'Miljardairs hebben hun rijkdom te danken aan het gratis werk van vrouwen, ook in België', zo kopte Humo twee weken geleden. Naar aanleiding van een Oxfam-rapport over ongelijkheid, komt Maaike Vanmeerhaeghe aan het woord, beleidsmedewerker bij Oxfam Solidariteit. 'Van al het werk dat Belgische vrouwen leveren, is 56 procent onbetaald. Dan gaat het over schoonmaken, koken, met de kinderen bezig zijn, afwassen, enzovoort. Bij mannen is 36 procent van de werktijd onbetaald.' Als we Vanmeerhaeghe opbellen, vertelt ze dat ze dit cijfer vond in The Global Gender Gap Report 2018 van het Wereld Economisch Forum. Daarin krijgen 149 landen een scorekaart met kerncijfers. In de bronvermelding wordt doorver- wezen naar cijfers van de OESO en diens 'Database on Gender Equality'. Als we die opzoek- en, zien we dat ze gebaseerd zijn op de 'Harmonised European Time Use Survey for Belgium' uit 2013.

Vrouwen doen meer "onzichtbaar" en routineus werk, dat pas opvalt als het níét gebeurt.

'In 2013 heeft onze Onderzoeksgroep TOR twee tijdsbestedingsonderzoeken geleid, op Belgisch en Vlaams niveau', vertelt professor Ignace Glorieux (VUB). 'Voor het Belgische onderzoek hebben 5435 respondenten vanaf 12 jaar hun tijdsbesteding bijgehouden op één weekdag en één zondag. Daaruit blijkt dat bij vrouwen gemiddeld 68,2 procent van het werk onbetaald is en bij mannen 45,7 procent. De jongeren en 75-plussers zorgen ervoor dat het percentage onbetaald werk hoger ligt. De OESO moet zich op dezelfde cijfers gebaseerd hebben - op Belgisch niveau zijn er geen andere onderzoeken naar tijdsbesteding - maar ik vermoed dat zij een beperktere leeftijdscategorie hebben geselecteerd.' Dat beaamt Vanmeerhaeghe. 'In het Gender Data Portal, waar de OESO de cijfers over tijdsgebruik centraliseert, staat dat men bij België, net zoals bij de andere landen, kijkt naar de cijfers voor de leeftijdscategorie 15-64 jaar. Kwestie van de cijfers internationaal te kunnen vergelijken.'

Het tijdsonderzoek op Vlaams niveau is iets nauwkeuriger, vertelt Glorieux. 'Daarvoor hebben 3260 Vlamingen tussen de 18 en 75 jaar een week lang hun tijdsbesteding bijgehouden. Toen bleek dat vrouwen gemiddeld 58 procent onbetaalde arbeid verrichtten, tegenover 40 procent bij mannen. Dat sluit nog meer aan bij de cijfers uit het OESO- rapport.'

Volgens Glorieux evolueren de cijfers wel naar meer gelijkheid tussen mannen en vrouwen, maar gaat die evolutie erg traag. 'En vergis je niet: ook een "gidsland" als Zweden kent op dat vlak nog ongelijkheid.' Dat blijkt te kloppen, als we er het Global Gender Gap Report bijnemen. In Zweden is 43,5 procent van de arbeid bij vrouwen onbetaald, tegenover 32,4 procent bij mannen.

Bovendien is ook de aard van het onbetaalde werk anders bij mannen en vrouwen, aldus Glorieux. 'Mannen doen vaker zichtbare en duurzame klussen, waarmee ze kunnen scoren. Uitgebreid koken op zondag, een muur schilderen... Terwijl vrouwen meer "onzichtbaar" en routineus werk doen, dat pas opvalt als het níét gebeurt. Niemand applaudisseert als een moeder de boterhammen van haar kinderen smeert, terwijl ze wel scheve blikken krijgt als ze de broodtrommel een keer vergeet.'

Liesbet Stevens, adjunct-directeur van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen, dat al verschillende rapporten publiceerde over dit thema, sluit zich aan bij professor Glorieux. 'Deze cijfers tonen dan ook aan dat naast de loonkloof ook de zorgkloof aangepakt moet worden. Mannen moeten meer tijd krijgen om voor hun gezin te zorgen en vrouwen moeten meer tijd krijgen voor betaalde arbeid.'

Conclusie

De cijfers uit het Global Gender Gap Report zijn terug te leiden naar de nauwkeurig uitgevoerde Belgische en Vlaamse tijdsbestedingsonderzoeken uit 2013. Knack beoordeelt deze stelling dus als waar.

BRONNEN

  • Humo, 27 januari 2020
  • The Global Gender Gap Report (2018)
  • OESO cijfers tijdsbesteding
  • OESO Gender Data Portal
  • Tijdsbestedingsonderzoek België (2013)
  • Tijdsbestedingsonderzoek Vlaanderen (2013)
  • 'Gender en Tijdsbesteding' (2016)
  • E-mailverkeer met Maaike Vanmeerhaeghe (Oxfam Solidariteit), 31 januari - 4 februari 2020
  • E-mailverkeer met Liesbet Stevens (Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen), 31 januari - 4 februari 2020
  • E-mailverkeer met Ignace Glorieux (VUB), 31 januari - 4 februari 2020
  • Interview met Maaike Vanmeerhaeghe (Oxfam Solidariteit), 4 februari 2020
  • Interview met Liesbet Stevens (Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen), 4 februari 2020
  • Interview met Ignace Glorieux (VUB), 4 februari 2020

Alle bronnen werden laatst geraadpleegd op 4 februari 2020 tenzij anders vermeld.

* Bijgewerkt op 13 februari om 14u35, om bronvermeldingen en hyperlinks toe te voegen aan het artikel.

Krasse uitspraak, straf cijfer of dito feit in de actualiteit gezien? Stuur uw vraag met exacte bronvermelding van het citaat naar factchecker@knack.be

© RMG

Reageren op dit artikel kan u door een e-mail te sturen naar lezersbrieven@knack.be. Uw reactie wordt dan mogelijk meegenomen in het volgende nummer.

'Miljardairs hebben hun rijkdom te danken aan het gratis werk van vrouwen, ook in België', zo kopte Humo twee weken geleden. Naar aanleiding van een Oxfam-rapport over ongelijkheid, komt Maaike Vanmeerhaeghe aan het woord, beleidsmedewerker bij Oxfam Solidariteit. 'Van al het werk dat Belgische vrouwen leveren, is 56 procent onbetaald. Dan gaat het over schoonmaken, koken, met de kinderen bezig zijn, afwassen, enzovoort. Bij mannen is 36 procent van de werktijd onbetaald.' Als we Vanmeerhaeghe opbellen, vertelt ze dat ze dit cijfer vond in The Global Gender Gap Report 2018 van het Wereld Economisch Forum. Daarin krijgen 149 landen een scorekaart met kerncijfers. In de bronvermelding wordt doorver- wezen naar cijfers van de OESO en diens 'Database on Gender Equality'. Als we die opzoek- en, zien we dat ze gebaseerd zijn op de 'Harmonised European Time Use Survey for Belgium' uit 2013. 'In 2013 heeft onze Onderzoeksgroep TOR twee tijdsbestedingsonderzoeken geleid, op Belgisch en Vlaams niveau', vertelt professor Ignace Glorieux (VUB). 'Voor het Belgische onderzoek hebben 5435 respondenten vanaf 12 jaar hun tijdsbesteding bijgehouden op één weekdag en één zondag. Daaruit blijkt dat bij vrouwen gemiddeld 68,2 procent van het werk onbetaald is en bij mannen 45,7 procent. De jongeren en 75-plussers zorgen ervoor dat het percentage onbetaald werk hoger ligt. De OESO moet zich op dezelfde cijfers gebaseerd hebben - op Belgisch niveau zijn er geen andere onderzoeken naar tijdsbesteding - maar ik vermoed dat zij een beperktere leeftijdscategorie hebben geselecteerd.' Dat beaamt Vanmeerhaeghe. 'In het Gender Data Portal, waar de OESO de cijfers over tijdsgebruik centraliseert, staat dat men bij België, net zoals bij de andere landen, kijkt naar de cijfers voor de leeftijdscategorie 15-64 jaar. Kwestie van de cijfers internationaal te kunnen vergelijken.' Het tijdsonderzoek op Vlaams niveau is iets nauwkeuriger, vertelt Glorieux. 'Daarvoor hebben 3260 Vlamingen tussen de 18 en 75 jaar een week lang hun tijdsbesteding bijgehouden. Toen bleek dat vrouwen gemiddeld 58 procent onbetaalde arbeid verrichtten, tegenover 40 procent bij mannen. Dat sluit nog meer aan bij de cijfers uit het OESO- rapport.' Volgens Glorieux evolueren de cijfers wel naar meer gelijkheid tussen mannen en vrouwen, maar gaat die evolutie erg traag. 'En vergis je niet: ook een "gidsland" als Zweden kent op dat vlak nog ongelijkheid.' Dat blijkt te kloppen, als we er het Global Gender Gap Report bijnemen. In Zweden is 43,5 procent van de arbeid bij vrouwen onbetaald, tegenover 32,4 procent bij mannen. Bovendien is ook de aard van het onbetaalde werk anders bij mannen en vrouwen, aldus Glorieux. 'Mannen doen vaker zichtbare en duurzame klussen, waarmee ze kunnen scoren. Uitgebreid koken op zondag, een muur schilderen... Terwijl vrouwen meer "onzichtbaar" en routineus werk doen, dat pas opvalt als het níét gebeurt. Niemand applaudisseert als een moeder de boterhammen van haar kinderen smeert, terwijl ze wel scheve blikken krijgt als ze de broodtrommel een keer vergeet.' Liesbet Stevens, adjunct-directeur van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen, dat al verschillende rapporten publiceerde over dit thema, sluit zich aan bij professor Glorieux. 'Deze cijfers tonen dan ook aan dat naast de loonkloof ook de zorgkloof aangepakt moet worden. Mannen moeten meer tijd krijgen om voor hun gezin te zorgen en vrouwen moeten meer tijd krijgen voor betaalde arbeid.'