Hoge bomen vangen veel wind. Microsoft en Intel, twee van 's werelds grootste (informatica)bedrijven, komen herhaaldelijk op onprettige wijze in het nieuws en moeten stilaan voor hun goede naam beginnen vrezen. Zeker wanneer de concurrentie op de loer ligt.
...

Hoge bomen vangen veel wind. Microsoft en Intel, twee van 's werelds grootste (informatica)bedrijven, komen herhaaldelijk op onprettige wijze in het nieuws en moeten stilaan voor hun goede naam beginnen vrezen. Zeker wanneer de concurrentie op de loer ligt. Tijd dus voor barmhartigheid. Via een minnelijke schikking heeft Intel op het laatste nippertje een rechtszaak wegens monopolievorming weten af te wimpelen. Voorwerp van geschil: de bekende processorchip Pentium, die in een groot deel van de huidige pc's zit ingebouwd en die producent Intel liefst in àlle pc's ziet steken. Toeval of niet, precies één dag na de schikking wordt het bericht verspreid dat ook Microsoft bereid zou zijn om de antitrustzaak tegen zich te eindigen via een minnelijke schikking met het Amerikaanse gerecht. Woordvoerders van het bedrijf blijven vaag, maar volgens de geruchten zou Microsoft de zaak snel willen afhandelen om het imago gaaf te houden. Feit: op het moment dat de geruchtenmolen op gang komt, stijgt het Microsoft-aandeel fors op de beurs. Insiders achten de kans op een regeling evenwel klein, omdat beide partijen totnogtoe lijnrecht tegenover elkaar stonden. Microsoft blijft erbij dat de integratie van haar internetbladerprogramma Explorer in het eigen besturingssysteem Windows een logisch gevolg is van de evolutie in de informaticamarkt. De openbare aanklagers menen echter dat de ingreep neerkomt op monopolievorming, die met name concurrent Netscape (en zijn Navigator) treft. De zaak, die nu al vijf maanden loopt, ligt momenteel stil, tot 12 april. Mogelijk is de hele verzoeningshype louter het resultaat van een nogal vrij geïnterpreteerde uitspraak van rechter Thomas Penfield Jackson, die de openbare aanklagers aanraadde zich tijdens het reces te bezinnen, wat dan door creatieve geesten zou zijn opgevat als een verzoek tot minnelijke schikking. Zowel Microsoft als Intel worden intussen op de hielen gezeten door verenigingen voor de bescherming van privacy. En ook hier geldt: een en al barmhartigheid. De klachten zijn bijna identiek: Windows 98 van Microsoft genereert een uniek identificatienummer dat gebruikt kan worden om de precieze herkomst van elektronische documenten (opgesteld in Word of Excel) te achterhalen, Intel rustte zijn nieuwe Pentium III-chip uit met een serienummer dat de identiteit van de pc-eigenaar prijsgeeft. Beide bedrijven hebben al beloofd om de luistervinktechnologie uit te schakelen. Privacy-organisaties waarschuwen echter nu al voor de (mogelijke) plannen van Microsoft om voor haar volgende besturingsprogramma, Windows 2000, een soort van periodiek abonnementsgeld aan te rekenen. Dit zou registratie van de gebruikers vergen, maar de gebruikers blijven liever anoniem.Bart Vandormael