'We zitten massaal aan de morfine: bijna 1.187.000 Belgen slikten vorig jaar morfineachtige pijnstillers', lazen we onlangs in Het Laatste Nieuws. 'In zes jaar tijd is het aantal verbruikers met 30 procent gestegen. Van sommige gebruikers is geweten dat ze hun pillen bij tien artsen laten voorschrijven en bij twintig apotheken gaan afhalen.' De pillen in kwestie zijn zogeheten opioïden. 'Ze zijn bij de apotheker verkrijgbaar onder de namen fentanyl, tramadol, oxycodone, tilidine en piritramide en hebben dezelfde werking als morfine. Ze worden gebruikt voor de behandeling van pijn, maar hebben ook ernstige bijwerkingen zoals gewenning, afhankelijkheid en ontwenningsverschijnselen bij afbouw.'

Zitten we 'met 1.187.000 Belgen aan de morfine', zoals de krant kopte?

De aanleiding van het bericht is een onderzoek van de Dienst voor Geneeskundige Evaluatie en Controle (DGEC) van het RIZIV. Uit facturatiegegevens van ziekenfondsen maakte die inderdaad op dat vorig jaar 1.186.943 Belgen een morfineachtige pijnstiller hebben afgehaald bij de apotheker. Dat zijn er 32 procent meer dan in 2010, lezen we op de website van het RIZIV.

De cijfers zijn eerder een uiting van 'goed pijnbeleid' dan van een nieuwe en zorgwekkende soort van medicatie- of drugsverslaving

Dirk Avonts, professor huisartsgeneeskunde (UGent)

'Toch zitten niet bijna 1,2 miljoen Belgen "aan de morfine"', zegt Erik Rossignol, woordvoerder van de DGEC. 'De stelling is onjuist naar de letter, omdat pure morfine maar één van de beschikbare opioïden is. En ze is onjuist naar de geest. De suggestie is dat al die mensen regelmatig morfine gebruiken, eraan verslaafd zijn zelfs, en dat is niet zo', zegt hij na lezing van het artikel.

Ruim 30.000 mensen zijn 'chronisch grote verbruikers' van opioïden, zo leert het onderzoek. Zij kochten in 2016 meer dan 365 'doorsnee dagdoseringen'. Vaak gaat het om kankerpatiënten, rugpatiënten of hoofdpijnlijders. 'Omdat je voor hetzelfde pijnstillende effect na verloop van tijd een hogere dosis nodig hebt, vormen zij een risicogroep die we goed moeten opvolgen en informeren', zegt Robert Van den Oever, directeur Gezondheidsbeleid bij de Christelijke Mutualiteiten. 'Want wie opioïden zoals tramadol overdoseert, kan zichzelf in extremis de dood injagen.'

Maar in de praktijk loopt het zo'n vaart niet. 'De meeste artsen gebruiken de zogeheten pijnladder', verzekert professor huisartsgeneeskunde Dirk Avonts (UGent). 'Pijn behandel je eerst met paracetamol. Volstaat dat niet, dan schakel je over op aspirine en zo klim je op. Bovenaan, net onder de pure morfine die we met pleisters of een pomp toedienen, staan morfinederivaten zoals tramadol. Die hebben terecht twee rode strepen op de verpakking als label van verslavend product. Maar ik zie er bijna nooit problemen mee.'

De cijfers zijn eerder een uiting van 'goed pijnbeleid' dan van een nieuwe en zorgwekkende soort van medicatie- of drugsverslaving, zegt Avonts. Psychiater Frieda Matthys (VUB), gewezen voorzitter van het Vlaams expertisecentrum voor alcohol, illegale drugs, psychoactieve medicatie, gokken en gamen (VAD), treedt hem daarin bij. 'Dat dokters dit nu meer voorschrijven, betekent vooral dat wie vroeger nodeloos pijn had vandaag wél geholpen wordt.'

Toch betekenen meer voorschriften ook meer kans op misbruik, erkennen experts. 'Op te volgen, maar zeker niet alarmerend', zo noemt Matthys dat risico. 'Een op de tien Belgen gebruikt langdurig slaap- en kalmeringsmiddelen. Dat is veel meer dan het aantal mensen dat regelmatig opioïden gebruikt.'

Conclusie

Het cijfer in de stelling klopt, maar wat volgens de context slecht nieuws lijkt, is volgens experts net het tegendeel. Knack beoordeelt de stelling als onwaar.

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.