Een wet van 4 augustus 1996 erkent dat welzijn op het werk ook te maken heeft met de mate van 'mentale belasting'. Maar wat is dat precies, mentale belasting? 'Je hebt werkbelasting en mentale belasting', weet Géraldine Hennixdal, een psychologe gespecialiseerd in positieve psychologie en coaching. 'De werkbelasting kent iedereen. Dat zijn alle taken die je in de loop van een dag of week moet afwerken. Mentale belasting is een veel breder begrip. Het is het cognitieve aspect van het werk dat draait om planning en organisatie, maar ook gewoon om het feit dat je eraan moet denken dingen te doen en daarna op te volgen.' Soms kan de combinatie van werkbelasting en mentale belasting te veel worden, met een burn-out tot gevolg.
...

Een wet van 4 augustus 1996 erkent dat welzijn op het werk ook te maken heeft met de mate van 'mentale belasting'. Maar wat is dat precies, mentale belasting? 'Je hebt werkbelasting en mentale belasting', weet Géraldine Hennixdal, een psychologe gespecialiseerd in positieve psychologie en coaching. 'De werkbelasting kent iedereen. Dat zijn alle taken die je in de loop van een dag of week moet afwerken. Mentale belasting is een veel breder begrip. Het is het cognitieve aspect van het werk dat draait om planning en organisatie, maar ook gewoon om het feit dat je eraan moet denken dingen te doen en daarna op te volgen.' Soms kan de combinatie van werkbelasting en mentale belasting te veel worden, met een burn-out tot gevolg. Voor je iets onderneemt, moet je eraan denken het te doen en het daarna ook effectief op touw zetten. Dat lijkt vanzelfsprekend, waarom is dat een probleem? 'Op professioneel vlak is iedereen verantwoordelijk voor zijn eigen terrein, tenminste als het werk goed georganiseerd is. Dat kan zwaar zijn, maar de werkverdeling is erop voorzien dat het doenbaar is. Het privéleven en het huishouden zijn zelden of nooit georganiseerd zoals een bedrijf, waar de rollen verdeeld zijn', zegt Hennixdal. Het resultaat is vaak dat 1 persoon het op zich neemt het grootste deel van de taken in te plannen en te organiseren. 'Meestal is dat de vrouw, want de huishoudelijke taken vallen doorgaans nog altijd in haar schoot. Maar het kan ook gaan om een alleenstaande ouder die alles op zich moet nemen, voltijds of bijvoorbeeld om de twee weken.'Sommige persoonlijkheden nemen sneller alles op zich. Vaak zijn dat volgens Géraldine Hennixdal perfectionisten, of mensen die alles onder controle willen houden, die onbuigzaam zijn in de manier waarop en wanneer ze dingen doen, die nood hebben aan erkenning en/of waardering voor het feit dat ze altijd maar bezig zijn, of die zich onmisbaar willen voelen. Daarin speelt ook onze opvoeding een belangrijke rol. Bij veel gezinnen bestaat nog het patroon dat de vrouw de planning doet en de zaken opvolgt, ziet ook Hennixdal. 'Mannen vinden het onrechtvaardig als ze ervan beschuldigd worden dat ze bijna niets doen. 'Ik doe toch altijd wat je vraagt?', is hun verweer. Maar dat is precies het probleem: het moet altijd gevraagd worden. De vrouw moet alles zien en moet denken aan wat er allemaal moet gebeuren, ook al kan ze de praktische uitvoering wel delegeren. Beide partijen hebben het over een andere last: de man over de uitvoering, de vrouw over de planning. Op dat vlak verstaan ze elkaar niet en hebben ze het gevoel dat hun inspanningen niet erkend worden.'Dat is ook het thema dat cartooniste Emma aankaart: het feit dat vrouwen mannen altijd moeten vragen iets te doen. Géraldine Hennixdal stelt zich toegeeflijker op. 'Emma is een feministische activiste, wat mogelijk haar harde toon verklaart. Persoonlijk vind ik dat communicatie en overleg de basis voor elk koppel en voor elk gezin moeten zijn. Als de man in de woonkamer televisie kijkt terwijl de vrouw in de keuken het eten klaarmaakt, heeft het geen zin daar gefrustreerd met de potten en de pannen te rammelen. Dan moet ze het inderdaad soms gewoon vragen. Expliciet, en zonder boos te worden of beschuldigingen te uiten.'Niet iedereen lijdt onder die mentale belasting, maar in extreme gevallen kan ze wel uitmonden in een 'huishoudelijke burn-out'. Dan is het tijd om actie te ondernemen en de gewoonten in het gezin anders te organiseren. Een revolutie is niet aangewezen, want dat kan sterke reacties uitlokken. Beetje bij beetje veranderingen invoeren lijkt de beste optie.