zoet-zure manier te vertolken. "Lieve wind, je zachte bries liefkoost m'n verlangend hart... Ik zou je alles in de wereld geven, mocht je een stuk van dat bezwarend verlangen kunnen wegblazen..."Zigeunermuziek door zigeunervrouwen: het Midden-Oosten, de Balkan, en Europa, dubbel-cd "Flammes du Coeur/Gypsy Queens", Network nr. 32.843Johan Van Acker