In 1995 al waarschuwde de Europese ambtenaar Bernard Connolly in The Rotten Heart of Europe: 'Europa, zelfs dat van het Rijnlandmodel, gebouwd op de eenheidsmunt leeft boven op de breuklijnen van een aardschokzone. Die breuklijnen, dat zijn de grenzen van de nationale staten.'
...

In 1995 al waarschuwde de Europese ambtenaar Bernard Connolly in The Rotten Heart of Europe: 'Europa, zelfs dat van het Rijnlandmodel, gebouwd op de eenheidsmunt leeft boven op de breuklijnen van een aardschokzone. Die breuklijnen, dat zijn de grenzen van de nationale staten.' Connolly geloofde niet echt in die euro en vond het project voor een Verenigd Europa een waanbeeld. Hij werd na het verschijnen van zijn boek prompt ontslagen. Europa duldt weinig tegenspraak. Intussen is de eerste van Connolly's voorspellingen uitgekomen. Afgelopen week immers stelde de Europese Commissie voor dat Frankrijk, Duitsland, Italië en Portugal tot 2006 uitstel krijgen om hun begroting in evenwicht te brengen. Reden voor zoveel mildheid zijn de tegenvallende economische resultaten. Bovendien wil de Commissie ook toestaan dat de methode voor de berekening van tekorten wordt herzien. Een boekhoudkundige truc om het maximaal toegestane tekort van drie procent te vermijden. Destijds al paste de Commissie dergelijke knepen toe om ook landen als Italië en Griekenland met hun krakkemikkige boekhouding binnen de muntunie te wurmen. Om de kracht van de euro te waarborgen, werd in 1997 tijdens de top van Amsterdam het pact voor stabiliteit en groei uitgewerkt. Dat was de eis van de Duitsers. In dat pact werd vastgelegd dat alle lidstaten van de Europese Unie tegen 2004 een begroting in evenwicht moeten indienen. Door het uitstel dat de Commissie aan de grote drie van de eurozone, Duitsland, Frankrijk en Italië, en ook aan Portugal wil verlenen, worden de eerste breuklijnen waarop Bernard Connolly zinspeelde duidelijk zichtbaar. Het stabiliteitspact heeft de individuele lidstaten elke controle over het monetaire beleid ontnomen. De regering kan de intrestvoeten niet meer bijstellen noch de munt devalueren. Ze kan, als ze die zuurstof nodig zou hebben, het begrotingstekort niet laten aangroeien. Dat is in strijd met het pact en op een dergelijke inbreuk staat een zware financiële boete. Bovendien kan een regering bezwaarlijk de belastingen verhogen, want dat is electoraal niet lonend en het tast bovendien de interne concurrentiepositie aan. Als het economisch misloopt, kan een regering alleen het eigen patrimonium, goud, vastgoed, staatsbedrijven, verkopen om de kas bij te spijkeren. Als het dan nog fout gaat, kan een lidstaat in theorie uit de muntunie stappen, weliswaar met het risico dat hij daarna in een economische nachtmerrie belandt. Voor tal van lidstaten ging de invoering van de euro gepaard met zware inspanningen. Maar de problemen zijn nog niet achter de rug. Volgens John Gray van de London School of Economics, geen doemdenker als het over de Europese Unie gaat, is het uitgesloten dat we met de euro de bestaande sociale systemen in hun huidige vorm in stand houden. En velen vrezen dat hij gelijk zal krijgen. Over een tiental jaar, zo voorspelde hij, zullen die Europese sociale systemen onherkenbaar zijn veranderd. Bij ons moet die transformatie - anderen spreken van een afbraak - nog beginnen. Gray had het ook over golven van afdankingen zoals die bij Alcatel en elders, en op het gevaar dat de Europese burgers hun problemen zullen toeschrijven aan de invoering van de euro. Een onvrede die ten volle zal worden uitgespeeld en uitgebuit door de radicale rechtse partijen. In Duitsland zijn de sociaal-democraten en de groenen al teruggekomen op hun pre-electorale belofte van een aanzienlijke belastingverlaging. Europa laat daar geen ruimte voor. Elders in het blad leest u hoe hier de beloofde belastingverlaging al aan het verdampen is. Wat niet belet dat premier Guy Verhofstadt in zijn nieuwste boek, met het enthousiasme hem eigen, nieuwe belastingvoordelen in het vooruitzicht stelt - uiteraard na verkiezingen. De lijst met beloften oogt indrukwekkend. De belasting op de laagste inkomens moet naar vijftien procent. Er komen lastenverlagingen voor werkgevers die thuiswerk aanmoedigen en die meer mensen in dienst nemen. Er zijn fiscale aftrekken en kredieten. Tijdens hun recente ronde van Vlaanderen toonden de Teletubbies van de SP.A, Frank Vandenbroucke, Steve Stevaert, Patrick Janssens en Johan Vande Lanotte, zich nog vrijgeviger dan premier Verhofstadt. Het wordt wat om die liberale en socialistische beloften aan elkaar te lassen voor de volgende paars-groene regering. Ons sociaal systeem kampt immers met huizenhoge moeilijkheden. Met niet eens een vierde van de zestigers - en het aantal daalt voort - aan het werk durft niemand te beginnen over de toekomst van ons pensioensysteem. De exploderende ziekteverzekering heeft zelfs niemand nog in de hand. Minister Frank Vandenbroucke van Sociale Zaken wil voor elke gepensioneerde in het rustoord een eigen kamer met koelkast en televisie aangesloten op de kabel. Als die gepensioneerde al een kamer kan krijgen. Want intussen klaagt het hoofdstedelijke gerecht over dementerende ouderen en geesteszieken die bij nacht en ontij door de straten van de stad dwalen, omdat geen enkel ziekenhuis ze wil of kan opvangen. Rik Van Cauwelaert