Mijnheer Vermassen, de wereld heeft met ongeloof gekeken naar de moeizame telling van de stemmen van de Amerikaanse verkiezingen.
...

Mijnheer Vermassen, de wereld heeft met ongeloof gekeken naar de moeizame telling van de stemmen van de Amerikaanse verkiezingen.Jef Vermassen: Vooral in Europa reageert men verbaasd, bijna teleurgesteld. Hoevelen zijn er niet die een kritiekloze bewondering koesteren voor dit land van de perfectie? Wat nu is gebeurd, is pijnlijk voor het imago van een staat die zo graag overal ter wereld de correctheid van andermans verkiezingen gaat controleren. Het werkt eigenlijk gezagsondermijnend. Anderzijds krijgt de wereld door dit geklungel in Florida wel een betere kijk op enkele kwalijke aspecten van het Amerikaanse systeem. Bijvoorbeeld dat elke staat een ruime vrijheid geniet om eigen wetten uit te vaardigen. Dat creëert tal van problemen en terzelfder tijd een grote ongelijkheid, denk maar aan de uitvoering van de doodstraf. Ook de nadelen van de wijdvertakte politisering van de samenleving komen weer eens aan het licht. Plotseling duikt de figuur op van Catherine Harris, de Secretary of State van Florida, die ingrijpende beslissingen kan nemen, maar die openlijk tot een van de twee kampen behoort. Want ze is een medewerkster van gouverneur Jep Bush, de broer van een van de kandidaten, en ze solliciteert naar verluidt naar een ambassadeurspost onder de nieuwe regering. Hoe kan zo iemand onpartijdig zijn? Ook juridische instanties bestaan steevast uit figuren van het ene of het andere kamp. Niet verwonderlijk dat hun beslissingen politiek gekleurd zijn. De consequenties daarvan gaan ver. Een van de prerogatieven van de president is het benoemen van de nieuwe rechters in het federale Hooggerechtshof. De volgende regeerperiode worden minstens twee van de negen leden van dit opperste gerechtshof vervangen. De keuze van de president zal een grote invloed hebben op de rechtspraak en op de Amerikaanse samenleving. Dat George W. Bush als gouverneur van Texas zijn toestemming heeft gegeven voor meerdere executies, schijnt de Amerikaanse kiezers niet te deren.Vermassen: Integendeel, in de meedogenloze kiesstrijd wordt het doden van mensen als troef gebruikt. Ook Bill Clinton heeft, in de aanloop naar de verkiezingen van '92, in Arkansas een mentaal gehandicapte laten executeren, om goed duidelijk te maken dat ook hij een voorstander van law and order was. Ik hoor de Democraten niet al te sterk pleiten tegen de doodstraf, omdat ze weten dat tachtig procent van de Amerikaanse bevolking ervoor is. Zowel George W. Bush in Texas, als zijn broer Jep in Florida, hebben er tijdens deze campagne voor gezorgd dat ze op het gepaste moment munt konden slaan uit de executies die in hun staat plaatsvonden. Zo konden zij zich profileren als politici die de wet naleven. Op 21 juni waren er twee op dezelfde dag, één in Florida bij Jep en één in Texas bij George. In Florida ging het om een geestelijk gestoorde die dacht dat hij de reïncarnatie was van Jezus. In Texas om een man, een kleurling uiteraard, die in 1981 als zeventienjarige een moord zou hebben gepleegd, althans volgens één enkele getuige. Andere getuigen hadden iemand anders aangeduid. Toch vinden ze in Amerika dat een zo gebrekkige bewijsvoering volstaat om iemand legaal om het leven te brengen. Toen Bush in februari de voorverkiezingen bij de Republikeinen dreigde te verliezen, liet hij in één week tijd vier terechtstellingen doorgaan. En dan dreef hij het cynisme en de hypocrisie nog verder door te verkondigen: 'Ik ben van plan de wetten in ere te houden. Indien me dit schade zou bezorgen in mijn politieke carrière, dan neem ik dat erbij.' Terwijl hij goed genoeg besefte hoeveel electoraal profijt hij kon puren uit deze georchestreerde dodendans. De Amerikaanse overheid doet ook weinig om het wapenbezit te beteugelen.Vermassen: Ondanks de reputatie van hun politiediensten, hebben ze bij de Amerikaanse overheid weinig verstand van preventie en efficiënte criminaliteitsbestrijding. Ze proberen de burgers te paaien met spectaculaire remedies, die niet meer zijn dan nep-oplossingen. Het wapenbezit is een goed voorbeeld. In veel Amerikaanse staten is het wettelijk toegestaan gewapend op straat te lopen. Nu is de correlatie tussen wapenbezit en moorden, wetenschappelijk aangetoond. Als het wapenbezit wordt beperkt, daalt het aantal moorden drastisch. Maar in de VS durft haast niemand dat hardop zeggen, omdat de wapenmaffia er regeert. De presidentskandidaat die het daartegen opneemt, wordt afgemaakt, desnoods letterlijk. En dus bestrijden ze bij voorkeur de symptomen van de criminaliteit, niet de oorzaken. De jongste jaren is de misdadigheid bij minderjarigen nog toegenomen. Wel, bij alle grote drama's ging het om kinderen die van thuis een wapen hadden meegebracht. En wat doen de politici? In plaats van het bezit van die wapens te verbieden, stellen ze voor de minimumleeftijd voor het opleggen van de doodstraf te verlagen. Tot elf jaar alstublieft, zo staat het toch in een wetsvoorstel van de Republikeinse Texaan Jim Pitts. En dit omdat in maart '98 een elf- en een dertienjarige in Arkansas vier klasgenootjes en een lerares hebben doodgeschoten. Het wetsvoorstel bevat één troostende gedachte. Als een elfjarige zou worden veroordeeld tot de dood, zou men met de executie wachten tot na zijn meerderjarigheid. Een cynisch gebaar van menselijkheid. Dat de doodstraf geen enkel afschrikkingseffect heeft, staat vast, maar dringt niet door tot de meeste Amerikanen. De wapens moeten blijven, net als de executies. Bush heeft de voorbije zes jaar zijn handtekening geplaatst onder meer dan honderdtwintig doodvonnissen, één vijfde van alle executies in de VS in die periode. Dat een zo hardvochtig man president kan worden van de machtigste natie ter wereld, is bedenkelijk. Ook dat toont aan dat we niet te veel op moeten hebben met het Amerikaanse samenlevingsmodel. In eigen land vraagt de burgemeester van Westerlo de hulp van het leger om de inbrakenplaag in te dijken.Vermassen: Dat lijkt mij niet de juiste methode. Men kan niet alles bewaken en daarenboven is dit geen taak voor soldaten. Dat neemt niet weg dat de overheid dringend moet ingrijpen tegen de plaag van inbraken, overvallen, homejackings, autodiefstallen en dies meer. Want het gaat over bijzonder goed georganiseerde criminaliteit, waar ik jaren geleden al tegen gewaarschuwd heb. De grootste oorzaak is het openstellen van de grenzen, wat om economische redenen misschien nuttig was, maar om politionele en juridische redenen allerminst. Helaas krijgt bij ons de economie voorrang op alles. Het gevolg is dat criminelen uit de Oostbloklanden vrij eenvoudig naar hier kunnen komen, aangetrokken door de overvloed en de luxe. Het is de voorbije jaren gebeurd dat Oost-Europeanen hier 's morgens in groep met de bus aankwamen, en 's avonds elk met een gestolen auto terugreden. En niemand aan de grens die hen controleerde. Ondertussen zitten ze al met het probleem dat ze de buit in hun eigen land niet meer kwijt geraken, omdat de welvaart er onvoldoende stijgt. Daardoor is in de statistieken het aantal diefstallen van modale auto's lichtjes teruggelopen, maar voor duurdere modellen zijn er nog afnemers genoeg, ook in Aziatische en Afrikaanse landen. Het enige wat onze politiediensten kunnen doen, is het naderhand netjes in kaart brengen.Vermassen: Sommige overvallers krijgen in Oost-Europa een paramilitaire training. Hun sterkste wapen is de snelheid. Ze worden opgeleid om in één minuut tijd een uitstalraam te rammen en leeg te roven. Ze leren hoe ze in een huis kunnen binnendringen, autosleutels vinden en er met de wagen vandoor gaan. Lukt dat niet meteen, dan verrassen ze de bewoners in hun bed en zetten hen een pistool tegen de slaap. Dit zijn superprofessionele gangsters, die steeds roekelozer en arroganter te werk gaan. De plaatselijke politie of rijkswacht is daar niet tegen opgewassen. Als we tegenover deze criminelen niet snel een even goed getrainde politie-afdeling zetten, wordt dit een ramp. Want de gevolgen zijn groter dan de overheid denkt. De angst bij de bevolking is enorm toegenomen. Ze moeten dat niet minimaliseren door te spreken over onveiligheids gevoel, het gaat om reële onveiligheid. Ik ken vanuit mijn praktijk een juwelier die al veertien keer overvallen is. Die mens gaat daar psychisch aan kapot. Het is genoeg dat er in een bepaalde wijk twee of drie homejackings plaatsvinden, en de hele buurt leeft in angst. Je bent als individu volstrekt machteloos, en het feit dat die overvallers ongestoord en uitdagend hun gang kunnen gaan, is onaanvaardbaar. De mensen voelen zich niet meer veilig in hun eigen huis, dat is een fundamentele aantasting van de levenskwaliteit. Dat de regering hier geen prioriteit aan geeft, is een vergissing, en illustreert de vervreemding van politici ten overstaan van wat leeft bij de bevolking. En dat weegt door tot in het stemhokje, daaraan moet je niet twijfelen.Video-opnamen van Gaia tonen stuitende dierenmishandeling op de veemarkten van Anderlecht en Ciney.Vermassen: Die beelden hebben mij, net als iedereen neem ik aan, zwaar geschokt. Gelukkig bestaat Gaia, om het op te nemen voor de onmachtigen die zich niet kunnen verdedigen. Kinderen en dieren zijn in die categorie de meest kwetsbaren. Wat mij extra heeft getroffen, is een kop in de krant die het heeft over 'beestigheden op de rundermarkt'. Het is het toppunt van perversie om menselijk geweld op dieren 'beestig' te noemen. We zijn te laf om het over 'mensigheden' te hebben. Dieren, op de chimpansee na, doden hun soortgenoten niet. En als ze een prooi verscheuren, is dat meestal alleen uit de noodzaak om zich te voeden. Maar te veel mensen hebben geen respect voor ander leven. Ze misbruiken hun macht, zoals die veeboeren met hun stokken. Een dier voelt wanneer het gaat sterven, en wijkt instinctief terug uit vrees voor de dood. Het minste dat je dan mag vragen, is een beetje schroom. Nu is de wereld van de veehandelaars een ruw milieu dat boven de wet meent te staan. Controleurs die de misbruiken moeten beteugelen worden bedreigd, of uit de weg geruimd zoals Karel Van Noppen. Iedereen weet dat, maar de overheid houdt de ogen gesloten. Ook in dit domein is een veel krachtdadiger aanpak nodig.De correctionele rechtbank van Brussel heeft voor het eerst een veroordeling uitgesproken voor een inbreuk op de wet tegen het negationisme.Vermassen: Onze beschaving is blijkbaar een zo dun laagje vernis, dat je er onmiddellijk doorheen zit. En dus zijn we genoodzaakt wetten te maken, waarvan het een schande is dat ze moeten bestaan. Twintig jaar geleden kwam er een wet die door racisme of xenofobie ingegeven daden bestraft. In 1995 volgde er een die het woord beteugelde, wat vrij uniek is. Het is een specifieke wet die het ontkennen, minimaliseren, rechtvaardigen of goedkeuren van de genocide van de Tweede Wereldoorlog bestraft. Dat de maatschappij dit niet accepteert, heeft op de eerste plaats een signaalwaarde voor de overlevenden van de kampen en de nabestaanden van de holocaustslachtoffers. Want die mensen kunnen nooit het leed verwerken dat hen en hun volksgenoten is aangedaan. Hun leed is haast onuitspreekbaar, precies omdat niemand echt kan bevatten wat zij hebben moeten ondergaan. Het enige wat wij voor hen kunnen doen, is strafrechtelijk optreden tegen wie deze gruwel ontkent. De mens is tot veel in staat, zelfs tot het ontkennen van een dergelijke trieste waarheid. Meer: de menselijke geest is bij machte om van een medemens een niet-mens te maken. Hij doet dat al de hele geschiedenis door. Denk maar aan de negerslaven, die niet werden beschouwd als mensen. Dat waren lijfeigenen waarmee de eigenaar alles mocht doen, inclusief uitroeien. Die mentaliteit is niet zo erg veranderd als je ziet hoe Coca-Cola jarenlang systematisch duizenden zwarte arbeiders heeft gediscrimineerd. En dat is dan een van de rijkste consortia van de VS, dat fortuinen uitgeeft om een jong en openhartig imago uit te dragen. Jef Vermassen is jurist.JEF VERMASSENKoen Meulenaere