'Veel dikke mensen belanden in een sukkelstraatje door eenzijdige diëten', zegt Luc Evenepoel. 'Ze eten smakeloze vervangmaaltijden en sporten als gek. Geen mens die dat volhoudt.' Evenepoel werkt als anesthesist in het Zuid-Afrikaanse Kaapstad, waar hij in twee ziekenhuizen obese patiënten voorbereidt op vermageringsoperaties. Nadat hij zich had verdiept in de wetenschappelijke literatuur over zwaarlijvigheid, besloot hij de de gangbare vermageringsdiëten onder de loep te nemen. Daarover brengt hij verslag uit in erg toegankelijke boeken, met veel praktische tips, doorspekt met een vleugje humor.
...

'Veel dikke mensen belanden in een sukkelstraatje door eenzijdige diëten', zegt Luc Evenepoel. 'Ze eten smakeloze vervangmaaltijden en sporten als gek. Geen mens die dat volhoudt.' Evenepoel werkt als anesthesist in het Zuid-Afrikaanse Kaapstad, waar hij in twee ziekenhuizen obese patiënten voorbereidt op vermageringsoperaties. Nadat hij zich had verdiept in de wetenschappelijke literatuur over zwaarlijvigheid, besloot hij de de gangbare vermageringsdiëten onder de loep te nemen. Daarover brengt hij verslag uit in erg toegankelijke boeken, met veel praktische tips, doorspekt met een vleugje humor. In Zuid-Afrika is 'doctor Luc' uitgegroeid tot een referentiefiguur. Hij trekt door het land met lezingen waarin hij brandhout maakt van vermageringshypes en haalbare adviezen in de plaatst stelt. Dat wordt hem niet altijd in dank afgenomen door lokale dieetgoeroes - 'die mensen zijn soms ongelooflijk onbeleefd' - maar dat houdt hem niet tegen. Zijn nieuwe boek, Van diëten word je dik, wordt nu ook bij ons uitgegeven. 'Aanhangers van het populaire koolhydraatarme dieet denken dat ze het ei van Columbus hebben ontdekt', vertelt Evenepoel, 'terwijl het al meer dan 100 jaar bestaat en regelmatig weer opduikt, onder telkens weer een andere naam.' Het zoveelste koolhydraatarme dieet, het zogenoemde ketogeen dieet, is nu ook bij ons in opmars. 'Volgens sommigen is suiker dé oorzaak van obesitas, volgens anderen zijn het de vetten. Beide hebben hun diëten en dieetgoeroes, vaak bekende mensen die veel aanhangers hebben', stelt Evenepoel. Maar uiteindelijk maakt het niet uit wat je kiest, met beide diëten vermager je tijdelijk ongeveer evenveel. Dat bleek onlangs uit een vergelijkende studie waarin 609 zwaarlijvige Amerikanen bereid werden gevonden om deel te nemen aan een éénjarig onderzoek waarbij één groep amper suiker at en de andere groep amper vet. Beide groepen verloren gemiddeld 5,3 en 6 kg in één jaar, wat geen significant verschil is. De conclusie luidde dat je vermagert als je minder industrieel bereide maaltijden eet, met koolhydraten of vet heeft het niets te maken. Het onderzoek werd gepubliceerd in het februarinummer van de Journal of the American Association (JAMA). 'Kant-en-klaar is inderdaad het probleem', bevestigt Luc Evenepoel. 'We eten te veel rommel zonder het te beseffen. Voedsel uit pakjes en zakjes is geen echt voedsel. Eet voedsel uit de natuur, niet uit de fabriek, dan vermager je vanzelf.' Calorieën tellen vindt hij al helemaal absurd: 'Zinloos tijdverlies. Veel belangrijker is waar de calorieën vandaan komen. Neem nu een Mars. Eén reep bevat evenveel calorieën als drie appels, maar is lang niet zo verzadigend. We eten ook geen drie appels achter elkaar.' Mensen willen zo graag geloven dat diëten en wonderkuren je helpen te vermageren, maar ze floppen zonder uitzondering. In het begin kun je snel wat gewicht verliezen, maar als reactie op de verminderde calorietoevoer gaat je lichaam je stofwisseling vertragen. Kilo's verliezen wordt dan steeds moeilijker, waardoor je ontmoedigd raakt. 'Diëten floppen omdat je ze onmogelijk kunt volhouden', zegt Evenepoel. 'Zodra je er de brui aan geeft en weer gaat eten als voorheen, kom je niet alleen kilo's bij, maar méér kilo's dan je kwijt was, omdat je stofwisseling nog een tijdlang vertraagd is. Je raapt je moed bijeen en begint opnieuw. Jojoën heet dat. Hoe vaker je dieet, hoe groter de kans op zwaarlijvigheid.' Wie de dik-duncyclus meermaals doorloopt, riskeert een permanent vertraagde stofwisseling. Zwaarlijvige mensen die beweren dat ze sneller verdikken dan anderen, hebben dus een punt. De verklaring zit niet in de genen, zoals ze vaak veronderstellen, maar in de vertraagde stofwisseling door opeenvolgende dieetpogingen. Hetzelfde zie je bij gewichtheffers of worstelaars die tijdens hun competitiejaren geregeld probeerden af te vallen om in een lagere gewichtscategorie te kunnen deelnemen. Na hun carrière lopen ze drie keer meer kans op zwaarlijvigheid dan atleten die sporten beoefenen zonder gewichtscategorieën. 'Alle diëten hebben drie zaken gemeen', vat Luc Evenepoel samen. 'In het begin val je af, na enkele weken (gewoonlijk zes) geef je het op en vervolgens kom je weer bij.' Soms ben je veel geld kwijt en vaak heb je veel honger geleden, zonder resultaat op lange termijn. Begin er dus beter niet aan. Niet goed voor je portemonnee, noch voor je humeur. In korte tijd veel gewicht verliezen is helaas niet mogelijk en ook niet slim. 'Neem je tijd om te vermageren met kleine, haalbare stapjes', legt Luc Evenepoel uit. 'Je hoeft je niets te ontzeggen en geen honger te lijden', klinkt het bemoedigend. Laat je ook niet wijsmaken dat je slank wordt in de fitness, want van sporten val je amper af. 'Ik kan mijn boodschap in één zin van zes woorden samenvatten: 'Eet natuurlijk voedsel in natuurlijke hoeveelheden.' Met natuurlijke hoeveelheden wordt vooral minder eten bedoeld. Verpakkingen worden steeds groter, denk maar aan de popcorn in de bioscoop: vroeger een bekertje, tegenwoordig een emmer. Een fles cola bevatte in de jaren zestig 200 ml, nu soms 500 ml. Snoeprepen als Mars en Twix zijn meer dan verdubbeld. Daardoor eten we onbewust meer. Ook de voorgestelde porties in receptenboeken werden groter. 'Een recept voor spaghetti bolognese uit een bekend basiskookboek was in de eerste uitgave in de jaren zestig bedoeld voor 8 personen en 10 edities later, in de jaren 2000, wordt hetzelfde recept met dezelfde hoeveelheden aangegeven voor 4 personen.' Zelfs de borden werden groter. En de wijnglazen ook. Onderzoek leert dat mensen onbewust meer eten uit grotere borden en minder uit een klein bord, met hetzelfde verzadigingseffect. Een van de bekendste studies daarover is het ijsjesexperiment uit 2006. Op een feestje voor diëtisten kregen sommige bezoekers een kleine kom en andere een grote kom aan het ijsbuffet. Wie een grote kom had, schepte 30 procent meer ijs op dan wie een kleine kom had. Het is een vorm van zelfbedrog die verklaard wordt aan de hand van de Delboeuf-illusie, een optische illusie: hoe groter de kom of het bord, hoe kleiner de portie lijkt die je erin legt. Voor glazen werd vastgesteld dat je 20 procent minder drinkt uit een lang smal glas, dan uit een kort een breed. Dergelijke tips helpen je beetje bij beetje van je overgewicht af, zonder dat je er erg in hebt. In zijn boek heeft Luc Evenepoel ze allemaal verzameld.