Dinsdag 8 april û dag 20

Bagdad, 06.50 uur. Amerikaanse bommen treffen het gebouw van de Arabische televisiezender Al-Jazeera, er valt een dode. Ook Abu Dhabi TV is gebombardeerd. Kruisvuur tussen Iraakse milities en Amerikaanse mariniers in het zuidoosten van de stad (07.00). De Amerikanen halen de Iraakse staatstelevisie uit de lucht (10.00), vervolgens de lokale radio (10.52). Een Amerikaanse tank beschiet het Palestine Hotel, dat vol buitenlandse journalisten zit. Twee van hen sterven aan hun verwondingen (11.07). Een Amerikaans gevechtsvliegtuig wordt neergeschoten bij de internationale luchthaven, de piloot redt zich (11.42). Mariniers nemen moeiteloos een militair vliegveld in ten zuidoosten van het stadscentrum (13.30). Ziekenhuizen vallen vaak zonder water en stroom, de artsen zijn overspoeld met gewonden en zitten bijna zonder geneesmiddelen.
...

Bagdad, 06.50 uur. Amerikaanse bommen treffen het gebouw van de Arabische televisiezender Al-Jazeera, er valt een dode. Ook Abu Dhabi TV is gebombardeerd. Kruisvuur tussen Iraakse milities en Amerikaanse mariniers in het zuidoosten van de stad (07.00). De Amerikanen halen de Iraakse staatstelevisie uit de lucht (10.00), vervolgens de lokale radio (10.52). Een Amerikaanse tank beschiet het Palestine Hotel, dat vol buitenlandse journalisten zit. Twee van hen sterven aan hun verwondingen (11.07). Een Amerikaans gevechtsvliegtuig wordt neergeschoten bij de internationale luchthaven, de piloot redt zich (11.42). Mariniers nemen moeiteloos een militair vliegveld in ten zuidoosten van het stadscentrum (13.30). Ziekenhuizen vallen vaak zonder water en stroom, de artsen zijn overspoeld met gewonden en zitten bijna zonder geneesmiddelen. Zuid-Irak. In Basra plunderen Irakezen de hele dag openbare gebouwen, ziekenhuizen, banken, hotels en woningen. De Britse bezetters kunnen de chaos niet aan en laten begaan. Zuid-Irak, 08.50 uur. Amerikaanse mariniers nemen een basis in van de Iraakse 10e pantserdivisie bij Amara, de duizenden soldaten van de divisie blijken gevlucht. Bagdad, 10.20 uur. Er wordt geplunderd in wijken waar politie of Iraakse militairen van de straat zijn verdwenen. Winkeliers leveren vuurgevechten met bendes plunderaars. Mariniers rukken Noordoost-Bagdad binnen. De sjiitische bevolking daar trakteert ze op pro-Amerikaanse en anti-Saddam-slogans. Het Rode Kruis meldt dat zijn mensen hun werk niet kunnen doen. Het is te gevaarlijk in de stad (11.40). Amerikaanse eenheden die vanuit het noordwesten naderen, stuiten op verzet van Iraakse strijdkrachten (12.00). Een Amerikaanse tankcolonne neemt stelling op de rechteroever van de Tigris, pal in het stadscentrum (12.30). Een pantservoertuig van de mariniers haalt te midden van een jubelende menigte het standbeeld van Saddam Hoessein neer op het centrale Al-Fardusplein (16.52). Verenigde Staten, 20.50 uur. Volgens minister van Defensie Donald Rumsfeld beschermt Syrië gevluchte kopstukken van het Iraakse Baath-regime. Bijna dagelijks richten Amerikanen of Britten hun pijlen op Syrië. Bagdad, 07.30 uur. In het noordwesten ligt een konvooi van Amerikaanse mariniers onder vuur, het gevecht duurt uren. Een ziekenhuis wordt leeggeroofd en andere ziekenhuizen gaan dicht als reactie op straatgeweld en plunderingen. Velen barricaderen zich in eigen huis (16.00). Vier mariniers raken gewond bij een zelfmoordaanslag op een controlepost. Noord-Irak, 10.30 uur. Geholpen door Amerikaanse special forces trekken Koerdische guerrillastrijders de oliestad Kirkuk binnen. Koerdische plunderaars verdwijnen met vrachtwagens vol koelkasten en andere goederen uit Kirkuk (11.15). Zuid-Irak, 16.00 uur. Een groep sjiieten steekt de sjiitische geestelijke leider Majid Al-Khoei dood in Najaf. Hij was pas teruggekeerd uit ballingschap in het Verenigd Koninkrijk en stond bekend als pro-westers. Noord-Irak, 06.40 uur. Koerdische soldaten, geholpen door Amerikanen, nemen Mosul in. Het Iraakse legerkorps dat de stad moest verdedigen geeft zich over. Plunderaars gaan hun gang. Zuid-Irak, 09.00 uur. Bij een controlepost in Nasiriya beschieten mariniers een voertuig, twee kinderen komen om. In Basra schieten Britse soldaten in een vuurgevecht vijf bankrovers dood. Bagdad, 17.00 uur. Bendes plunderen nu ook het grootste archeologische museum van Irak. Overheidsgebouwen en winkels staan in brand. Personeel en vrijwilligers verdedigen gewapenderhand ziekenhuizen tegen dieven. In de noordoostelijke volkswijken zijn hevige vuurgevechten aan de gang (20.45). Noord-Irak, 07.00 uur. Koerdische soldaten beginnen Kirkuk te verlaten, een eis van Turkije. Amerikanen nemen de controle van de stad over. In Mosul leveren Koerden en Arabieren gevechten van straat tot straat, er vallen 15 doden (17.00). Centraal-Irak, 08.00 uur. Bombardementen op Tikrit en op een vliegveld in de buurt. Amerikaanse mariniers nemen Kut in (17.00). Bagdad, 10.00 uur. Gevechten tussen soennitische en sjiitische moslims. Generaal Amir Al-Saadi, wetenschappelijk adviseur van Saddam Hoessein, geeft zich over aan de Amerikanen. Vóór de oorlog werkte hij samen met de wapeninspecteurs van de VN en het Internationaal Atoomagentschap. Hij zegt dat Irak geen massavernietigingswapens heeft (15.40). Amerikaanse soldaten liggen her en der onder vuur in het centrum (17.00). Koeweit, 12.00 uur. De eerste eenheden van de 30.000 man tellende Amerikaanse 4e infanteriedivisie steken de Iraakse grens over. De divisie versterkt met vertraging het Amerikaans-Britse coalitieleger (totnogtoe met 100.000 man in Irak, 300.000 in heel het Golfgebied). Volgens de oorspronkelijke militaire plannen moest ze via het noorden arriveren, maar Turkije wou ze geen doortocht verlenen. Verenigde Staten, 03.45 uur. De B-2-Stealth-bommenwerpers op het eiland Diego Garcia keren terug naar de VS. De luchtoorlog wordt afgebouwd, de coalitie voerde al 14.000 luchtaanvallen uit. Bagdad, 07.00 uur. De Amerikanen proberen via helikopterbewaking de veiligheid te verbeteren. Ze vinden 310 stuks 'zelfmoordkledij', geladen met springstof (07.50). Honderden Iraakse ingenieurs, ambtenaren en politiemensen beantwoorden de oproep van de Amerikaanse militairen om als vrijwilligers aan het werk te gaan. (15.00). Duizenden mensen die de hoofdstad ontvlucht waren voor de bombardementen keren terug (17.00). Er breekt brand uit in de Nationale Bibliotheek, waar de nationale archieven zijn opgeslagen (18.30). Zuid-Irak, 12.00 uur. De Britten die Basra al een week controleren werven Iraakse politieagenten aan om te patrouilleren en de orde de herstellen. In het Rumaila-olieveld is de laatste oliebronbrand gedoofd (18.30). Noord-Irak, 12.00 uur. Mosul komt tot rust. In Kirkuk willen teruggekeerde Koerdische vluchtelingen hun vroegere huizen betrekken. Ze stellen Arabieren, die er al meer dan tien jaar in wonen, voor de keuze: er vrijwillig uittrekken of er met geweld uit verdreven worden (16.00). Bij een Koerdisch-Amerikaanse operatie ten noordwesten van Mosul wordt Watban Al-Tikriti gevangengenomen, halfbroer van Saddam Hoessein en voormalig minister van Binnenlandse Zaken (16.30). Centraal-Irak, 17.30 uur. Mariniers, gesteund door tanks, helikopters en gevechtsvliegtuigen nemen het rond Tikrit op tegen Iraakse strijdkrachten en tanks. Ondertussen zijn onderhandelingen aan de gang over de overgave van Tikrit. Verenigde Staten, 19.30 uur. Volgens president George W. Bush bezit Syrië chemische wapens. Damascus ontkent dat. Bagdad, 00.20 uur. Mariniers riposteren op vuur van sluipschutters in het stadscentrum. Amerikanen en lokale politie zetten samen patrouilles op, in een poging om wet en orde te herstellen. Ongeveer driekwart van de stad is militair onder controle (06.45). Volgens de Britse minister van Defensie Geoff Hoon leiden buitenlandse zelfmoordcommando's het verzet in Bagdad (12.15). Centraal-Irak, 02.00 uur. De slag om Tikrit, het laatste bastion van het regime en thuisbasis van de clan van Saddam Hoessein, duurt voort. Amerikaanse tanks dringen door tot het centrum (05.00). De massale aanwezigheid van Amerikaanse troepen brengt rust (11.00). Noord-Irak, 07.20 uur. Volgens de bevelhebber van de republikeinse garde in Mosul, generaal Ali Al-Jajjawi, zijn kopstukken van het Iraakse leger en van de Baath-partij voor de val van Mosul naar Syrië gevlucht.