Het is niet omdat het coronavirus een paar honderd miljoen Europeanen in quarantaine houdt, dat er niet meer aan politiek wordt gedaan. Neem de in Europese kring zo al omstreden premier van Hongarije. Viktor Orbán maakt van de crisis gebruik om zijn parlement, waar hij over een volstrekte meerderheid beschikt, een wet voor te leggen die hem toelaat om voor een ongelimiteerde tijd bij decreet te besturen. De oppositie in zijn land is bang dat hij, na het gerecht en de onafhankelijke media, nu ook de wetgevende macht buitenspel ...

Het is niet omdat het coronavirus een paar honderd miljoen Europeanen in quarantaine houdt, dat er niet meer aan politiek wordt gedaan. Neem de in Europese kring zo al omstreden premier van Hongarije. Viktor Orbán maakt van de crisis gebruik om zijn parlement, waar hij over een volstrekte meerderheid beschikt, een wet voor te leggen die hem toelaat om voor een ongelimiteerde tijd bij decreet te besturen. De oppositie in zijn land is bang dat hij, na het gerecht en de onafhankelijke media, nu ook de wetgevende macht buitenspel zet. Orbán wijst voor zijn aanpak naar de Europese Unie, die - zegt hij - onbekwaam is om lidstaten bij te springen die hulp nodig hebben. Steun kreeg hij, naar eigen zeggen, wel van China en Rusland - hulp die geopolitiek natuurlijk ook niet geheel belangeloos is. Als Europa niet kan helpen, zei hij nog, dat het dan ten minste niet in de weg loopt. Hij had daarbij in eerste instantie ook een punt, toen een lading voor Hongarije bestemd medisch materiaal in Hamburg een tijd werd opgehouden. Dat was op dat moment inderdaad geen voorbeeld van grote Europese solidariteit. De Hongaar legde de vinger op een zere plek. Commissievoorzitter Ursula von der Leyen vroeg de Duitsers wel om zich solidairder op te stellen, wat ze ondertussen ook doen, maar als het op gezondheid aankomt, heeft de Unie weinig te zeggen: dat is een terrein van de lidstaten. Orban heeft wel een perceptie gecreëerd die zich niet snel laat omkeren. Von der Leyen en Charles Michel, de voorzitter van de Europese Raad, hebben ook niet de statuur om het continent bij de hand te nemen in een crisis zoals deze. Christine Lagarde, de toch zeer ervaren nieuwe voorzitter van de Europese Centrale Bank, sloeg de bal bij haar eerste tussenkomst compleet mis. Orbán werd vanzelfsprekend bijgesprongen door zijn Poolse collega Mateusz Morawiecki. In hun schimpscheuten op de Unie vergat het duo wel te vermelden dat Brussel ondertussen in actie kwam en, onder meer, veel geld vrijmaakt. In de eurozone maken Noord- en Zuid-Europese lidstaten nu helaas ook weer ruzie over de uitgifte van zogenoemde euro-obligaties om een gezamenlijke schuld op te bouwen, zodat landen zoals Italië en Spanje de klap straks niet alleen moeten verteren. De disparate aanpak van de crisis en alle gehakketak geven niet de indruk van een krachtdadige organisatie. Grenzen worden gesloten, het akkoord van Schengen gaat op de schop. Hongarije kan zonder scrupules instellingen ondergraven. De Unie moet niet weer een kans missen om te tonen dat ze burgers zeker zo belangrijk vindt als centen.