Philip Collins was in de jaren nul speechwriter van de Britse premier Tony Blair en werkt nu als columnist voor de krant The Times. Het is lang geleden dat hij nog eens een redevoering heeft gehoord waarvan hij onder de indruk was. 'En dat komt niet alleen doordat onze politici slecht zijn,' zegt de auteur van When They Go Low, We Go High, 'hoewel dat ook een rol speelt. Ik denk dat het moeilijker is dan vroeger om een grote redevoering te houden, omdat grote thema's ontbreken. En als er grote thema's zijn, kan één persoon nauwelijks voor verandering zorgen. Neem migratie: als premier kan ik daarover de beste speech van mijn leven houden, maar ik heb weinig mogelijkheden om er iets aan te doen omdat ik voor de meeste dingen niet bevoegd ben. Hetzelfde geldt voor de klimaatverandering. Aan politiek doen betekent tegenwoordig, nu alles met elkaar verbonden is, dat je een miljoen kleine beslissingen moet nemen.
...

Philip Collins was in de jaren nul speechwriter van de Britse premier Tony Blair en werkt nu als columnist voor de krant The Times. Het is lang geleden dat hij nog eens een redevoering heeft gehoord waarvan hij onder de indruk was. 'En dat komt niet alleen doordat onze politici slecht zijn,' zegt de auteur van When They Go Low, We Go High, 'hoewel dat ook een rol speelt. Ik denk dat het moeilijker is dan vroeger om een grote redevoering te houden, omdat grote thema's ontbreken. En als er grote thema's zijn, kan één persoon nauwelijks voor verandering zorgen. Neem migratie: als premier kan ik daarover de beste speech van mijn leven houden, maar ik heb weinig mogelijkheden om er iets aan te doen omdat ik voor de meeste dingen niet bevoegd ben. Hetzelfde geldt voor de klimaatverandering. Aan politiek doen betekent tegenwoordig, nu alles met elkaar verbonden is, dat je een miljoen kleine beslissingen moet nemen. Was dat vroeger anders? Philip Collins: O ja, neem nu de voormalige Britse premier Benjamin Disraeli. In 1872 sprak hij in Manchester over de openbare gezondheid, besmettelijke ziekten, slums en woningnood. Hij deed dat omdat de regering toen de mogelijkheid had om dingen te veranderen, woningen te bouwen of rioleringen aan te leggen. Inmiddels zijn alle besmettelijke ziektes uitgeroeid. We hebben alleen nog chronische ziektes. Maar er zijn toch nog voldoende problemen? De toenemende ongelijkheid, bijvoorbeeld. Collins: Stel dat ik daar iets aan kon veranderen - het zou me jaren kosten. Retorisch maakt het een groot verschil: ik zeg dat ik besmettelijke ziekten uit de wereld zal helpen, of ik zeg dat ik zal proberen de ongelijkheid de komende vijf jaar lichtjes te laten afnemen. Misschien hadden politici toen gewoon meer moed dan nu. Collins: En wat als ik moedig was? Wat zou ik moeten doen om de ongelijkheid uit de wereld te helpen? Je kunt toch eindeloos veel dingen bedenken? Collins: Dat betwijfel ik. En al bedacht je een miljoen dingen, dat bewijst toch alleen maar dat ik gelijk heb. Wat je ook doet, je komt bij het afhandelen van miljoenen kleine dingetjes terecht. Waar je niet terechtkomt: bij wat een grote speech defigneert. Echt grote redevoeringen zijn meer dan alleen fraaie woorden. Ze veranderen de wereld. En toch hebben veel Europeanen al jaren heimwee naar de grote redevoering: over migratie, over Europa, over ongelijkheid. Hoe komt dat? Collins: De mensen verlangen naar leiding. En naar iemand die zegt wat ze vaag in gedachten hadden, maar zelf niet onder woorden kregen. De mensen hebben dus terecht heimwee naar vroeger? Collins: Absoluut. Anderzijds: Angela Merkel heeft zestien jaar lang zeer goed standgehouden zonder grote redevoering. Het klopt sowieso niet dat grote redenaars altijd de beste politici zijn. Winston Churchill, bijvoorbeeld, was een vreselijk politicus. Hij zat er bijna altijd naast, bij momenten was hij ronduit gevaarlijk. Maar retoriek was altijd belangrijk voor hem. Collins: Hij was erdoor bezeten. In 1940 was plotseling zijn grote moment aangebroken, de luchtslag om Engeland - en zijn beroemde zin, gericht aan de Britse luchtmacht: 'Nooit eerder in de geschiedenis van de menselijke conflicten hadden zo velen zo veel te danken aan zo weinigen.' De retoriek schikt zich naar de omstandigheden. Grandioos. Klopt het dat Churchill een stotteraar was? Collins: Toen hij jong was wel, ja. Hij moest zijn stem leren beheersen. Stel dat Hitler de oorlog had gewonnen. Zouden we Churchill dan nog altijd een schitterend redenaar noemen? Collins: In geen geval. Zijn grote succes heeft zeker te maken met het feit dat Groot-Brittannië aan de kant van de overwinnaars stond. Je vindt in de anthologie van grote redevoeringen maar weinig verliezers. Geschiedenis wordt geschreven door de overwinnaars. Of een speech als 'groot' de geschiedenis ingaat, is vaak een kwestie van geluk. Toen John F. Kennedy, de vroegere president van de Verenigde Staten, in een beroemde speech de landing op de maan aankondigde, wist hij dat de missie ook kon mislukken. Collins: Er was inderdaad een speech klaar voor het geval de astronauten niet zouden terugkeren. Een van de grote, nooit gehouden redevoeringen. Kennedy wordt, net als Bill Clinton, nog steeds als een groot redenaar beschouwd. Collins: Clintons probleem was dat Amerika tijdens zijn presidentschap economische welvaart kende. Hij kreeg nooit de kans om groot te zijn. Geluk, zegt Henry de Montherlant, schrijft met witte inkt op witte bladzijden. Was de Britse premier Margaret Thatcher een groot spreekster? Collins: Technisch gezien niet. Haar dictie was pover, houterig. Maar ze had iets te zeggen. Ze vocht tegen een slabakkende economie. En ze wist duidelijk wat ze wilde. Wat vond u van de speech die Greta Thunberg, de zestienjarige Zweedse klimaatactiviste, in Davos heeft gehouden? Van de zin: 'Ik wil dat jullie panikeren'? Collins: Technisch gezien zat die goed in elkaar. Het feit dat je je die zin nog herinnert, bewijst dat. Een visie op de wereld, gevat in één zin. De rest van haar argumentatie kun je helemaal afleiden uit deze ene zin. Dat lukt maar zelden bij een speech. Is het de taak van mensen zoals u om dat te doen lukken? Collins: Ja, je moet een zin bedenken die de basisgedachte van een redevoering uitdrukt. De meeste beroemde speeches hebben een stelregel waarin ze worden samengevat. Churchills ' Their finest hour'. Martin Luther Kings ' I have a dream'. Kennedy's ' Ask not what your country can do for you.' Dat is geen toeval. Weet je als speechschrijver welke zin de mensen zich zullen herinneren? Collins: Soms kun je niet zo'n zin vinden. Een goede tekstschrijver weet wanneer hij er een gevonden heeft. Maar soms wordt een zin historisch die helemaal niet in de speech voorzien was. Zoals? Collins: Martin Luther King wilde zijn redevoering in Washington eigenlijk anders noemen. Hij had de woorden ' I have a dream' al zo vaak gebruikt dat zijn mensen zeiden: alsjeblieft niet weer! Daarom noemde hij zijn redevoering ' A Cancelled Check', een niet-verzilverde cheque. Van de droom was geen sprake. Waarom sprak hij er op het einde dan toch over? Collins: Gospelzangeres Mahalia Jackson stond naast hem op het podium en zei: je moet over je droom vertellen! En toen begon hij te improviseren. Schitterend. King beschrijft in die speech zijn hoop voor de toekomst. Collins: Gewaagde redevoeringen leiden de luisteraars ergens naartoe. Je begint met iets wat de mensen geloven, daarna zeg je dat hun visie verkeerd of onvolledig is. In een democratie is het argument de munt van de politiek.Martin Luther King was een prediker, Barack Obama leek soms op een prediker. Toen Obama president werd, wilde iedereen ineens kunnen spreken zoals hij. Collins: O ja. Ik zou niet meer kunnen zeggen hoeveel Britse politici mij gevraagd hebben hun speeches wat te laten klinken zoals die van Obama. Ik antwoordde telkens: laat mij alle redenen opsommen waarom je níét bent zoals Obama. Wat maakt van Obama zo'n goed spreker? Collins: Hij heeft een fantastische stem en spreekt heel ritmisch. Hij kan een betrekkelijk eenvoudige tekst omzetten in muziek. Obama's redevoeringen klinken op papier vaak hoogdravend. Maar als hij ze voordraagt, zijn ze onweerstaanbaar. Hij heeft een bijzonder gevoel voor timing. Collins: En voor pauzes. Zijn pauzes zijn beter dan de redevoeringen van vele anderen. Hij weet heel goed hoe hij gewoon moet wachten. De meeste redenaars spreken te snel als ze op een podium staan. En toch schrijft u dat hij de op een na beste redenaar van zijn gezin is. Collins: Dat is een grap. Maar Michelle Obama's redevoering op het partijcongres was geweldig. Een zin die meteen blijft hangen: ' When they go low, we go high.' Ze had hetzelfde team speechschrijvers als haar man. Ze zijn zeer goed. In Amerika werkt een heel team aan een speech. In Groot-Brittannië hebben politici meestal liever één enkele schrijver. Tony Blair had alleen u? Collins: Natuurlijk deden ook anderen voorstellen, lazen ontwerpen, gaven commentaar. Maar ik was de enige schrijver. Blair schreef zelf ook veel, hij was zeer betrokken. Zo hoort dat ook. Is er een speech waar u bijzonder trots op bent? Collins: De laatste speech van Blair voor het partijcongres. Als je die nu nog eens opnieuw leest, zie je dat hij over de globalisering ging, en over de slachtoffers ervan. In 2006! Het is onzin om te doen alsof dergelijke inzichten nieuw zijn. Gaat er iets verloren als politici hun boodschappen steeds vaker twitteren? Collins: Ik denk het niet. Over belangrijke zaken worden nog steeds redevoeringen gehouden. En de soundbites en onliners die nodig zijn om ze in het geheugen te laten hangen, kunnen ook in een speech worden gebruikt. Trumps ' Make America great again' was een speech vooraleer het een tweet werd. Hoe is Trump als redenaar? Collins: Zonderling doeltreffend. Hij weet het trumpiaanse uit te spelen. Als redenaar wordt hij niet saai. Hij is onderhoudend. Interessant. En hij heeft genoeg tics en typische bewegingen om geparodieerd te kunnen worden. Dat is altijd een goed teken. Theresa May is zeer moeilijk na te doen omdat ze zo vaag is. Heeft Trump een eigen spreekstijl? Collins: Hij denkt niet bijzonder goed na, hij zegt gewoon dingen. En hij heeft die eigenaardige tic hetzelfde steeds te herhalen. Zijn retoriek is zeer emotioneel. In zekere zin te emotioneel. Een overdaad aan gevoel, niet bijzonder goed onder woorden gebracht. Hebt u zijn inauguratierede gezien? Collins: Deprimerend. Alle inauguratieredes zijn eigenlijk hetzelfde: na de verkiezingsstrijd, die onvermijdelijk verdeelt, brengen ze het land weer bijeen. Een mooi moment. De overwinnaar laat de scherpe kantjes van de campagne achterwege en zegt: vanaf nu ben ik de president van alle Amerikanen. En Trump? Collins: Die deed niets in die zin. Hij vergrootte de kloof alleen maar: Amerika is failliet, de politiek in Amerika is waardeloos, alles is gemanipuleerd, een samenzwering. Op dat moment was het duidelijk dat hij een polariserend president zou zijn. Trump houdt zich de ene keer aan wat zijn mensen voor hem opschrijven, de andere keer weer niet. Hoe was de samenwerking tussen u en Blair? Collins: We werkten nauw samen, als partners. Normaal gezien schreef ik het hoofdgedeelte van de speech, terwijl hij het begin en het einde voor zijn rekening nam. De ochtend van de speech kwamen we nog eens samen, hij en ik, we namen alles door en keken of alles goed bij elkaar paste. Werken schrijvers en sprekers altijd nauw samen? Collins: Dat verschilt. Kennedy en zijn tekstschrijver Ted Sorensen stonden bijvoorbeeld op gelijke voet met elkaar. Kennedy schreef zelf mee, gaf veel kritiek. Ronald Reagan was anders. Hij was betrokken, maar droeg zo goed als niets bij. Hij was de acteur die het laatste gedeelte voor zijn rekening nam. Hij kwam geloofwaardig over. Collins: Vreemd genoeg wel. Het is niet geheel ongevaarlijk: het risico bestaat dat de redenaar niet overtuigend genoeg spreekt. Iemand anders heeft de woorden geschreven die hij voordraagt. Als de spreker onvoldoende talent heeft, gaat er veel verloren. Dat was bij Reagan niet het geval. Hij was in staat zich de tekst eigen te maken. Waardoor kwam dat? Collins: Als hij speechte, klonk het alsof hij gewoon wat stond te praten. Heel bijzonder. Niet bepaald retorisch in de bekende zin van het woord, maar zeer doeltreffend. In ieder geval heeft hij zijn kans om belangrijk te worden niet laten liggen. Collins: Het was Koude Oorlog. Reagan stond voor de Brandenburgse Poort in Berlijn en zei: ' Mr Gorbatsjov, tear down this wall' - dat was niet niets. Maar zijn woorden hadden alleen zin omdat zijn Sovjet-Russische tegenspeler, Michail Gorbatsjov, had aangegeven dat de Muur zou kunnen worden geopend. De woorden hadden kracht omdat ze door een Amerikaan werden uitgesproken. Kwestie van aanvoelen van het moment. Collins: Terwijl die beroemde zin helemaal niet in het manuscript had horen te staan. Zijn speechschrijver had de zin erin gezet, maar daarna was hij weer geschrapt. Colin Powell, die niet veel later Reagans veiligheidsadviseur werd, vond het beter hem eruit te laten, net als George Shultz, zijn minister van Buitenlandse Zaken. Reagan ging vervolgens met zijn speechschrijver naar de Brandenburgse Poort. In de auto zei hij: 'I think I'm going to say it.'Populisten klagen erover dat je tegenwoordig niet meer mag zeggen wat je wilt. Dat er geen vrijheid van spreken meer is. Schuilt daar enige waarheid in? Collins: Ik heb niet het gevoel dat er dingen zijn die ik niet mag zeggen. Veel van de dingen die we political correctness noemen, zijn toch niets meer dan beleefdheid en goede omgangsvormen. Redevoeringen moeten complexe feiten vereenvoudigen. De lijn tussen vereenvoudiging en leugen is vaak zeer dun. Collins: Inderdaad. Anderzijds is het in een waakzame democratie praktisch onmogelijk te liegen. Het is absoluut mogelijk de waarheid op te smukken of te omzeilen. Maar wegkomen met een leugen als zo veel mensen luisteren, is zeer moeilijk. Maar Trump liegt, vaak meermaals per dag, en hij komt er wel mee weg. Collins: En toch denk ik dat waarheid belangrijk is. Ik weet dat Trump op een onbegrijpelijk soepele manier met de waarheid omgaat. Maar uiteindelijk zal de waarheid hem inhalen.