Pieter Lesaffer (hoofdredacteur van het onderwijsblad 'Klasse'): In grote lijnen is de bedoeling van het masterplan dat nu op tafel ligt enerzijds het verbreden van de eerste graad van het secundair onderwijs, zodat leerlingen met meerdere domeinen in contact komen en de kans krijgen hun studiekeuze op een later moment te maken, en anderzijds het wegwerken van de schotten tussen aso, tso en bso in de tweede en derde graad. In plaats daarvan komt er een structuur van doorstroomrichtingen, arbeidsmarktgerichte richtingen en een tussenvorm van de twee. Er wordt een nieuwe indeling gemaakt op basis van vijf interessegebieden: taal en cultuur, techniek en wetenschap, welzijn en maatschappij, kunst en creatie en economie en organisatie. Scholen krijgen dat echter niet op...

Pieter Lesaffer (hoofdredacteur van het onderwijsblad 'Klasse'): In grote lijnen is de bedoeling van het masterplan dat nu op tafel ligt enerzijds het verbreden van de eerste graad van het secundair onderwijs, zodat leerlingen met meerdere domeinen in contact komen en de kans krijgen hun studiekeuze op een later moment te maken, en anderzijds het wegwerken van de schotten tussen aso, tso en bso in de tweede en derde graad. In plaats daarvan komt er een structuur van doorstroomrichtingen, arbeidsmarktgerichte richtingen en een tussenvorm van de twee. Er wordt een nieuwe indeling gemaakt op basis van vijf interessegebieden: taal en cultuur, techniek en wetenschap, welzijn en maatschappij, kunst en creatie en economie en organisatie. Scholen krijgen dat echter niet opgelegd. Het is een mogelijke structuur, waarvan ze mogen afwijken. Lesaffer: Het is jammer voor het onderwijs zelf dat deze hervorming in de zomer zo in de politieke mallemolen is terechtgekomen. Op het einde van de onderhandelingen waren de politieke criteria belangrijker dan de vraag naar een duidelijke, doelgerichte hervorming. Dat neemt niet weg dat de principes van het masterplan een stap in de goede richting zijn. De vraag is alleen wat dit in de praktijk zal betekenen. De voorgestelde maatregelen zijn vaak vrijblijvend, of worden gekoppeld aan toekomstige evaluaties. Wat de brede eerste graad betreft bijvoorbeeld, zal dit masterplan niet veel veranderen aan de huidige situatie. In principe is de eerste graad nu al vrij 'breed', maar hebben scholen de keuze hoe ze dat invullen. Het masterplan bestendigt dat. Het blijft een keuze van elke school, en de 27 uur basisvorming komt ongeveer overeen met hoe het nu is. Zo blijf je in een situatie waarbij ouders vaak het bos door de bomen niet zien als ze na het basisonderwijs een studiekeuze moeten maken. Van een echte middenschool zullen ze bijvoorbeeld heel andere informatie krijgen dan van een school die van het begin heel erg compartimenteert. Een gemeenschappelijke basisvisie op die eerste graad zou ouders en leerlingen heel erg helpen. Lesaffer: Dit is geen grote omwenteling die in één keer alles omgooit. De hervorming wordt in principe stelselmatig ingevoerd - er volgen eerst nog evaluaties in alle opleidingen van het secundair onderwijs, om daarna een opdeling te maken in doorstroomrichtingen en beroepsvoorbereidende richtingen. Bovendien moeten we nog afwachten hoeveel scholen daadwerkelijk in het verhaal zullen meegaan. Uiteindelijk is het onderwijs iets wat van onderuit moet veranderen. Je kunt vanuit Brussel geen dingen opleggen waar geen draagvlak voor bestaat. Je moet tot een algemene aanpak kunnen komen. Als er maar vijf scholen de schotten wegwerken of naar een domeinschool evolueren, kun je nauwelijks van een hervorming spreken. Lesaffer: Uit peilingen is gebleken dat er nogal wat ontevredenheid heerst onder de leerkrachten (een rondvraag van Knack wees uit dat 80,7 procent tegen de hervorming gekant is, nvdr.). Op zich is dat niet zo verwonderlijk. Elke verandering die aan een vertrouwde structuur raakt, botst in eender welke sector op weerstand. Die onvrede wordt gevoed door de onzekerheid die blijft aanslepen. Er wordt immers al heel lang gesproken over een hervorming van het secundair onderwijs, en nu er een akkoord is, blijft het allemaal nog voorwaardelijk en weinig concreet. Dit masterplan tekent een aantal grote lijnen uit, maar het is niet zo dat volgend schooljaar al iets concreets zal veranderen op school. Wat in het akkoord werd vastgelegd, is met andere woorden nog verre van tastbaar. Dat verklaart de onzekerheid bij leerkrachten. Als dit concreet wordt gemaakt, dan denk ik dat het op termijn wel verteerd zal worden. Het onderwijs is een logge tanker. Je moet heel veel moeite doen om er beweging in te krijgen. Maar als de koers eenmaal bepaald is, zal het vooruitgaan.