Overal kwam ik ze afgelopen week tegen. Snotterende, hoestende, koortsige mensen. Ik herkende hun fletse ogen en rode neuzen op de redactie, op school, in de supermarkt, ja zelfs in het theater. Niet zo gek natuurlijk nu de griep naar jaarlijkse gewoonte piekt. De vraag is dan ook niet waarom al die mensen ziek zijn, maar wel hoe ze het in hun hoofd halen om gewoon te blijven rondlopen. 'Deze week kan ik echt niet ziek zijn, want ik zit midden in een belangrijk project', legde een vriend me tussen twee niesbuien door uit. Zijn al even zieke lief trad hem meteen bij: 'Ik blijf ook werken. We zijn zo al onderbemand en ik wil het mijn collega's niet aandoen dat ze mijn taken er ook nog...

Overal kwam ik ze afgelopen week tegen. Snotterende, hoestende, koortsige mensen. Ik herkende hun fletse ogen en rode neuzen op de redactie, op school, in de supermarkt, ja zelfs in het theater. Niet zo gek natuurlijk nu de griep naar jaarlijkse gewoonte piekt. De vraag is dan ook niet waarom al die mensen ziek zijn, maar wel hoe ze het in hun hoofd halen om gewoon te blijven rondlopen. 'Deze week kan ik echt niet ziek zijn, want ik zit midden in een belangrijk project', legde een vriend me tussen twee niesbuien door uit. Zijn al even zieke lief trad hem meteen bij: 'Ik blijf ook werken. We zijn zo al onderbemand en ik wil het mijn collega's niet aandoen dat ze mijn taken er ook nog bij moeten nemen.' Vlaamse huisartsen krijgen steeds vaker zulke patiënten over de vloer: ze zijn overduidelijk ziek, weten dat zelf maar al te goed maar vragen toch om een paardenmiddel zodat ze door kunnen blijven gaan. Sneuvelen ze uiteindelijk toch, dan beperken ze het aantal ziektedagen zoveel mogelijk en gaan ze weer aan de slag zodra de koorts min of meer onder controle is. Sinds de werkzekerheid door de economische crisis een duik heeft genomen, volgen meer en meer mensen dat voorbeeld. 'Vooral hoogopgeleide patiënten die hun job graag en met overgave doen, weigeren uit te zieken', vertelde een huisarts me onlangs. 'Dat is in hun kringen not done.' Met als gevolg dat ze de helft van hun collega's aansteken en er zelf weken of zelfs langer over doen om weer helemaal op krachten te komen. 'Vroeger, toen we kind waren, konden we tenminste nog eens een hele week uitzieken', hoorde ik een kennis zeggen. Meteen rook ik weer de geur van de groentesoep met balletjes die mijn grootmoeder maakte als ik 's winters met koortswangen bij haar op de bank lag. Dekentje over me heen, glaasje sap bij de hand en de tv op Children's BBC. Moeten we dan jaloers zijn op kinderen die zonder schuldgevoel een hele week in bed kunnen blijven? Niet echt. Ook leraars klagen dat hun leerlingen steeds vaker ziek of amper genezen naar school komen. Omdat ouders bang zijn dat ze te veel lessen zullen missen soms, maar nog veel vaker omdat diezelfde ouders na twee dagen sociaal verlof en een dagje bij oma geen idee meer hebben hoe ze hun zieke zoon of dochter nog kunnen opvangen. Koorts weg betekent dus terug naar school.Wat is dat toch met ons? Waarom hebben we het zo moeilijk om te aanvaarden dat ons lijf soms even niet wil? Waarom blijven we stoer doorgaan en onszelf wijsmaken dat onze werkgever over de kop gaat als wij er een weekje niet zijn? Pas als onze baas ons op het hart drukt dat we echt even de tijd moeten nemen om beter te worden, blijven we met een min of meer gerust gemoed thuis. Om dan tussen twee koortsdromen door toch nog even onze smartphone te checken. Misschien wordt het wel tijd dat we weer leren om ziek te zijn. Gewoon af en toe een weekje. Dan zullen we misschien minder lopen zeuren dat we toch zo moe zijn, niet van die vervelende hoofdpijn afraken en om de haverklap verkouden worden.Ondertussen probeer ik zoveel mogelijk bij grieperige mensen uit de buurt te blijven. Mocht een mondmaskertje er niet zo idioot uitzien, ik zou het nog overwegen om er één te dragen. Want mijn vrienden vallen dezer dagen bij bosjes. Dat lees ik op dit eigenste moment op Facebook: 'Oké griep, je hebt gewonnen. Ik geef op', schrijft iemand. Waarop een van haar vriendinnen reageert met het veelzeggende: 'Néééééééééééééé'. Ik ken het gevoel.