De Nutri-Score deelt voedingsproducten onder in 5 klassen, ondersteund door een kleur die varieert van donkergroen voor de gezonde producten van klasse A tot donkerrood voor de minst gezonde van klasse E.
...

De Nutri-Score deelt voedingsproducten onder in 5 klassen, ondersteund door een kleur die varieert van donkergroen voor de gezonde producten van klasse A tot donkerrood voor de minst gezonde van klasse E. Het algoritme op basis waarvan de score wordt berekend, houdt rekening met zowel positieve als negatieve elementen per 100 gram van het product. Zo heeft het gehalte aan suikers, verzadigde vetzuren, calorieën en zout een negatieve impact op de score, terwijl het gehalte aan fruit, groenten, vezels of eiwitten de score kan opkrikken. Rood houdt evenwel geen verbod in, wel dat je de consumptie het best beperkt. Het systeem werd in 2014 door Serge Hercberg, voedingsdeskundige aan de universiteit van Parijs, ontwikkeld op basis van het beroemde verkeerslichtsysteem van het Britse Food Standard Agency. Het is sinds november 2017 van kracht in Frankrijk - als vrijwillig initiatief. België volgde in 2018, eveneens op vrijwillige basis. Het staat producenten of verdelers dus vrij het label al dan niet te gebruiken. Delhaize en Intermarché waren de eerste supermarktketens in België die dit systeem invoerden en Colruyt en Carrefour volgden kort daarna. Momenteel is het label op zo'n 20 procent van de producten te vinden. In tegenstelling tot wat je zou denken is het voedingslabel niet bedoeld om aan te duiden of een product 'gezond' of 'ongezond' is. Het moet consumenten helpen om makkelijker producten uit eenzelfde voedingsgroep met elkaar te vergelijken. Zo is gerookte zalm (score D) een minder goede keuze wegens het hoge zoutgehalte dan verse zalm (score A). De nutri-code discrimineert dus geen volledige voedingsgroepen, zoals kaas of chips als 'ongezond', ook al is het aangewezen dat je toch niet té veel van die producten naar binnen werkt. In Frankrijk heeft bijvoorbeeld slechts 15 procent van de kazen een rood label.De Nutri-Score is een eenvoudig systeem waarmee je in één oogopslag de score van het product kan zien. je hoeft dus niet ellenlange complexe tabellen met voedingswaarden te overlopen en vervolgens tot de vaststelling komen dat je eigenlijk weleens een bril zou kunnen gebruiken. Om de score te zien, heb je alvast geen bril nodig, want ze is goed zichtbaar vooraan op de verpakking aangebracht. Je krijgt bovendien maar één score te zien. Andere systemen, zoals het verkeerslichtsysteem, geeft bijvoorbeeld tegelijk een rode sticker voor suiker als een groene voor vet. Dat is verwarrend voor de consument.Omdat de Nutri-Score zo makkelijk te begrijpen is door de consument, is het label het meest effectief om gezondere voedingskeuzes te maken.De D-score van gerookte zalm zal bij velen de wenkbrauwen doen fronsen, maar door het hoge zoutgehalte is de score in vergelijking met de A-score van verse zalm best wel terecht. Alleen, daar is de consument zich niet altijd van bewust. De grootste kritiek op het systeem is dan ook dat de consument niet weet dat de score bedoeld is om producten van eenzelfde voedselgroep met elkaar te vergelijken en niet zozeer om een product als al dan niet 'gezond' te bestempelen. Voor groenten en fruit is zoiets vrij makkelijk, maar bewerkte producten zitten iets gecompliceerder in elkaar. De Nutri-Score houdt daarnaast geen rekening met de aanwezigheid van additieven, residuen van pesticiden en allergenen. Dat zijn bestanddelen van ultrabewerkte voeding die we best vermijden.De score wordt ook niet bepaald door de grootte van het product, wat verklaart waarom een grote fles olijfolie een slechtere Nutri-Score krijgt, en ze geldt enkel voor de toestand waarin het product verkocht wordt, en houdt dus geen rekening met de manier waarop het bereid wordt. Zo scoren Diepvriesfrieten krijgen een goede score, omdat het label geen rekening houdt met het frituren.Om de Nutri-Score doeltreffend te laten werken, moet het logo dus op elk product worden aangebracht. Dat is nu niet het geval aangezien het systeem niet verplicht is. Meerdere fabrikanten verzetten er zich fel tegen omdat hun producten er slecht op scoren. Fevia, de federatie van de Belgische voedingsindustrie, vindt de Nutri-Scoren niet het juiste systeem om mensen richting evenwichtige voeding te leiden omdat het 'te simplistisch' is om mensen grondig te informeren. De informatie op het etiket moet beter aangepast zijn aan die individuele noden, vindt ze, zoals nu bijvoorbeeld het geval is met de 'reference intakes', die percentages ten opzichte van de dagelijkse aanbevolen hoeveelheden weergeven.Ondanks de kritiek, lijken de voordelen van de Nutri-Score het toch te halen op de nadelen. Het leidt effectief tot gezondere voedingsaankopen en heeft een veel groter effect dan andere systemen, zo blijkt uit Frans onderzoek, ook al wil dit niet zeggen dat je daarmee ook een perfect gezond en evenwichtig voedingspatroon aanhoudt. De grootste impact ziet men bij mensen die minder belang hechten aan gezonde voeding, een doelgroep die vaak onbereikbaar blijft voor dergelijke boodschappen. Onderzoek wijst ook uit dat de Nutri-Score nuttig kan zijn in de preventie van kanker en chronische aandoeningen. Hoe meer oranje en rood in de voeding, hoe hoger het risico, zo blijkt. Een onverwacht positief effect is tot slot dat sommige producenten de samenstelling van hun producten aanpassen om een betere score te krijgen. Uit een onderzoek van Test-Aankoop eind 2019 blijkt dat bijvoorbeeld de Nutri-Score voor heel wat snacks voor kinderen is verbeterd. Ervaringen in Australië en Nieuw-Zeeland wijzen eenzelfde trend uit. Toch zal enkel en alleen een voedingslabel de obesitasepidemie, waar de wereld momenteel aan lijdt, niet indijken. Ook andere maatregelen zijn belangrijk zoals gezonde drankautomaten op school, een taks op ongezonde voeding en een verbod op reclame voor ongezonde voeding