Belgische varkenshouders genieten van hun vrijheid. Milieuproblemen zijn niet de hoofdzorg van Hongarije.
...

Belgische varkenshouders genieten van hun vrijheid. Milieuproblemen zijn niet de hoofdzorg van Hongarije.Agro Business Feliers P. International staat geregistreerd op de Belgische ambassade in Boedapest. Dat is niet voor alle Belgische investeerders in Hongarije het geval. Sommigen verkiezen niet op te vallen bij hun buitenlandse avonturen. In december 1993 kochten Marc en Patrick Feliers uit Zwalm, vader en zoon, een varkensbedrijf van de staat in Hatvan, vijftig kilometer ten oosten van de Hongaarse hoofdstad. Hun onderneming strekt zich uit over 28 hectare, met stallen voor 1.400 zeugen en mestvarkens, een veevoederfabriek, graanopslagplaatsen en een slachterij. Marc Feliers, die met de uitbreiding van zijn varkensbedrijf in België vastliep op milieureglementen, voelt zich in Hatvan nu een cowboy te rijk. ?Hier heerst vrijheid, er is plaats, er zijn geen quota, noch vergunningen, noch andere mestregelingen.? Dat milieuproblemen Hongarijes eerste zorg niet zijn, valt er inderdaad te merken. Dankzij zijn Hongaarse verloofde die hij nota bene in België leerde kennen speelt zoon Patrick sterk aan de nog steeds bureaucratische onderhandelingstafels. Hij verklapt dat voorafgaande berekeningen over het rendement van de investering bijna woekerwinsten opleverden, maar zo groot is het feest in werkelijkheid niet geworden. De loonkosten zijn natuurlijk bijzonder laag. De 35 werknemers, leidinggevenden inbegrepen, nemen gemiddeld zo'n 10.000 frank per maand mee naar huis. Ziektekosten zijn er niet, dat is een probleem voor de staat. En intussen is het oude personeelsbestand uitgezuiverd, wat ook al geen kost vertegenwoordigt, gezien de quasi onbestaande ontslagvergoedingen. De Feliers geraken niet geëmotioneerd door de romantiek van de poestaziel, althans niet door de economische kant ervan. Niet alleen de taal is een geweldige barrière, ?het is ook moeilijk werken met voormalige communisten?. Die klacht slaat dan niet alleen op de eigen werknemers, maar evenzeer op de administratie die voor jongere investeringsdossiers moeilijker lijkt. Hoewel, het varkensbedrijf kreeg voor twee investeringen serieuze overheidssteun en zoals gebruikelijk een tegemoetkoming van 80 procent op de 38 procent rente die het op leningen betaalt. (Geld uit België binnenbrengen, is weggegooid bij een inflatie van meer dan 20 procent). Gaat alles goed ? De Feliers klagen dat de prijs van het varkensvlees op de weinig koopkrachtige Hongaarse markt is ingestort. Export naar het dure Europa, dat zou big business zijn, maar de Unie laat geen Hongaarse varkens binnen. Intussen houdt de plaatselijke bedrijfsleider er thuis, privé een paar honderd varkens op na. Lage lonen stimuleren het privé-initiatief.