Het gaat niet goed met onze bijen - niet met de wilde exemplaren en niet met de honingbijen. Door de intensieve kweek van zachtaardige honingbijen, die je niet aanvallen, zijn de diertjes een deel van hun natuurlijke weerstand tegen parasieten en ziektes kwijtgespeeld. Ze raken ook almaar moeilijker aan bloemen voor hun voeding. Een halve eeuw genadeloos pesticidegebruik in onze landbouw heeft bijenvolkjes bovendien een klap gegeven. Het gevolg van dat alles: de gemiddelde productie van honing per bijenkorf is drastisch gedaald. Die daling compenseren lijkt op geen enkele manier mogelijk.
...

Het gaat niet goed met onze bijen - niet met de wilde exemplaren en niet met de honingbijen. Door de intensieve kweek van zachtaardige honingbijen, die je niet aanvallen, zijn de diertjes een deel van hun natuurlijke weerstand tegen parasieten en ziektes kwijtgespeeld. Ze raken ook almaar moeilijker aan bloemen voor hun voeding. Een halve eeuw genadeloos pesticidegebruik in onze landbouw heeft bijenvolkjes bovendien een klap gegeven. Het gevolg van dat alles: de gemiddelde productie van honing per bijenkorf is drastisch gedaald. Die daling compenseren lijkt op geen enkele manier mogelijk. Tezelfdertijd groeit wereldwijd de consumptie van honing, vanwege de sterke associatie van het natuurproduct met gezonde voeding. In de Verenigde Staten, bijvoorbeeld, is de vraag sinds 1990 verdubbeld. Amerikanen gebruiken sowieso meer honing dan wij, bijvoorbeeld als toevoegsel aan producten als popcorn. Dat tegenover die stijgende vraag een dalend aanbod staat, leidt tot problemen. In Europa staat honing op plaats 6 in de lijst van fraudegevoelige voedingscomponenten; in de VS op plaats 3, na melk en olijfolie. Producenten kunnen ver gaan om de kluit te belazeren. Om te beginnen is er labelfraude. Gewone honing kan bijvoorbeeld gelabeld worden als dure honing uit Nieuw-Zeeland: de zogenoemde manukahoning, geroemd om zijn gezondheidseffecten. Sommige producenten voegen chemische stoffen aan gewone honing toe om de indruk te wekken dat het om manuka gaat. Een Britse studie besloot dat op sommige plaatsen meer dan 80 procent van de 'manukahoning' eigenlijk een eenvoudiger product was. Zo stijgen de winstmarges, natuurlijk. Wat gebeurt er nog? Vervallen honing wordt bijvoorbeeld herverpakt als verse honing: dat is onlangs in China vastgesteld. Soms wordt honing geproduceerd door bijen die leven van een soort suikerwater, een surrogaat voor de nectar van wilde bloemen die ze niet meer vinden. Een klassieker is dat honing van bijen die meerdere bloemensoorten bezochten, wordt verkocht als honing van bijen die foerageren op één bloemensoort, zoals lavendel. Honing van een bloemenmengsel kost de helft minder, vandaar. Om honing goedkoper te kunnen produceren, worden er ook artificiële siropen aan toegevoegd. In extreme gevallen krijg je in plaats van honing gewoon een siroop waaraan water is toegevoegd, en soms een vleugje stuifmeel of pollen (om bijenactiviteit te suggereren). Soms worden pollen dan weer uit honing verwijderd, omdat die zo 'een heldere, voor de consument aantrekkelijke structuur' krijgt. Controleurs kunnen dan niet meer nagaan van welke bloemen de honing gemaakt is, want daarvoor hebben ze pollen nodig. Veruit de grootste honingproducent is China. In 2014 bracht dat land er liefst 474.000 ton van op de markt, bijna een verdubbeling tegenover 2000. Het leeuwendeel was bestemd voor de export - dat is nog altijd zo. Tussen 2002 en 2004 verbood Europa de import van Chinese honing vanwege welig tierende fraude. Om dezelfde reden stelden de VS invoertarieven in, waarna de Chinezen via tussenstations hun honing op de lucratieve Amerikaanse markt probeerden te krijgen. Sinds 2016 proberen Chinese autoriteiten de honingfraude wel aan banden te leggen, uit angst voor een ban op de buitenlandse verkoop. Maar honingfraude lijkt moeilijk uit te roeien. Wereldwijd is, zo bleek de voorbije jaren uit tests, een kwart tot zelfs de helft van de aangeboden honing vervalst. De Europese Commissie stelde in 2015 een onderzoek in en vond zo veel overtredingen dat ze haar verslag lanceerde met de term Honeygate. Volgens de Belgische wet moet honing natuurlijk en vers zijn, en zijn toevoegingen of behandelingen uit den boze. Omdat ons land een van de drie grootste Europese honingimporteurs is, heeft Test-Aankoop zich over de honingpotten op onze rekken gebogen. Haar recentste analyse publiceerde de consumentenorganisatie in 2017, in het rapport 'Niet altijd zuiver op de raat'. De organisatie testte 28 exclusieve honingproducten: met 12 was er niets mis, met de andere 16 wel. 3 producten waren niet vers genoeg, aan 5 producten waren honingvreemde suikers toegevoegd, en liefst 11 van de 21 onderzochte 'eenbloemige honingsoorten' kwamen van meerdere bloemen. Test-Aankoop diende een klacht in bij de Federale Overheidsdienst (FOD) Economie over de zestien producten die niet aan de vereisten voldeden, maar daarmee lijkt sindsdien weinig te zijn gebeurd. 'We weten alleen dat distributeur Cora zijn lavendelhoning uit de Provence heeft aangepast', zegt Test-Aankoop-woordvoerder Nico Lepoutre. 'Maar dat we in 2017 niet minder afwijkingen vaststelden dan bij een vorige test in 2013, stemde al weinig hoopvol.' De consumentenorganisatie blijft bij onze overheid aandringen op een striktere normering, en vraagt haar onder meer om alle Europese honingrichtlijnen te bekrachtigen. Dat moet vooral meer duidelijkheid over de vereiste zuiverheid van honing bieden. De Europese vereisten mogen trouwens óók een stuk duidelijker, vooral als het over de labeling gaat. Volgens woordvoerster Chantal De Pauw van de FOD Economie zijn er 6 processen-verbaal opgemaakt voor honingfraude in 2016, 2 in 2017 en 6 in 2018. Op de details daarvan mag ze niet ingaan, zegt ze. 'Maar het gaat hoofdzakelijk om misleiding over de aard van het product. En daarbij komt de volksgezondheid niet in het gedrang.' Wetenschappers zijn sinds kort een nieuw probleem met honing op het spoor, een probleem dat wél gezondheidseffecten kan hebben. Dat honing een verhoudingsgewijs grote hoeveelheid pesticiden en zelfs antibiotica kan bevatten, wisten we al. Onlangs heeft een artikel in het vakblad Nature Sustainability aan dat lijstje lood, zink en koper toegevoegd, stoffen die vooral afkomstig zijn van vrachtverkeer. Een andere recente studie, in het vakblad Environmental Pollution, besluit dat de nieuwste lichting pesticiden, de voor bijen zo kwalijke neonicotinoïden, niet alleen gemakkelijk in honing terechtkomen: ze blijven er ook minstens veertig maanden lang in ongewijzigde vorm in aanwezig. De onderzoekers vonden zelfs honingproducten waarin de concentratie aan neonicotinoïden hoger was dan de voor menselijke consumptie aanvaardbare limiet. Welke effecten hebben al die stoffen op onze gezondheid? Voorlopig lijkt niemand het te weten. Eén ding is wel zeker: voor bijen zijn ze funest.