Biologe Isra Deblauwe van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) in Antwerpen was er even niet goed van: deze zomer ving haar team op een industriegebied in de Waaslandhaven in korte tijd 68 Aziatische tijgermuggen. Daar waren 9 larven en 36 eitjes bij. 'Dat wijst erop dat de diertjes zich voortgeplant hebben', zegt ze. 'Nu is het zaak na te gaan of ze ook kunnen overwinteren. We gaan in maart op zoek naar larven. Als we er vinden, hebben we het bewijs dat de tijgermug zich in Vlaanderen kan vestigen. We zullen dan meteen maatregelen ter bestrijding laten nemen.'
...

Biologe Isra Deblauwe van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) in Antwerpen was er even niet goed van: deze zomer ving haar team op een industriegebied in de Waaslandhaven in korte tijd 68 Aziatische tijgermuggen. Daar waren 9 larven en 36 eitjes bij. 'Dat wijst erop dat de diertjes zich voortgeplant hebben', zegt ze. 'Nu is het zaak na te gaan of ze ook kunnen overwinteren. We gaan in maart op zoek naar larven. Als we er vinden, hebben we het bewijs dat de tijgermug zich in Vlaanderen kan vestigen. We zullen dan meteen maatregelen ter bestrijding laten nemen.' De tijgermug is een piepklein muggetje van maximaal een halve centimeter groot, dus kleiner dan onze gewone steekmug. Ze is zwart met contrasterende witte strepen, vandaar de referentie aan de tijger in haar naam. Haar aanwezigheid noopt tot ongerustheid, want ze draagt gevaarlijke, mogelijk zelfs dodelijke tropische koortsen over. Het globale reis- en handelsverkeer heeft haar vanuit Azië de wereld rond gebracht, tot bij ons. 'We vonden ze in 2000 toevallig in een bandenbedrijf dicht bij de haven', legt Deblauwe uit. 'In 2013 en 2016 zat ze daar weer. Vanaf 2017 zijn we begonnen met een veel intensere monitoring van risicozones, onder meer in de haven. Het is in dat kader dat we in 2018 de eerste grote zomerpopulatie ontdekten, verspreid over enkele bedrijven. We vonden ook een paar volwassen tijgermuggen in een Oost-Vlaams tuincentrum dat geluksbamboe uit tropische oorden invoert voor de markt van kamerplanten. Eitjes en larven van de mug kunnen meekomen in het water of de gel waarin de planten vervoerd worden. Tot dusver hebben we nog geen tijgermuggen in een woonwijk aangetroffen.' De Waaslandhaven en het Oost-Vlaamse tuincentrum zijn de enige locaties in Vlaanderen waar de tijgermug tot nu toe is aangetroffen. Het opgevoerde onderzoek past in het project 'Monitoring van Exotische Steekmuggen in België' (MEMO) dat in de zomer van 2017 van start ging. Het wordt gefinancierd door diverse gewestelijke en federale instanties. De aanwezigheid van de muggen houdt een risico in omdat ze koortsveroorzakende virussen die besmette reizigers meebrengen bij een steek met het bloed kunnen oppikken en doorgeven aan de volgende mensen die ze steken. In Zuid-Europa zijn al gevallen van dengue- en chikungunyakoorts vastgesteld. De onderzoekers plaatsen vallen voor volwassen muggen, larven en eitjes op 23 risicoplekken, waar de kans het grootst is dat er muggen binnenkomen: havens, luchthavens, bandencentrales (de muggen leggen graag eitjes in de plasjes die in banden achterblijven), bloemenveilingen met rechtstreekse aanvoer uit het Zuiden en parkeerterreinen langs autosnelwegen, vooral die met een wegrestaurant waar auto's een tijdje blijven staan. Er zijn drie scenario's voor monitoring, afhankelijk van het aantal waarnemingen: geen muggen, enkele muggen of een gevestigde populatie van muggen. Hoe groter het aantal gevonden muggen, hoe intensiever er gemonitord wordt. Ook in Wallonië is de tijgermug aangetroffen, op drie plaatsen, waarvan twee parkeerterreinen langs de E411 die uit Frankrijk komt. 'Dat is bijzonder verontrustend,' stelt Deblauwe, 'want het gaat hoogstwaarschijnlijk om muggen uit in Frankrijk gevestigde populaties, die zich dus al aan ons klimaat hebben aangepast. De kans dat die diertjes in staat zijn te overwinteren is een stuk groter dan voor beestjes die rechtstreeks uit de tropen komen. We gaan vanaf maart intensief op die parkings monitoren om te zien of we er larven vinden. Het is zeker dat eitjes of muggen ooit onze winters gaan overleven, maar we willen er zo snel mogelijk bij zijn.' Als er in Vlaanderen tijgermuggen gevonden worden, wordt het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) ingeschakeld om de verdelging te organiseren. 'Als we niet meteen ingrijpen wordt de bestrijding moeilijker en dreigen de kosten voor zowel bestrijding als volksgezondheid te ontsporen', verduidelijkt expert wildziekten Muriel Vervaeke van het ANB. 'We moeten dus hyperalert blijven. Behalve de globalisering is er ook de klimaatopwarming, waardoor het voor muggen gemakkelijker wordt onze winters te overleven. In Duitsland zit er al een stevige populatie die overwintert. Zelfs in Nederland, vlak over de grens in Weert, is vastgesteld dat de tijgermug overwinterd heeft, hoewel Nederland een uitmuntend monitoring- en verdelgingssysteem op poten heeft gezet. Onze Nederlandse collega's zullen ons waarschuwen als de muggen in onze richting komen.' Voor de verdelging wordt de gespecialiseerde firma Rentokil ingeschakeld. 'In 2016 waren er twee interventies in de bandencentrale in de buurt van de Antwerpse haven', vervolgt Vervaeke. 'In het kader van het MEMO-project gaf het ANB ongeveer 38.000 euro uit aan verdelging van tropische muggen. Dat is al bij al een redelijk bedrag. De verdelging van larven gebeurt vooral door te sproeien met biologische insecticiden. Volwassen muggen worden soms met chemische middelen verdelgd. Alle jaren dat we kunnen vermijden dat de muggen zich bij ons vestigen, zijn gewonnen. Zodra ze zich genesteld hebben, zullen ze moeilijk opnieuw uit te roeien zijn.' Muggenbestrijding behoort tot het onderzoeksdomein van bioloog Bram Vanschoenwinkel (VUB). Samen met collega Hendrik Trekels publiceerde hij onlangs in Ecology Letters over de reacties van muggen op de aanwezigheid van vissen en waterroofkevers in plassen. In tropische regio's, waar ziektes als malaria, zika en gele koorts welig tieren, zetten mensen soms vissen in vijvertjes die daar niet op voorzien zijn, in de hoop op die manier de muggen te bestrijden. Visloze vijvertjes in de buurt worden besmet met een soort 'visgeur' die zich via de lucht verspreidt en waar de muggen scherp op reageren, want hun reukvermogen is uitstekend. 'We stelden toch vast dat muggen bij gebrek aan iets beters niet aarzelen om eitjes te leggen in vijvers met vissen', vertelt Vanschoenwinkel. 'We moeten dus voorzichtig zijn met eenvoudige ingrepen. We zouden visgeur als afschrikmiddel kunnen gebruiken in vijvertjes vlak bij dorpen. De muggen zouden dan gedreven worden naar verder weg gelegen visgeurvrije watertjes, waar ze massaal hun eitjes gaan dumpen. Daar zouden we dan insecticiden kunnen inzetten. Op die manier houden we de muggen weg van dorpen en beperken we het gebruik van insecticiden.' Vanschoenwinkel werkt nu een 'wild idee' uit: 'We gaan proberen de geurmoleculen te isoleren die vissen loslaten. Als we die op relatief eenvoudige wijze kunnen synthetiseren, zouden we een nieuw hyperefficiënt bestrijdingsmiddel hebben. We vermoeden trouwens dat de vissen de geur niet zelf produceren, maar dat hij veroorzaakt wordt door bacteriën die in de slijmlaag op hun schubben leven. Muggen zijn simpele diertjes, maar toch lijken ze complexe beslissingen te nemen. De vraag is of ze zullen doorkrijgen dat we met hun voeten spelen als we zo'n synthetische visgeur gaan inzetten.' Volgens Vanschoenwinkel is het efficiëntste bestrijdingsmiddel nog altijd DDT, maar het gebruik ervan is al lang verboden, wegens zijn schadelijke effecten op het leefmilieu. De recentste nieuwigheid is het concept van de ' gene drive', waarmee genen die muggen resistent maken tegen een ziektekiem of die van alle muggen mannetjes maken in hoge versnelling in een populatie worden verspreid. Dat leidt in principe tot het lokaal uitsterven van ofwel de ziektekiem ofwel de muggengastheer. De techniek is al getest in Panama en Brazilië in de strijd tegen de muggen die zika en dengue overdragen. Dit jaar zal ze in Burkina Faso voor het eerst tegen malariamuggen getest worden. 'De vraag is of het in de natuur even goed gaat werken als in het laboratorium', waarschuwt Vanschoenwinkel. 'Maar als het goed werkt, kan het een doodvonnis betekenen voor sommige soorten. Het uitroeien van muggenpopulaties zal ongetwijfeld ecologische effecten hebben, want muggen vormen zowel in het water als in de lucht voedsel voor heel wat andere dieren. Daarom blijf ik pleiten voor preventieve maatregelen. In tropische dorpen hebben mensen graag een waterput in de buurt van hun huis, maar die is vaak een broeihaard voor muggen. Ook autobanden, plastic en ander afval dat niet opgeruimd wordt, kunnen een muggenplaag veroorzaken. Samen met het gebruik van muskietennetten kan een preventieve aanpak kleine wonderen doen.' Naast de tijgermug zijn er recent in ons land nog drie andere exotische muggensoorten aangetroffen. Van eentje werd slechts één wijfje gevonden. De Aziatische bosmug is op twee plekken gevonden: in een bandencentrale in de buurt van Namen (waar ze al sinds 2002 zit) en aan de Duitse grens. De derde soort komt al sinds 2008 voor op een industrieterrein in Maasmechelen. Het is onduidelijk of ze in staat is ziektekiemen naar de mens over te dragen. 'In geval van onduidelijkheid laten we niets aan het toeval over en adviseren we bestrijding', zegt Isra Deblauwe. 'We hebben er geen idee van hoe die laatste mug, die ook uit Azië stamt, in Maasmechelen is terechtgekomen. Met militairen die terugkeerden van een buitenlandse missie? Met tweedehandse zandgraafmachines uit China voor zandwinningen in de buurt? We weten het niet. Het lijkt erop dat de mug in bossen in de buurt is terechtgekomen, maar vooralsnog zijn er geen tekenen dat ze zich verder verspreidt. Dat moet nauwgezet opgevolgd worden.' Het MEMO-project loopt in juni 2020 af. Het is onduidelijk of het zal worden voortgezet. In Nederland was er tien jaar geleden paniek onder de bevolking voor door teken en insecten overgedragen ziektes, zoals de ziekte van Lyme. Daarom werd er een permanent Centrum Monitoring Vectoren opgericht - 'vectoren' slaat op overdragers van ziektes, zoals teken en muggen. Iets vergelijkbaars zou nuttig zijn voor ons land. Het lobbywerk daarvoor is bezig, maar het verloopt tergend traag. Waarnemers vrezen dat er eerst een tropische ziekte zal moeten opduiken voor politici echt actie ondernemen. Dan dreigt het te laat te zijn om de situatie onder controle te houden.