Ik herinner het me als de dag van gisteren, hoewel het straks een halve eeuw geleden is. Diep in de nacht van 20 op 21 juli werd ik in het jongerenkamp Pro Apostolis wakker gemaakt om in het hoofdgebouw rechtstreeks de landing van de eerste man op de maan te bekijken. Mijn vriend Joris bleef achter in de tent, zeggende dat ze ook zonder hem wel op de maan zouden belanden. Ik was achttien en in het volle besef een historische gebeurtenis mee te maken - zoiets als de instortende Twin Towers, live op de redactie van Knack, 32 jaar later. Wat me in het kamp ontging, was de eerste Tourzege van Eddy Merckx, hoewel ik toch al tuk was op die koers. Hield de kampleiding ons bewust onwetend over wat ze beschouwde als een non-event, in het niet verzinkend b...

Ik herinner het me als de dag van gisteren, hoewel het straks een halve eeuw geleden is. Diep in de nacht van 20 op 21 juli werd ik in het jongerenkamp Pro Apostolis wakker gemaakt om in het hoofdgebouw rechtstreeks de landing van de eerste man op de maan te bekijken. Mijn vriend Joris bleef achter in de tent, zeggende dat ze ook zonder hem wel op de maan zouden belanden. Ik was achttien en in het volle besef een historische gebeurtenis mee te maken - zoiets als de instortende Twin Towers, live op de redactie van Knack, 32 jaar later. Wat me in het kamp ontging, was de eerste Tourzege van Eddy Merckx, hoewel ik toch al tuk was op die koers. Hield de kampleiding ons bewust onwetend over wat ze beschouwde als een non-event, in het niet verzinkend bij het interplanetaire exploot van de Apollo 11? Ook kunstenaar Jef Geys (1934- 2018) kon de verleiding niet weerstaan om beide nagenoeg gelijktijdige krachttoeren tegenover mekaar af te wegen, weliswaar door de bril van twee kranten. In het kader van een ruimer artistiek project knipte hij de frontpagina's van Het Nieuwsblad en De Standaard van 22 juli uit, legde ze naast elkaar en lijstte ze samen in. Op het eerste gezicht brengt de kwaliteitskrant alleen het verhaal en een grote foto van de maanlanding, terwijl haar populaire zusterblad evenveel aandacht besteedt aan Merckx, inclusief een foto bij de kus van zijn vrouw Claudine en een andere bij de schenking van zijn gele trui aan koning Boudewijn. Beter kijken leert dat beide kranten op hun cover ook dezelfde cartoon van Alidor afdrukken: de zegevierende aankomst van Eddy Merckx op de maan, tot ongenoegen van de bemanning van de maankever Eagle. Kunst overbrugt de wildste tegenstellingen. Geys reed in die dagen in zijn Citroën 2PK achter de Tour aan. De ettelijke foto's die hij daarbij maakte pasten in zijn project met een beginneling in het wielrennen, over wie hij het beschermheerschap had aanvaard. Aan museumdirecteur Flor Bex gaf hij te verstaan dat hij het wielermilieu van naderbij wilde volgen om te snappen wat er in het brein van zo'n jongen omging, wat de invloed van de familie was, en wat er gebeurt met iemand die wordt aangezet om aan topsport te gaan doen. Een zestigtal foto's zonder commentaar vormen nu, samen met de ingelijste voorpagina's, een gratis tentoonstelling in Bozar. In het gastenboek las ik vooral lovende commentaren, maar iemand noteerde ook: 'Dit is beneden de verwachtingen'. Onopvallende zwart-witfoto's, alleen thuis te brengen door echte kenners van de wielrennerij en haar petite histoire , kunnen nu eenmaal teleurstellen. Een klare ochtend voor het vertrek van de rit uit een provinciestad. Renners met een afwezige blik, sommigen op de binnenkoer of in de lobby van het hotel met hun sporttasje in de hand, anderen op straat in de buurt van de wagen van de Groupe Mobile de Réanimation. Reclame voor de Baume Saint-Bernard, de wonderzalf waarmee ook mijn sportieve vader zich insmeerde. Belangstellende omstanders en een elegante vrouw met een album, handtekeningen inzamelend bij FAEMA-ploegmaats van Eddy Merckx. Ten slotte een eenzame, frêle renner in een bleke trui die al de benen losrijdt op een koersfiets zonder hightech: de aanstaande winnaar. Wat een rust, alsof de Tour van 1969 gewoon deel uitmaakte van het dagelijkse leven. En dat was allicht de bedoeling van Jef Geys. De wereld van de koers tonen, niet als een opgeklopt gebeuren maar als een doodnormale bezigheid: dagelijkse arbeid voor de enen, aantrekkelijk kijkstuk voor de anderen. En voor de kunstenaar, die ook voor de klas stond: een maatschappelijk vraagstuk waaruit zijn leerlingen maar wijs moesten zien te raken.