Werken viel de Vlaming nooit zo zwaar. Dat blijkt uit de grootschalige driejaarlijkse werkbaarheidsmonitor van de SERV, het overlegorgaan van de Vlaamse werkgeversorganisaties en vakbonden, zo schrijft De Tijd zaterdag.

De SERV onderzoekt sinds 2004 'werkbaar werk'. Hij peilt daarbij naar werkstress, motivatie, leermogelijkheden en de balans tussen werk en privéleven. Nooit eerder waren de resultaten zo slecht. Minder dan de helft heeft een job die 'werkbaar' is.

Vooral de werkstress piekt. 840.000 werknemers hebben psychische vermoeidheidsproblemen. Het gaat om 36,8 procent van de Vlaamse werknemers.

Een op de zeven of 310.000 werknemers zitten in een 'acute en problematische' situatie. Ze zitten tegen een burn-out aan.

Ook de overige indicatoren gaan in het rood. Het aantal Vlamingen met motivatieproblemen steeg aanzienlijk, naar bijna een half miljoen.

Bijna 300.000 werknemers krijgen werk en privé niet gecombineerd.

Krapte op arbeidsmarkt

De SERV verklaart de resultaten in de eerste plaats door de krapte op de arbeidsmarkt. Vacatures raken almaar moeilijker ingevuld, wat leidt tot toenemende werkdruk. Meer aanwervingen betekent meer werk, om nieuwe collega's in te werken en niet-ingevulde functies op te vangen. Daarnaast wegen voortdurende reorganisaties door.

Het Vlaams ABVV wil dat werkbaar werk een prioriteit wordt van zowel de federale als de Vlaamse inspectiediensten en pleit opnieuw voor de oprichting van een werkbaarheidsfonds. Ze benadrukt dat het om het slechtste werkbaarheidscijfer in Vlaanderen gaat sinds de start van de meting in 2004. Vooral de stijging van werkdruk valt voor de vakbond op: 'ruim 36,8 procent of dik 1 op de 3 Vlaamse werknemers heeft werkstressklachten, een stijging van 7,5 procent'.

De vakbond noemt de dalende cijfers 'een ernstig alarmsignaal'. 'We slagen er blijkbaar niet in met de huidige inspanningen de werkdruk te doen dalen, werknemers beter te motiveren en een betere balans werk-privé te krijgen. Er zullen nog veel inspanningen nodig zijn voor een gezonde werkvloer', klinkt het. Op korte termijn ziet het Vlaams ABVV twee mogelijke ingrepen: de oprichting van een werkbaarheidsfonds en van werkbaar werk een expliciete prioriteit maken van de federale en Vlaamse inspectiediensten.

Vooral onderwijs en zorg

De sectoren waar werknemers het zwaarst kreunen onder hun job zijn het onderwijs en de zorgsector. Niet toevallig sectoren waar de afgelopen jaren flink is bespaard en gereorganiseerd. Minder dan de helft (45,7 procent) van het onderwijspersoneel beschouwt zijn werk als werkbaar, of 10 procent minder dan in 2013.

De werkbaarheidsknelpunten die het onderwijspersoneel ervaart zitten vooral op het vlak van psychische vermoeidheid en de balans tussen werk en privé. Bijna 1 op de 5 leraren (19 procent) geeft aan dat psychische vermoeidheid een acuut probleem is. Bijna een kwart van de leraren vindt het lastig om een evenwicht te vinden tussen werk en privé. Voor ruim 4 op de 10 leraren is de werkdruk te hoog.

Onderwijs: 'Geen verrassing maar daarom niet minder pijnlijk'

De dramatische cijfers in de onderwijssector zijn 'geen verrassing, maar daarom niet minder pijnlijk'. Dat zegt het COV (Christelijk Onderwijzersverbond), met bijna 40.000 leden de grootste Vlaamse onderwijsvakbond voor alle personeelsleden in het gesubsidieerd basisonderwijs.

Er moeten volgens het COV dringend oplossingen komen voor de psychische vermoeidheid, de werkdruk en de emotionele belasting 'die vandaag, door een gebrek aan ondersteuning en loopbaanvisie het beroep niet meer werkbaar maken voor bijna de helft van de sector'.

Het COV wil dat de loopbaangesprekken zo snel mogelijk weer worden opgestart. 'Meer administratieve medewerkers moeten de directeur ondersteunen zodat die samen met zijn team werk kan maken van een echt schoolbeleid', klinkt het.

Leraren moeten volgens de vakbond lestijden vrij krijgen om te overleggen, zodat ze dat niet meer tijdens de speeltijden en middagpauzes moeten doen. 'Planlast kan alleen maar omlaag als alle betrokkenen hun verantwoordelijkheid nemen. En een echt begeleidingsdecreet moet zo snel mogelijk voor alle onderwijspersoneelsleden op de klasvloer het verschil maken qua werkdruk en emotionele belasting.'