Virologen kijken tegenwoordig nog zelden vreemd op als het over virussen gaat, maar wat ze vandaag zien, hebben ze nog nooit eerder meegemaakt. Er komt momenteel zo goed als geen enkel verkoudheids- en gastro-intestinale infectie voor, behalve het coronavirus.
...

Virologen kijken tegenwoordig nog zelden vreemd op als het over virussen gaat, maar wat ze vandaag zien, hebben ze nog nooit eerder meegemaakt. Er komt momenteel zo goed als geen enkel verkoudheids- en gastro-intestinale infectie voor, behalve het coronavirus. Endemische pathogenen als influenza A, influenza B, parainfluenzavirus, norovirus, rsv, humaan metapneumovirus en longontsteking circuleren dit jaar wereldwijd op het laagste niveau ooit, schrijft The Washington Post. Ook in België rapporteert Sciensano deze winter amper positieve gevallen voor griep en andere acute luchtwegeninfecties. Eerder zagen we al in de zuidelijke hemisfeer dat het griepseizoen uit bleef. Welgeteld zes positieve influenzastalen kreeg het Zuid-Afrikaanse Centrum voor Respiratoire Ziektes tussen eind maart en midden augustus binnen, terwijl er dat andere jaren gemiddeld 700 zijn tijdens die periode. Voor het eerst in 36 jaar kende het land geen griepseizoen. In Australië was het aantal gemelde griepgevallen vorig jaar met maar liefst 99 procent gedaald ten opzichte van 2019. Volgens wetenschappers is dit fenomeen te wijten aan de wereldwijde lockdowns, het dragen van mondmaskers en een reeks andere gezondheidsmaatregelen zoals social distancing om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Door die maatregelen is er dus een tragere opbouw van vatbaarheid voor andere virussen dan het coronavirus. Zo'n verandering van gedrag was tijdens de Spaanse griep mogelijk ook verantwoordelijk voor een daling met 38 procent van besmettingen met het mazelenvirus. Maar ook het grotere aantal mensen dat zich het voorbije jaar heeft laten inenten met het griepvaccin is mogelijk een reden voor een haast onbestaand griepseizoen. Nog een ander fenomeen, genaamd virale interferentie, speelt wellicht een rol. Uit een studie in The Lancet blijkt dat een eerdere infectie met een rhinovirus de kans op een besmetting met influenza A aanzienlijk reduceert. Dat komt omdat een infectie met één respiratoir virus geïnfecteerde cellen aanzet om interferonen vrij te geven, dat het proces van vermenigvuldiging van alle respiratoire virussen blokkeert, waardoor andere pathogenen geen kans krijgen. Mogelijk heeft SARS-CoV-2 de andere virussen uit de markt gespeeld met de hulp van de interferonen in ons lichaam. Het uitblijven van het griepseizoen en andere virale luchtwegeninfecties mag dan wel een meevaller zijn geweest, in Australië, waar de coronapandemie nu grotendeels onder controle is en de maatregelen stilaan worden opgeheven, ziet men een andere opvallende trend. Het aantal griepgevallen bij kinderen van 5 jaar en jonger is in december, wanneer griep in Australië traditioneel amper aanwezig is, maar liefst verzesvoudigd. Het loslaten van maatregelen van social distancing en een verminderde immuniteit tegen influenza zijn mogelijke verklaringen. 'Vergelijk het met een bosbrand', verklaart epidemioloog aan de Princeton-universiteit Bryan Grenfell in The Washington Post. 'Om zich te kunnen verspreiden heeft vuur brandbaar hout nodig. Ook epidemieën hebben mensen nodig die vatbaar zijn. Als mensen bepaalde virussen dit jaar niet opliepen, zullen ze dat op een later moment wellicht wel doen.'In een paper in de Proceedings of the National Academy of Sciences doet Grenfell samen met enkele collega's een voorspelling van de evolutie van rsv (het respiratoir syncytieel virus), dat vooral heel jonge kinderen treft, voor 2021 en daarna. De studie stelt dat het aantal besmettingen de laatste 30 jaar redelijk stabiel was, tot het virus zo goed als verdween in 2020. Maar de wetenschappers waarschuwen voor grote uitbraken in het winterseizoen van 2021-2022, wanneer de coronavaccins zijn uitgedeeld en het 'normale' leven hervat. De resultaten voor de seizoengriep vertonen een gelijkaardig beeld, maar zijn meer onzeker omdat toekomstige uitbraken van het griepvirus meer afhankelijk zijn van de stam die op dat moment circuleert. Niet alleen het aantal infecties met endemische pathogenen zal na de coronacrisis mogelijk hoger zijn, ook het ziektepatroon zou weleens ernstiger kunnen zijn, vrezen wetenschappers. Al staat niets in de sterren geschreven. Zoals eerder is gebleken, zijn voorspellingen over de effecten op lange en korte termijn van deze ongeziene pandemie erg onzeker.