Angst, verdriet, pijn, opluchting, hoop, frustratie, boosheid, tederheid, eenzaamheid en liefde, heel veel liefde. Koppels die met kanker te maken krijgen, gaan door een rollercoaster van emoties. De kanker bepaalt meteen de agenda, of je nu patiënt bent of partner. Je leven staat een tijdlang on hold.
...

Angst, verdriet, pijn, opluchting, hoop, frustratie, boosheid, tederheid, eenzaamheid en liefde, heel veel liefde. Koppels die met kanker te maken krijgen, gaan door een rollercoaster van emoties. De kanker bepaalt meteen de agenda, of je nu patiënt bent of partner. Je leven staat een tijdlang on hold. Kanker zet een relatie al dan niet tijdelijk onder druk. Ieder reageert anders, maar enkele patronen tekenen zich toch af. "We kunnen drie reactietypes onderscheiden", stelt Hilde Toelen, een psycholoog, relatietherapeut en seksuoloog die in UZ Leuven koppels met kanker begeleidt. "Ofwel wordt de liefde intenser en de relatie sterker, ofwel pikken koppels na de kanker-episode de draad op en struikelen ze net als voorheen over dezelfde futiliteiten, ofwel leiden sluimerende conflicten tot een breuk." Welke weg de relatie in gaat, hangt af van hoe het koppel functioneerde voor de kanker toesloeg. Zowel positieve als negatieve emoties worden uitvergroot, en veel hangt af van de wijze waarop partners met elkaar communiceren. "Als je partner een moeilijke prater is, terwijl jij net behoefte hebt aan praten, dan zal dat verschil zwaarder gaan wegen als je met kanker geconfronteerd wordt." Dat er meer echtscheidingen zijn na een kankerdiagnose, wil Toelen niet gezegd hebben. "Iedere situatie is verschillend en cijfers geven geen uitsluitsel. En als het tot een echtscheiding komt, is het moeilijk te zeggen of de kanker de oorzaak is", zegt ze. "Doorgaans waren er sluimerende conflicten voor de diagnose viel en worden die uitvergroot door de stresssituatie die de ziekte met zich brengt." Als kanker toeslaat in een relatie, zijn patiënt en partner in de eerste plaats gefocust op het overwinnen van de ziekte. Niet alleen voor de patiënt, ook voor de partner staat de toekomst op losse schroeven. Overleven is prioritair. Veel partners, zowel mannen als vrouwen, doen erg hun best. Vrouwelijke partners nemen vanzelfsprekend de zorgende rol op zich, die nu nog sterker wordt dan voorheen. Komt de zorg bij de man terecht, dan moet het koppel vaak een nieuwe dynamiek zoeken. Terwijl de ene door de vele onderzoeken en therapieën moet, voelt de andere zich vaak machteloos. "Partners moeten ook voor zichzelf blijven zorgen", waarschuwt Hilde Toelen. "Sommigen willen niets liever dan zo veel mogelijk bij hun zieke partner zijn om voor hem of haar te zorgen; ze hebben weinig nood aan tijd voor zichzelf. Anderen storten zich op hun werk om verstrooiing te vinden." Er is geen 'beste' manier van reageren, zegt ze. De reacties van partners zijn heel verschillend. Cruciaal is dat ze samen in dezelfde richting gaan. Sommigen vinden praten belangrijk, anderen babbelen minder en knuffelen liever. "Voelen dat er wederzijds begrip is, daar gaat het om." Alle kankers kunnen een invloed hebben op de seksuele relatie. Als de tumor dicht bij de geslachtsorganen ligt en de behandeling het lichamelijk seksueel functioneren rechtstreeks beïnvloedt, worden seksuele problemen uitvergroot. Hij wil wel graag seks, maar kampt met erectiestoornissen sinds zijn prostaatoperatie. Zij wil wel ingaan op zijn avances, maar merkt dat haar lichaam niet volgt. "Niet meer kunnen, is niet hetzelfde als niet meer willen", benadrukt Hilde Toelen. "Als het lichaam niet meer volgt, dan moet een koppel door een rouwproces. Op oudere leeftijd accepteren koppels dat beter dan op jongere leeftijd." Als een relatie goed loopt, lijkt seks minder belangrijk voor een koppel en vice versa, zo blijkt uit onderzoek. In een goede relatie wijt 1 koppel op de 5 dat aan hun goede seksuele relatie. Bij ontevreden koppels stellen 7 op de 10 dat seks mee aan de basis ligt van hun relatieproblemen. Hilde Toelen biedt patiënten die in UZ Leuven behandeld worden voor een gynaecologische kanker een gesprek aan over hun seksuele relatie. "Vrouwen hebben er meestal wel vragen over tijdens of kort na de behandeling," stelt ze vast, "maar mannen zijn er vaak nog niet aan toe tijdens de behandeling van hun vrouw. De helft gaat uiteindelijk op het aanbod in en vraagt een formeel gesprek." Tijdens zo'n eerste gesprek - met Hilde Toelen of een collega - worden ze vooral geïnformeerd over mogelijke gevolgen van de kankertherapieën op hun seksuele leven. Een bestraling van het bekken bij baarmoederhalskanker kan bijvoorbeeld leiden tot vernauwingen van de vagina, die dan verwijd kan worden. Mannen met prostaatkanker, die na de therapie veelal met potentieproblemen worstelen, krijgen uitleg over mogelijke hulpmiddelen (medicatie, injecties in de penis, vacuümpomp). Een gesprek over lichamelijke gevolgen vergemakkelijkt het gesprek over de seksuele belevenis, waar (te) weinig koppels met kanker aan toe komen. Veel patiënten voelen zich niet meer aantrekkelijk door de behandeling - door gewichtsverlies- of toename, huidverandering, haarverlies, gemis van een borst... Ook gevoelens van rouw, schuld, schaamte, kwaadheid, teleurstelling... zijn niet ongewoon. Het kan allemaal leiden tot minder vrijen, een aanpassing van het seksuele repertoire, tot zelfs het volledig wegvallen van de behoefte aan seks. Een vermindering van de frequentie voelt meestal niet aan als een probleem. "Als je tevreden kunt zijn met wat nog is of nog kan, vermijd je ook een gevoel van verlies", zegt Hilde Toelen. "Maar zelfs als het seksuele in je leven volledig stopt, hoeft dat geen probleem te zijn als je samen op andere manieren intiem kunt zijn." Samenzijn kan heel bevredigend blijven als je kunt leren elkaar aan te raken op een intieme, fijne en gevoelige manier, maar bijvoorbeeld zonder penetratie. Een volledige stop van de intimiteit in je leven daarentegen voelt bijna altijd aan als een groot, immens verlies. Geen zoen, geen knuffel, geen liefdevolle blikken meer maken een relatie koud. De meeste koppels spreken niet over die veranderingen in hun seksuele leven na de behandeling. Een minderheid zoekt deskundige hulp. Voor kankerpatiënten en hun partners zijn vrienden en familie nog belangrijker dan voorheen. "Hechte families worden nog hechter, maar waar problemen zijn, worden die pijnlijker en heviger." Koppels met kanker hebben steun nodig en die steun moet je geven. Niet meer langsgaan, terwijl je dat voorheen wel deed, wordt zeer hard gevoeld. Ook het werk kan voor de nodige stress zorgen. Niet alle werkgevers reageren adequaat als een werknemer kanker krijgt. "De ziekte melden aan je werkgever is belangrijk, net als de tijd nemen om te genezen", stelt Toelen. Kanker verzwijgen zorgt voor extra stress.