Katherine Graham (weduwe van de in 2011 overleden Robert Brout, die in 1964 samen met Englert het Brout-Englert-Higgsdeeltje had voorspeld): De bekendmaking van de Nobelprijs voor Fysica begon met een half uur vertraging. Dat verbaasde me, maar ik wachtte geduldig op het nieuws. Een uur later dan voorzien werden in Stockholm de winnaars bekendgemaakt. Toen ik de namen van François Englert en Peter Higgs hoorde, werd ik overvallen door vreugde en verdriet. Robert zou dit moment zo graag met hen gedeeld hebben.
...

Katherine Graham (weduwe van de in 2011 overleden Robert Brout, die in 1964 samen met Englert het Brout-Englert-Higgsdeeltje had voorspeld): De bekendmaking van de Nobelprijs voor Fysica begon met een half uur vertraging. Dat verbaasde me, maar ik wachtte geduldig op het nieuws. Een uur later dan voorzien werden in Stockholm de winnaars bekendgemaakt. Toen ik de namen van François Englert en Peter Higgs hoorde, werd ik overvallen door vreugde en verdriet. Robert zou dit moment zo graag met hen gedeeld hebben. Ik ontmoette Robert in 2005 in Canada, een half jaar na de dood van zijn eerste vrouw. Hij gaf les aan het Perimeter Institute in Waterloo, waar ik biologie doceerde. Op een dag had het zo hard gesneeuwd dat we een tijd vastzaten op café. Een vriend stelde ons aan elkaar voor: 'Robert, waarom vertel je Katherine niet hoe het heelal is ontstaan?' Het was zo'n lieve openingszin (lacht). Ik leerde iets nieuws uit ons eerste gesprek. Ik dacht dat een vacuüm een lege ruimte was, maar Robert had het die dag over een vacuüm vol fluctuerende energie, een term uit de kwantummechanica. De rest van mijn leven met Robert heb ik de betekenis en diepgang van dat begrip proberen te achterhalen. Ik denk dat ik weet wat het betekent, maar zal het nooit helemaal vatten. Zijn inzicht in de wereld ging mijn verstand te boven. Roberts brein zat uitzonderlijk in elkaar. Net als dat van François Englert, die ik voor het eerst ontmoette toen ik met Robert naar België verhuisde in 2007. Graham: Robert heeft me verteld hoe hij François Englert ontmoette. François kwam in 1961 onderzoek doen bij Robert aan de Cornell-universiteit in de Verenigde Staten en Robert pikte hem op aan het station. Die eerste dag eindigde op café, waar ze tot in de late uren over natuurkunde praatten. Robert was gelukkig. Tussen François en Robert ontstond een diepe vriendschap, vol academische uitdagingen. Dat vertel ik met grote voorzichtigheid, want ik was er uiteraard niet bij. De chemie die er tussen hen hing, kan ik me alleen maar inbeelden op basis van wat ze mij verteld hebben en door wat ik in een veel later stadium van hun vriendschap kon zien. Robert vertelde vaak over de vonk tussen hem en François. Toen François halverwege de jaren zestig terugkeerde naar België is Robert met hem meegegaan. Hij was al eerder in België geweest en hield van de Europese geschiedenis en manier van leven. Zijn vrouw Martine wilde ook terugkeren naar haar Belgische roots. Robert liet zijn prestigieuze positie aan de Cornelluniversiteit achter en ging met François aan de slag aan de ULB. Hun vriendschap duurde de rest van Roberts leven. Graham: Ik heb de vriendschap tussen Robert en François mogen aanschouwen, ze omvatte vele dimensies. Aan de ULB stonden de deuren van hun kantoor altijd open. Voortdurend werden er conversaties gevoerd met andere wetenschappers. Zijn collega's hebben me verteld dat ze warme herinneringen koesteren aan de momenten waarop Robert in de lessen van François binnenwandelde. Hij luisterde eerst en mengde zich dan in het gesprek op een zodanig bevlogen manier dat alle abstracte problemen tot leven kwamen. De aula veranderde in een woonkamer, waar studenten buitengingen met veel stof om over na te denken - een beetje zoals wetenschap ten tijde van Aristoteles werd gedoceerd. Robert en François deelden eurekamomenten. Robert heeft me verteld hoe hij op een ochtend onder de douche een belangrijk inzicht kreeg, zich aankleedde en naar de universiteit snelde om het essentiële puzzelstukje met François te delen. Dat wederzijdse vertrouwen is - volgens mijn bescheiden mening - essentieel geweest voor de ontwikkeling van hun theorie over het Brout-Englert-Higgsdeeltje. Zowel Peter Higgs als François Englert zeggen dat Robert een grote invloed heeft gehad op hun denken. Robert daagde zijn vrienden altijd uit om de grens van hun kunnen te bereiken. Ik heb hem meermaals mogen observeren in een professioneel gesprek met collega's en zag hoe hij telkens voortbouwde op hun sterktes, op een heel open manier, zonder iemand te veroordelen. Na zijn dood heb ik veel brieven gekregen waarin collega's schreven over zijn unieke warmte en menselijkheid. Graham: Ze waren verschillend, maar in hun intensiteit geleken ze op elkaar. Op wetenschappelijk vlak waren ze complementair. Robert benaderde een probleem intuïtief, terwijl François altijd vanuit de formele wiskunde vertrok. Graham: Ik heb een vaag idee van wat het inhoudt. Zoals de meeste mensen weet ik dat de ontdekking van het elementaire deeltje nodig was, omdat het een specifiek deeltje is dat alle andere deeltjes massa geeft. Zonder dat ene deeltje bestaat niets anders: geen aarde, geen sterren, geen atomen, geen mensen. Maar ik kan niet zeggen dat ik het mechanisme erachter echt begrijp. Ik heb een vermoeden, de rest fantaseer ik erbij (lacht). Ik ben intelligent, maar vooral door hard te werken. Robert was anders. Zijn denken was van een andere dimensie. Als hij iets wilde uitleggen, begon hij het gesprek altijd in eenvoudige mensentaal, soms vernederend eenvoudig, om er zeker van te zijn dat je kon volgen. Maar op een bepaald moment in zijn uitleg was hij weg, naar een totaal andere wereld die ik niet kon vatten. Graham: Ik denk dat hij, samen met François, zou staan dansen hebben van plezier. Het is zo ontzettend jammer dat hij dit niet heeft kunnen meemaken.