Vorige maand protesteerden landbouwers en buurtbewoners langs de E403 tussen Brugge en Kortrijk tegen de mogelijke komst van een nieuw hoogspanningsnetwerk dat elektriciteit uit windmolens op zee in het West-Vlaamse hinterland moet brengen. Mensen zijn bezorgd over gezondheidsgevolgen, hoorden we op Radio 1. 'Het enige waar de wetenschap het eens over is, is dat er een statistisch verband is vastgesteld tussen het dicht bij een hoogspanningsmast leven, en het voorkomen van leukemie bij zeer jonge kinderen', zei stralingsexpert Guy Vandenbosch (KU Leuven) ter duiding. 'Dat wil nog niet zeggen dat het ene de oorzaak is van het andere. Maar toch, er is een statistisch verband. En als er een statistisch verband is, dan kan men daar maar beter voorzichtig mee zijn.'

Als de link bestaat, hoe betekenisvol en zorgwekkend is die dan?

De claim steunt 'niet op één studie, maar onder meer op een samenvattend rapport van een tiental jaar geleden', zegt Vandenbosch aan de telefoon. In die risicoanalyse uit 2010 van EHRAN, een project gefinancierd door de Europese Commissie, lezen we inderdaad over 'beperkt bewijs ( limited evidence) voor een associatie tussen magnetische velden en het risico op leukemie bij kinderen'.

Kinderen in Nederland die in de buurt van bovengrondse elektriciteitslijnen wonen, hebben ongeveer dubbel zoveel kans om kinderleukemie te krijgen dan andere.

Hans Kromhout (Universiteit Utrecht)

De website van Sciensano, het Belgisch instituut voor gezondheid, spreekt over 'een significant statistisch verband'. Over de grootte van het risico geeft een advies uit 2014 van de Hoge Gezondheidsraad een idee. 'Kinderleukemie komt voor bij 3 op de 100.000 kinderen per jaar', lezen we daar. Als 'zou blijken' dat laagfrequente magnetische velden, zoals die van hoogspanningslijnen, een risicofactor zijn, dan zou volgens de Hoge Gezondheidsraad 'minder dan 1 procent van de kinderleukemiegevallen per jaar toe te schrijven zijn aan deze factor (in het Vlaams Gewest).'

Omdat in studies van de afgelopen paar jaar het verband niet meer werd teruggevonden, heeft Nederland de kwestie onlangs opnieuw bekeken, zegt professor en ingenieur Hans Kromhout (Universiteit Utrecht). Hij is voorzitter van de commissie die een rapport (2018) voor de Nederlandse Gezondheidsraad heeft gemaakt. 'Kinderen die in de buurt van bovengrondse elektriciteitslijnen wonen, hebben ongeveer dubbel zoveel kans om kinderleukemie te krijgen dan andere', zegt Kromhout. 'Dat betekent in Nederland ongeveer één extra kind met leukemie in twee jaar. In absolute aantallen is dat weinig, maar elk kind met bloedkanker is er een te veel.'

Voor een verhoogde blootstelling moet je onder de hoogspanningslijn wonen, 'of op minder dan 100 meter afstand', zegt Kromhout.

Het statistisch verband is er, concludeert hij voorzichtig. Want wat ontbreekt, is een biologische verklaring. 'We weten niet of, en zo ja hoe die elektromagnetische straling tot kanker kan leiden', zegt ook kankerspecialist Filip Lardon (UAntwerpen). 'Ioniserende stralen - radioactiviteit - kunnen DNA-schade veroorzaken. Elektromagnetische stralen zijn niet-ioniserend en kunnen dat niet.'

Of Lardon met een gerust hart onder een nieuwe lijn zou wonen? 'Had ik de keuze, dan liever niet. Maar had ik ze niet, dan zou ik me als jonge ouder meer zorgen maken over mijn fietsende kinderen in het verkeer en de milieuvervuiling, die een veel groter gezondheidsrisico vormt dan die hoogspanningslijn.'

Worden eigenaars vergoed wanneer een hoogspanningslijn over hun eigendom loopt? Bij Stevin, het vorige project van Elia in West-Vlaanderen, was dat inderdaad zo, en wel volgens de principes die je kunt nalezen in de FAQ.

Lees ook volgend artikel hierover in de Volkskrant: Waarom de vrijwel niet-bestaande risico's van hoogspanningslijnen en mobiele netwerken toch tot onrust leiden.

Conclusie

Knack beoordeelt de claim als waar. Het statistisch verband is inderdaad vastgesteld, maar of het ene de oorzaak is van het andere, is nog onbekend.

Krasse uitspraak, straf cijfer of dito feit in de actualiteit gezien? Stuur uw vraag met exacte bronvermelding van het citaat naar factchecker@knack.be