De termen 'light', 'lite' of 'verlaagd gehalte aan vet of suiker' mogen niet zomaar gebruikt worden. Het zijn voedingsclaims die wettelijk beschermd zijn. Alleen als een product minstens 30 % minder energie of vet of suiker bevat dan het vergelijkbare product, mogen de termen vermeld worden op de verpakking.
...

De termen 'light', 'lite' of 'verlaagd gehalte aan vet of suiker' mogen niet zomaar gebruikt worden. Het zijn voedingsclaims die wettelijk beschermd zijn. Alleen als een product minstens 30 % minder energie of vet of suiker bevat dan het vergelijkbare product, mogen de termen vermeld worden op de verpakking. Light dekt dus verschillende ladingen. Soms wordt (een deel van) de suiker vervangen door zoetstoffen. Een typisch voorbeeld zijn lightfrisdranken. In bepaalde is alle suiker vervangen, ze brengen geen energie aan. In andere wordt maar een deel van de suiker vervangen of wordt gebruikgemaakt van vruchtensappen. De hoeveelheid energie die ze aanbrengen is lager dan bij het klassieke product, maar niet verwaarloosbaar. Naast het suikergehalte kan ook het vetgehalte verlaagd worden, door minder vet te gebruiken bij de bereiding (zoals bij lightchips), of het te vervangen door water (lightroom). Het smaakverlies door het lagere vetgehalte wordt helaas soms gecompenseerd door suiker toe te voegen. Vooral bij lightsausen en dressings is dat nogal eens het geval. Ten slotte kan zowel het vet- als het suikergehalte verlaagd zijn. Dat wordt vaak bij zuivelproducten toegepast - denk maar aan het uitgebreide gamma magere yoghurt en platte kaas gezoet met zoetstoffen. Behalve lightproducten kun je in de supermarkt een uitgebreid gamma 'dieetproducten zonder of met minder suiker' vinden. Vooral bij koeken, snoep, chocolade en zoet beleg vind je zulke producten terug. Zowel de term suikerarm (max. 5 gram suiker/ 100 gram) als de term suikervrij (max. 0,5 gram suiker/100 gram) zijn wettelijk beschermd. Hetzelfde geldt voor de vermelding 'zonder toegevoegde suikers'. Die termen zeggen echter niets over het energie- of vetgehalte van het product en kunnen misleidend zijn. Zo bevatten bepaalde suikerarme koekjes meer vet en energie dan de klassieke variant. Soms is het verschil met het klassieke product zo klein dat het niet de moeite loont en dat enkel je portemonnee er dunner van wordt. Light is dus niet altijd beter. Goed vergelijken is de boodschap. Lightproducten zijn volgens de reclame goed voor de lijn. Nochtans is sinds de introductie ervan het aantal mensen met overgewicht en obesitas alleen maar toegenomen. Het onderzoek naar het effect van lightproducten op ons gewicht heeft zich vooral toegespitst op lightfrisdranken. Verschillende grootschalige opvolgonderzoeken waarbij deelnemers gedurende meerdere jaren gevolgd werden, tonen een positief verband aan tussen de inname van lightfrisdranken en het gewicht. De mensen die het meest lightfrisdrank gebruikten, hadden vaker last van overgewicht of obesitas. Ook uit de Belgische voedselconsumptiepeiling blijkt dat mensen met een kilootje meer vaker en meer lightfrisdranken gebruiken. Hoe dat verrassende verband verklaard kan worden, is niet helemaal duidelijk, maar er zijn wel een aantal hypotheses ontwikkeld. Zo gaan sommige onderzoekers ervan uit dat lightfrisdranken een invloed hebben op de manier waarop onze hersenen reageren op zoet. Na inname van een zoet, suikerrijk voedingsmiddel treedt er een cascade van reacties op om de verwachte energieboost op te vangen. Het lichaam bereidt zich voor op de aanvoer van energieleverende suikers met de vrijstelling van hormonen die onder andere de spijsvertering op gang brengen. Doordat na inname van lightfrisdranken de energietoevoer niet stijgt, raakt ons lichaam als het ware in de war en zou de drang naar zoet toenemen. Lightfrisdranken zouden met andere woorden de voedselinname verhogen. Deze hypothese is zowel in dierlijke als in menselijke studies onderzocht. De resultaten zijn absoluut niet eenduidig en pleiten in het voordeel van zoetstoffen. Ook al blijkt uit een aantal dierproeven een negatief effect op zowel de eetlust als de hormoonspiegels, toch toont het merendeel van de klinische studies bij mensen aan dat er geen effect is op onze bloedsuikerspiegel of ons insulinepeil. Ook zijn er geen of amper wijzigingen in de concentratie van hormonen die betrokken zijn bij de eetlustregulatie. Bovendien meldden deelnemers in de meeste studies dat ze geen effect op hun eetlust waarnamen. Dat wordt bevestigd in onderzoeken waarin de voedselinname na gebruik van verschillende zoetstoffen werd nagegaan: er werd zelden een hogere voedselinname vastgesteld na consumptie van lightfrisdranken. Andere onderzoekers richtten zich op het effect van zoetstoffen op onze darmflora. Uit studies bij ratten en een beperkte studie bij mensen blijkt dat zoetstoffen (sacharine) de darmflora mogelijk in ongunstige zin wijzigen, met een gewichtstoename tot gevolg. Belangrijk om op te merken is dat de dosis sacharine die gebruikt werd zeer hoog was. Verder onderzoek is nodig om de resultaten te bevestigen en om na te gaan of dit ook geldt voor andere zoetstoffen. Geen enkele hypothese werd dus voldoende bewezen. De kans dat het positieve verband tussen het gebruik van lightfrisdranken en het gewicht verklaard kan worden door een toename van de eetlust of hormonale wijzigingen, is klein. Meer onderzoek kan dat verder uitklaren. De bestaande onderzoeken maken niet altijd voldoende onderscheid tussen de verschillende soorten zoetstoffen of werken met hoeveelheden die te ver afwijken van de gemiddelde inname. Ook is er nood aan klinisch onderzoek dat over een langere periode loopt, zodat het effect van langdurig dagelijks gebruik van lightproducten gemeten kan worden. Dat mensen met overgewicht vaker lightproducten gebruiken in een poging om verdere gewichtstoename te voorkomen, kan wel deels een verklaring bieden voor het vastgestelde verband tussen gewicht en lightproducten. De opvolgonderzoeken tonen in elk geval aan dat het niet de juiste strategie is: het gebruik van lightproducten kan een verdere toename van het gewicht blijkbaar niet tegengaan. Uit consumentenonderzoek blijkt dat het psychologische aspect van de term 'light' niet onderschat mag worden. Gebruikers blijken het positieve effect van lightproducten te overschatten en hebben daardoor de neiging er meer van te eten. Het positieve effect van de (soms verwaarloosbare) lagere energieaanbreng wordt daardoor tenietgedaan en kan zelfs tot gevolg hebben dat er uiteindelijk meer energie wordt opgenomen. Bovendien zouden personen die vaak lightproducten gebruiken niet altijd de consumptie van de gewone varianten verminderen. Ze eten de lightproducten dus eerder als aanvulling en niet als vervanging van het gewone product, waardoor er uiteindelijk ook weer meer energie wordt opgenomen. Als echter op een bewuste manier wordt omgegaan met lightproducten, kunnen ze zorgen voor meer variatie. Verscheidene onderzoeken waarbij lightproducten gebruikt werden in het kader van een vermageringsprogramma tonen aan dat ze geen of een klein positief effect hadden op het vermageringsproces. Nodig zijn ze evenwel niet. De beste optie blijft te kiezen voor voedingsmiddelen die van nature vet- en suikerarm zijn. Zo neem je niet alleen minder energie in, maar leer je de natuurlijke smaak opnieuw te waarderen.