Covid-19 maakt mensen angstiger en depressiever, blijkt uit de tussentijdse Covid-19-gezondheidsenquêtes (Sciensano). In het aprilrapport gaf 20 tot 30% van de bevolking aan eronder te lijden. 'Toch biedt deze periode ook kansen', vertelt psychiater Dirk De Wachter (UPC KU Leuven). Op zijn kabinet houdt hij al jaren de vinger aan de maatschappelijke pols. Zeker, de aanzwellende cijfers over psychische problemen baren hem zorgen. 'Onze sector is verzekerd van werk de komende tijd', voorspelt hij. Anderzijds vangt de psychiater ook veel positieve signalen op, zelfs uit de groep kwetsbare mensen die hij behandelt.
...

Covid-19 maakt mensen angstiger en depressiever, blijkt uit de tussentijdse Covid-19-gezondheidsenquêtes (Sciensano). In het aprilrapport gaf 20 tot 30% van de bevolking aan eronder te lijden. 'Toch biedt deze periode ook kansen', vertelt psychiater Dirk De Wachter (UPC KU Leuven). Op zijn kabinet houdt hij al jaren de vinger aan de maatschappelijke pols. Zeker, de aanzwellende cijfers over psychische problemen baren hem zorgen. 'Onze sector is verzekerd van werk de komende tijd', voorspelt hij. Anderzijds vangt de psychiater ook veel positieve signalen op, zelfs uit de groep kwetsbare mensen die hij behandelt. 'Een deel van mijn cliënten voelt zich voor het eerst sinds lang opnieuw een beetje 'normaal'. Ik heb het over mensen met ingrijpende aandoeningen zoals schizofrenie of een psychosegevoeligheid. Ze vertellen me dat op een licht ironische manier, dat wel, maar ik begrijp hun gevoel. Mensen in die groep voelen zich vaak geïsoleerd. Ze hebben over het algemeen weinig sociale contacten, leven teruggeplooid op zichzelf, komen niet vaak buiten. Vóór de coronacrisis bestempelde men die manier van leven als abnormaal of afwijkend. Vandaag lijden ze minder onder het stigma. Covid-19 normaliseert in zekere zin een dagelijkse realiteit die zij al veel langer kennen. Hun verhaal illustreert treffend hoezeer onze maatschappelijke context concepten als 'normaal' en 'abnormaal' beïnvloedt, en hoe groot de impact van die oordelen kan zijn.'Ook de bredere samenleving, merkt De Wachter, toont zich verrassend veerkrachtig. '20 tot 30% lijdt onder deze crisis. Dat moeten we uiteraard opvolgen en ernstig nemen. Maar datzelfde cijfer suggereert evengoed dat 70 tot 80% van de mensen het voorlopig relatief goed stelt. Een grote meerderheid past zich blijkbaar aan en voelt zich voldoende omringd om constructief met de crisis om te gaan. Mensen missen sociaal contact, maar vullen dat op andere manieren in. Ik zie veel creativiteit en vooral solidariteit. We zijn attent voor elkaar en volgen de regels meestal goed op. Dat stemt me hoopvol.'Bij het begin van de uitbraak lanceerde De Wachter een oproep om 'verantwoord onnozel te doen'. Met succes. Sindsdien loopt zijn mailbox vol met filmpjes van verantwoorde gekkigheden. 'Corona maakt duidelijk de creativiteit in mensen wakker. Dat is mooi. Samen met de immense solidariteit en zorgzaamheid zou ik het de belangrijkste prestatie van de crisis willen noemen. De Nederlandse historicus Rutger Bregman heeft gelijk als hij stelt dat de meeste mensen deugen. Ik volg zijn positieve mensbeeld. We moeten het goede dat burgers vandaag realiseren - in buitengewone omstandigheden - koesteren en versterken.'Een goede vriend bracht De Wachter onlangs een 'balkonbezoek'. Dat deed hem veel deugd. 'Ik stond in mijn deuropening, hij een paar meter verder op de stoep. We hebben lange tijd gepraat, en achteraf genoot ik intens na van de connectie en het mooie gesprek. Count your blessings, dacht ik. Of hoe iets schijnbaar banaals als een goed gesprek aan betekenis wint naarmate het minder vanzelfsprekend wordt. Ik vermoed dat veel mensen gelijksoortige ervaringen hebben.''Met wat geluk leert de crisis ons wat we écht missen, wat wezenlijk is', vervolgt hij. 'Voor mij zijn dat de ontmoeting, verbondenheid, de nabijheid van geliefden, sociaal contact op een fysieke manier. Vandaag bemoeilijken de regels rond fysieke afstand die zaken. Ik hoop dat het gebrek aan contact mensen bewust maakt van het essentiële belang van die verbondenheid. Contact via telefoon, sociale media of Skype is waardevol, maar het kan de nabijheid die echt contact schenkt nooit vervangen.'Het verlies aan vrijheid verplicht mensen tot een sterk vereenvoudigd leven. Dat hoeft op zich niet negatief te zijn. 'Hoe eenvoudiger je leven, hoe makkelijker je ervan kunt genieten', schreef filosoof Tom Hannes in De Standaard (9/4/2020). Hannes waarschuwt voor de valse geluksbeloften van luxe en overdaad. Tezelfdertijd merkt hij op dat eenvoud een vrijwillige keuze moet zijn. 'Want opgelegde karigheid voelt alleen bitter.'De Wachter beaamt. 'Gedwongen eenvoud werkt inderdaad niet. Toch hoop ik dat de lockdown mensen uitnodigt om vrijwillig de alternatieven voor luxe en overdaad te ontdekken. Die verre reis viel in het water, maar nu ontdek je misschien de natuur vlakbij, je dorp of stad, de schoonheid van dingen waaraan je altijd bent voorbijgegaan. Wie minder slaaf is van zijn drukke agenda herwint in zekere zin de vrijheid om nieuwe dingen te exploreren, en kan anders omgaan met tijd en verwachtingen. Er ontstaat ruimte voor iets anders.'Hoe goed of slecht je het stelt, hangt uiteraard ook af van je persoonlijke situatie. 'Mensen die een groot huis met een tuin hebben en zich geen financiële zorgen hoeven te maken, beleven deze periode vermoedelijk anders dan een jong gezin in de stad. Ook alleenstaanden verdienen aandacht. Zij lopen een hoger risico op mentale problemen in deze periode." De Wachter introduceerde eerder het concept 'alenigheid': een samentrekking van 'alleen' en 'lenig'. Hoe kunnen we op een mentaal lenige manier alleen zijn? Zijn vraag richt zich niet exclusief tot alleenstaanden. 'Mensen met een sterk sociaal netwerk voelen zich soms ook alleen. Het gaat vooral om de kwaliteit van je contacten. De vraag is dus: hoe kunnen we alleen zijn zonder ons eenzaam te voelen?' Het antwoord is voorspelbaar eenvoudig. 'Door op de een of andere manier toch verbonden te blijven met anderen. Weten dat je bij noodgevallen altijd ergens terechtkunt, maakt het feit dat je alleen bent of woont een pak minder zwaar. Noem het 'gegrond' alleen zijn.'Voor introverte persoonlijkheden geldt die logica ook. 'Enkelen van mijn patiënten die zichzelf tot die groep rekenen, zeggen me dat deze periode hen goed doet. Maar zelfs mensen op het veeleer introverte spectrum hebben nood aan verbondenheid. Meestal op een voorzichtige, gedoseerde manier, maar toch. Ook zij voelen een sociale behoefte. Eigenlijk is niemand gemaakt om echt alleen te zijn.'De covid-19-gezondheidsenquêtes bevestigen dat belang van sociale ondersteuning. Uit het aprilrapport blijkt dat het risico op zowel angst als depressie daalt naarmate mensen zich gesteund voelen door hun omgeving. Tevredenheid over sociale contacten, de kwaliteit van ondersteuning en de mogelijkheid om emoties te delen in hun omgeving zijn belangrijk. De frequentie van de contacten duidden deelnemers aan als minder relevant, wat doet vermoeden dat vooral de kwaliteit ervan doorweegt. De Wachter hoopt dat het dagelijkse applaus niet verstomt als covid-19 eenmaal getemd is. 'Het is hartverwarmend om te zien hoeveel mensen onze bejaarden vandaag steunen met kaartjes, liedjes en andere attenties. Laat dat vooral voortduren. Ergens vind ik het wel jammer dat we covid-19 nodig hadden om die groep in beeld te brengen. Iedereen vindt het vandaag schrijnend dat onze ouderen geen bezoek mogen ontvangen. Plotseling wordt hun eenzaamheid een groot verhaal. Maar velen onder hen leefden ook vóór covid-19 al in een isolement. Ik hoop dat deze crisis het belang van verbinding herwaardeert. Ook met onze ouders en grootouders.''Laat de huidige zorgzaamheid, solidariteit en creativiteit maar gronden en groeien', vervolgt De Wachter. 'We mogen ze niet vergeten, zeker niet als we opnieuw naar een samenleving met grote economische snelheid zouden duiken. Deze crisis kost ons miljarden. Het risico op een heruitgave van de ratrace is reëel. Vóór covid-19 had je een groep die erin slaagde daarin mee te draaien, en een groep die uit de boot viel. Hoe zullen we daar in de toekomst mee omgaan? Ik hoop dat ook het postcoronatijdperk ons nog ruimte tot grondige reflectie zal bieden', besluit De Wachter. Marleen Finoulst en Thomas Detombe