'Zodra ze hier in het pijncentrum binnenstappen, zie je het meteen. Ze hebben kleine pupillen, komen versuft en apathisch over en lijken wel stoned. Steeds meer patiënten die verslaafd zijn aan opioïden komen aankloppen en zeggen: "Ik wil er echt van af. Dit is geen leven meer"', vertelt Jean-Pierre Van Buyten. De directeur van het multidisciplinair pijncentrum van het AZ Nikolaas in Sint-Niklaas maakt zich ernstig zorgen over het gebruik van opioïden - zware pijnstillers die afgeleid zijn van morfine - in België. Ze worden niet alleen voorgeschreven om pijn bij kankerpatiënten te bestrijden, maar ook om chronische pijn aan te pakken.
...

'Zodra ze hier in het pijncentrum binnenstappen, zie je het meteen. Ze hebben kleine pupillen, komen versuft en apathisch over en lijken wel stoned. Steeds meer patiënten die verslaafd zijn aan opioïden komen aankloppen en zeggen: "Ik wil er echt van af. Dit is geen leven meer"', vertelt Jean-Pierre Van Buyten. De directeur van het multidisciplinair pijncentrum van het AZ Nikolaas in Sint-Niklaas maakt zich ernstig zorgen over het gebruik van opioïden - zware pijnstillers die afgeleid zijn van morfine - in België. Ze worden niet alleen voorgeschreven om pijn bij kankerpatiënten te bestrijden, maar ook om chronische pijn aan te pakken. In de Verenigde Staten is het gebruik van opioïden officieel uitgeroepen tot 'noodtoestand voor de volksgezondheid'. Volgens de Amerikaanse overheidsorganisatie Centers for Disease Control and Prevention stierven tussen 1999 en 2017 liefst 218.000 Amerikanen na een overdosis aan voorgeschreven opioïden. 'Als we niet opletten, gaan we ook in België die richting uit', zegt Van Buyten. 'Het gebruik stijgt angstaanjagend.' De cijfers van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV), er niet om. Liefst 1,1 miljoen Belgen kochten in 2017 opioïden, een stijging met 88 procent in tien jaar tijd. Met andere woorden: één op de tien Belgen slikt morfineachtige pijnstillers. Professor Bart Morlion, pijnspecialist aan het UZ Leuven en voorzitter van de European Pain Federation, nuanceert: 'Je kunt de situatie in de VS en die in België niet zomaar vergelijken. De overgrote meerderheid van die 1,1 miljoen Belgische patiënten gebruikt tramadol, de minst zware opioïde, terwijl het in de VS voornamelijk is foutgelopen met oxycodone en fentanyl - denk aan de overdosis van popster Prince. Maar ik zie ook dat steeds meer collega-artsen in België onkritisch opioïden voorschrijven.' 'We hebben in ons pijncentrum ongeveer 15.000 patiëntencontacten per jaar. Ik zie niets anders dan pijnpatiënten, maar ik schrijf - behalve voor kankerpatiënten - nul zware opioïden zoals oxycodone of fentanylpleisters voor', zegt Van Buyten. 'We krijgen veel doorverwijzingen van buitenaf: patiënten die met een chronisch pijnprobleem aankomen. Maar wat je ook voor hen doet, zolang ze op die opioïden blijven staan, helpt het niet. Het is een maat voor niets, want hun drang naar opioïden beïnvloedt de resultaten. Daarom zijn we in juli 2016 met een nieuwe studie gestart, waar intussen 69 Belgische patiënten aan hebben deelgenomen. Het gaat om patiënten met uiteenlopende profielen. De meesten kregen chronische pijn na mislukte ruggenwervelchirurgie, anderen hadden bijvoorbeeld ernstige hoofdpijn.' 'Het concept van onze aanpak is eenvoudig: zero tolerance voor opioïden. Voordat we overgaan naar interventionele pijnbestrijding nemen we de patiënten op en laten we hen gedurende tien dagen detoxen. Vervolgens wachten we twee weken tot het lichaam volledig vrij is van opioïden, waarna we bijvoorbeeld een neurostimulator inplanten om de pijn te bestrijden. Zo'n toestel geeft elektrische pulsen af die de pijnsignalen misleiden.' Gaan de patiënten tijdens zo'n detoxkuur niet door een hel? Van Buyten: 'Met clonidine (een medicijn dat de bloedvaten verwijdt en de bloeddruk verlaagt, nvdr) temperen we de nevenverschijnselen van de detox. Ja, de patiënten hebben dervingsverschijnselen en zien wel een beetje af. Maar het valt mee. Ze staan ook onder begeleiding van een psycholoog.' Met zijn studie wil Van Buyten aantonen dat opioïden niet efficiënt zijn en dat patiënten eerst moeten detoxen voordat ze overgaan tot interventionele pijnbestrijdingstechnieken. Volgens Van Buyten zijn de resultaten hoopgevend. 'Voor ze met de behandeling begonnen, gaven de patiënten op een zelfrapportageschaal 8 op 10 aan om hun pijn te benoemen. Dat was dus mét opioïden in hun lijf. Na de behandeling, waarbij bijvoorbeeld een neurostimulator werd ingeplant, daalde hun pijnscore tot gemiddeld 4 op 10. Dat is toch een mooie winst? Meer nog: 11 van de 69 patiënten hadden na de detox géén verdere pijntherapie meer nodig. Revalidatieoefeningen volstonden.' Eind januari zal Van Buyten de resultaten van zijn onderzoek toelichten op een congres in Brussel, later wil hij ze ook in een wetenschappelijke studie publiceren. 'Het besluit is dat we met technische interventies tegen de pijn, zoals neurostimulatie, veel betere resultaten behalen dan met opioïden. En ja, zo'n neurostimulator kost veel geld, tot 20.000 euro. Maar nu betaalt het RIZIV ook al meer dan 56 miljoen euro per jaar terug aan de vijf meest voorgeschreven opioïden. Op termijn is mijn aanpak goedkoper, blijkt uit verschillende cost-effective-studies. De patiënten zijn pijnvrij, nemen geen medicatie meer, hoeven niet meer naar de dokter, en kunnen opnieuw aan de slag. Want met opioïden in je lijf kun je niet functioneren. Om nog te zwijgen over de neveneffecten: slaperigheid, concentratiestoornissen, constipatie en zelfs impotentie bij mannen. Levenskwaliteit? Nul.' Het is geen geheim dat Van Buyten wetenschappelijk onderzoek doet in samenwerking met verschillende fabrikanten van neurostimulatoren. Is hij daarom zo'n pleitbezorger van neurostimulatie als alternatief voor opioïden? 'Neurostimulatie is mijn dada', reageert hij. 'Ik ben er al jaren mee bezig. Waarom? Omdat ik zie dat het effect goed is, ook op lange termijn. En er zijn tal van studies die dat aantonen, terwijl er geen enkele studie is die de efficiëntie van opioïden bewijst om chronische pijn te bestrijden. Geen enkele.' Professor Morlion vindt het interessant dat Van Buyten de combinatie van detoxen met pijnbestrijding als behandelstrategie in studieverband uittest. Morlion: 'Detoxen gebeurt al decennia, dat is niet nieuw, al bieden maar weinig erkende pijncentra in België het aan. In ons pijncentrum behandelen we sommige patiënten enkel nadat ze akkoord zijn gegaan met een voorafgaande ontwenning van pijnstillers. Maar helemaal géén opioïden meer toelaten? Daar verschil ik van mening met collega Van Buyten. Ze kunnen wel degelijk een rol spelen in pijnbestrijding, maar dan moet je patiënten wel streng selecteren en goed opvolgen. Slechts een minderheid van de chronischepijnpatiënten komt daarvoor in aanmerking.' Het RIZIV reageert dat chronische pijn zeer complex is en dat alle pijnpatiënten verschillend zijn. 'Veelal is een combinatie van verschillende behandelingstechnieken vereist om een optimaal resultaat te verkrijgen. Het is gevaarlijk om de patiënten mirakeloplossingen en quick wins voor te spiegelen.' Uit onderzoek van het RIZIV blijkt dat een 56-jarige Belg in 2017 bij 82 artsen voorschriften voor het opioïde tramadol afhaalde, en vervolgens bij 85 apotheken de zware pijnstillers ging inslaan. Van Buyten: 'Als je zo veel tramadol inneemt, ben je dood. Met andere woorden: die persoon is eigenlijk een dealer.' Ook het RIZIV vermoedt dat de Belg de pijnstillers uiteindelijk heeft doorverkocht, maar kan dat niet vaststellen of bewijzen binnen zijn bevoegdheid. Medical shopping op zich is immers niet verboden bij wet. 'Soms misbruiken patiënten de vrijheid die ze hebben als patiënt', zegt Elien De Mooter van het RIZIV. 'De voorschrijvers en de apothekers hebben geen volledig beeld van zijn of haar verbruik. Het medicatieprofiel van verzekerden is nog niet toegankelijk voor alle zorgverleners. Met andere woorden: een arts of apotheker kan niet altijd nagaan hoeveel medicijnen de patiënt al elders heeft afgehaald.' Volgens Morlion moet de overheid dat probleem 'heel dringend' aanpakken.