Tijdens de plenaire zitting van het federaal parlement op 22 april gaf parlementslid Els Van Hoof (CD&V) uitleg bij haar voorstel van resolutie betreffende een Belgisch speciaal gezant voor vrouwen- en kinderrechten. Ze gaf verschillende voorbeelden van geweld op vrouwen, waaronder: 'een op de drie adolescenten krijgt te maken met genitale verminking'. Als we Van Hoof contacteren, geeft ze aan dat het om een internationaal cijfer gaat, geleverd door Unicef. Ze bezorgt ons een brief die ze in januari van Unicef ontving, waarin staat: 'Zelfs nu nog zal 1 op de 3 adolescente meisjes te maken krijgen met vrouwelijke genitale verminking.'

Philippe Henon, woordvoerder van Unicef België, verwijst ons door naar de internationale website van de VN-organisatie, waar 'Female genital mutilation' uitgebreid gedocumenteerd is met data. We lezen dat minstens 200 miljoen meisjes en vrouwen die vandaag leven in 31 landen genitale verminking hebben ondergaan. Verder valt te lezen dat 'in de 31 landen met nationaal representatieve prevalentiecijfers, ongeveer een op de drie meisjes tussen 15 en 19 jaar de praktijk heeft ondergaan, versus een op de twee dertig jaar geleden'. Het gaat dus niet over een op de drie vrouwelijke adolescenten wereldwijd, maar uit een beperkte groep landen, vooral in Afrika, het Midden-Oosten en beperkte delen van Azië, zoals Indonesië. In landen als Somalië en Guinee wordt ongeveer 90 procent van de meisjes het slachtoffer van deze praktijk.

Meer dan 200 miljoen meisjes en vrouwen die vandaag leven, hebben genitale verminking doorstaan.

Henon verwijst ons ook door naar Kerry Neal, een onafhankelijk consultant en onderzoeker die in de Verenigde Staten voor Unicef werkt. Neal verwijst per mail naar een andere Unicef-publicatie. Daarin voorspelt de organisatie dat 'tegen 2030 meer dan een op de drie meisjes wereldwijd geboren zal worden in de 31 landen waar vrouwelijke genitale mutilatie het meest voorkomt, wat 68 miljoen meisjes - sommigen niet ouder dan baby's - blootstelt aan het risico om besneden te worden'. Volgens Neal wordt in het citaat van Van Hoof 'het risico lopen op genitale verminking' verward met 'te maken krijgen met genitale verminking' en gaat het ook niet over de huidige situatie, maar om een voorspelling.

Professor Els Leye (UGent), die onderzoek voert naar genitale verminking, verwijst ook naar de cijfers van Unicef. 'Zij kunnen inderdaad met data aantonen dat ongeveer een op de drie meisjes tussen 15 en 19 jaar uit 31 landen vandaag genitale verminking hebben ondergaan. De Wereldgezondheidsorganisatie gebruikt dezelfde cijfers: meer dan 200 miljoen meisjes en vrouwen die vandaag leven, hebben genitale verminking doorstaan. De voorbije decennia zijn er veel campagnes tegen genitale verminking geweest en die werpen gelukkig hun vruchten af: in heel wat landen neemt het af. In de meeste landen waar het veel voorkomt, zien we dat een meerderheid van de meisjes en vrouwen tussen 15 en 49 jaar zélf vindt dat genitale verminking moet stoppen. Maar door de sterke bevolkingsgroei zijn er helaas nog steeds hoge cijfers. Bovendien is er een tendens om meisjes op steeds jongere leeftijd te besnijden, om te verhinderen dat zij dit zouden rapporteren. Er zijn dus aanhoudende inspanningen nodig om dat cijfer van een op de drie in de toekomst verder terug te dringen.'

CONCLUSIE

Uit cijfers van Unicef blijkt dat een op de drie vrouwelijke adolescenten uit 31 landen genitale verminking heeft ondergaan, maar dat kan niet zomaar veralgemeend worden naar de toestand wereldwijd. We beoordelen de stelling daarom als onwaar.

BRONNEN

Alle bronnen werden laatst geraadpleegd op 27 april 2021.

* Bijgewerkt op 4/05/2021 om 17:44, om bronvermeldingen en hyperlinks toe te voegen aan het artikel.

Krasse uitspraak, straf cijfer of dito feit in de actualiteit gezien? Stuur uw vraag met exacte bronvermelding van het citaat naar factcheck@knack.be

RMG
© RMG

Knack maakt onderdeel uit van Roularta Media Group.

Tijdens de plenaire zitting van het federaal parlement op 22 april gaf parlementslid Els Van Hoof (CD&V) uitleg bij haar voorstel van resolutie betreffende een Belgisch speciaal gezant voor vrouwen- en kinderrechten. Ze gaf verschillende voorbeelden van geweld op vrouwen, waaronder: 'een op de drie adolescenten krijgt te maken met genitale verminking'. Als we Van Hoof contacteren, geeft ze aan dat het om een internationaal cijfer gaat, geleverd door Unicef. Ze bezorgt ons een brief die ze in januari van Unicef ontving, waarin staat: 'Zelfs nu nog zal 1 op de 3 adolescente meisjes te maken krijgen met vrouwelijke genitale verminking.' Philippe Henon, woordvoerder van Unicef België, verwijst ons door naar de internationale website van de VN-organisatie, waar 'Female genital mutilation' uitgebreid gedocumenteerd is met data. We lezen dat minstens 200 miljoen meisjes en vrouwen die vandaag leven in 31 landen genitale verminking hebben ondergaan. Verder valt te lezen dat 'in de 31 landen met nationaal representatieve prevalentiecijfers, ongeveer een op de drie meisjes tussen 15 en 19 jaar de praktijk heeft ondergaan, versus een op de twee dertig jaar geleden'. Het gaat dus niet over een op de drie vrouwelijke adolescenten wereldwijd, maar uit een beperkte groep landen, vooral in Afrika, het Midden-Oosten en beperkte delen van Azië, zoals Indonesië. In landen als Somalië en Guinee wordt ongeveer 90 procent van de meisjes het slachtoffer van deze praktijk. Henon verwijst ons ook door naar Kerry Neal, een onafhankelijk consultant en onderzoeker die in de Verenigde Staten voor Unicef werkt. Neal verwijst per mail naar een andere Unicef-publicatie. Daarin voorspelt de organisatie dat 'tegen 2030 meer dan een op de drie meisjes wereldwijd geboren zal worden in de 31 landen waar vrouwelijke genitale mutilatie het meest voorkomt, wat 68 miljoen meisjes - sommigen niet ouder dan baby's - blootstelt aan het risico om besneden te worden'. Volgens Neal wordt in het citaat van Van Hoof 'het risico lopen op genitale verminking' verward met 'te maken krijgen met genitale verminking' en gaat het ook niet over de huidige situatie, maar om een voorspelling. Professor Els Leye (UGent), die onderzoek voert naar genitale verminking, verwijst ook naar de cijfers van Unicef. 'Zij kunnen inderdaad met data aantonen dat ongeveer een op de drie meisjes tussen 15 en 19 jaar uit 31 landen vandaag genitale verminking hebben ondergaan. De Wereldgezondheidsorganisatie gebruikt dezelfde cijfers: meer dan 200 miljoen meisjes en vrouwen die vandaag leven, hebben genitale verminking doorstaan. De voorbije decennia zijn er veel campagnes tegen genitale verminking geweest en die werpen gelukkig hun vruchten af: in heel wat landen neemt het af. In de meeste landen waar het veel voorkomt, zien we dat een meerderheid van de meisjes en vrouwen tussen 15 en 49 jaar zélf vindt dat genitale verminking moet stoppen. Maar door de sterke bevolkingsgroei zijn er helaas nog steeds hoge cijfers. Bovendien is er een tendens om meisjes op steeds jongere leeftijd te besnijden, om te verhinderen dat zij dit zouden rapporteren. Er zijn dus aanhoudende inspanningen nodig om dat cijfer van een op de drie in de toekomst verder terug te dringen.'Knack maakt onderdeel uit van Roularta Media Group.