Drie procent. Volgens de meest recente peiling wil minder dan een op de twintig Duitsers dat kersvers voorzitter van de Duitse christendemocraten Armin Laschet (CDU) zijn partijgenote Angela Merkel na de Bondsdagverkiezingen in september opvolgt. Bovenaan het populariteitslijstje prijkt minister-president van de deelstaat Beieren Markus Söder van de regionale zusterpartij CSU met 32 procent. Ondanks het grote verschil in populariteit is die laatste allerminst zeker dat hij de komende dagen dé kanselierskandidaat van de christendemocratische familie wordt. Wel integendeel, populariteitspolls vertalen geenszins de interne machtsverhoudingen binnen de partij.
...

Drie procent. Volgens de meest recente peiling wil minder dan een op de twintig Duitsers dat kersvers voorzitter van de Duitse christendemocraten Armin Laschet (CDU) zijn partijgenote Angela Merkel na de Bondsdagverkiezingen in september opvolgt. Bovenaan het populariteitslijstje prijkt minister-president van de deelstaat Beieren Markus Söder van de regionale zusterpartij CSU met 32 procent. Ondanks het grote verschil in populariteit is die laatste allerminst zeker dat hij de komende dagen dé kanselierskandidaat van de christendemocratische familie wordt. Wel integendeel, populariteitspolls vertalen geenszins de interne machtsverhoudingen binnen de partij. Zaterdag zaten beide heren rond de tafel om het lijsttrekkerschap te bespreken. In een gezamenlijke verklaring lieten Laschet en Söder optekenen dat ze de handschoen willen opnemen. Ondanks de persoonlijke strijd hebben de twee naar eigen zeggen geen wezenlijke, inhoudelijke verschillen over de toekomst van het land en de partij. Bedoeling is bovendien dat er binnen de Union, de verzamelnaam voor de CDU en de CSU, snel duidelijkheid en eensgezindheid komt met het oog op de belangrijke stembusgang in september - wie ook de kanselierskandidaat wordt. Wel liet Söder verstaan dat hij enkel en alleen voor het kanselierschap wil gaan indien hij daarvoor brede steun bij de CDU krijgt. Voor- en nadelenVoor de CDU houdt een kanselierschap van CSU-kopman Söder zowel voor- als nadelen in. Enerzijds lijkt hij de beste garantie op regeringsdeelname. Sinds het voorzitterschap van Laschet heeft de CDU de verkiezingen in zowel Rheinland-Pfalz als Baden-Württemberg verloren. Bovendien gaat het op nationaal vlak pijlsnel bergaf. Hoewel dat niet alleen aan Laschet ligt, is de impact van de kersverse kopman weinig positief. Het feit dat Laschet er volgens de meest recente peilingen in zijn eigen deelstaat Nordrhein-Westfalen negen procentpunt verliest, spreekt boekdelen. Wil de CDU de kanselier blijven leveren in een eventuele coalitie met de Grünen of een samenwerking tussen de groenen, de sociaaldemocraten (SPD) en de liberalen (FDP) vermijden, dan lijkt Söder momenteel de meest geschikte figuur. Anderzijds is het maar de vraag of de CDU het kanselierschap voor een mogelijk lange tijd aan haar zusterpartij wil uitbesteden. Kiest de partij voor de 54-jarige Söder en schopt die het vervolgens tot bondskanselier, dan hangt ze onvermijdelijk voor minstens twee termijnen vast aan een figuur die de afgelopen decennia vooral het regionale Beierse belang heeft gediend. Een figuur die er de afgelopen vijf jaar geen graten in zag om - zeker doorheen de migratiecrisis - zijn banbliksems op partijgenoten in Berlijn te richten. Is Söder wel betrouwbaar genoeg? Voor invloedrijke figuren uit de centrale partij in Berlijn of in de vijftien andere deelstaten is dat allesbehalve een evidente kwestie. Zeker omdat een keuze voor Söder het invloedrijke voorzitterschap van de CDU verder kan uithollen.Tot slot wil de CDU niet dezelfde fouten maken als in het verleden. Tweemaal deed een CSU-kopstuk een gooi naar het kanselierschap: Franz-Josef Strauß in 1980 en Edmund Stoiber in 2002. Tweemaal trokken beide heren aan het kortste eind - Stoiber weliswaar met slechts een handvol stemmen verschil. Bij Strauß gingen er voorafgaand een interne verkiezing van de fractie in het parlement aan vooraf. Vervolgens verloor de Beierse minister-president de kanseliersstrijd van zijn SPD-concurrent Helmut Schmidt. 'Geen tweede keer', meent parlementsvoorzitter en CDU-coryfee Wolfgang Schäuble.Ook voor de CSU werpt de kandidatuur van hun voorzitter existentiële vragen op. Zolang de Union de plak zwaait in Berlijn kan Beieren bovengemiddeld wegen op regeringsbeslissingen in de hoofdstad. Maar indien Söder het na de Bondsdagverkiezingen tot in het Kanzeleramt schopt, zullen politici en commentatoren nauwgezet toekijken of hij zijn heimat geen voorkeursbehandeling geeft. Dat kan Söder zich als eventueel kopstuk van alle Duitse christendemocraten simpelweg niet permitteren. Wil de CSU dat onmiskenbare voordeel voor een langere periode opgeven om de persoonlijke ambities van haar voorman waar te maken? Bovendien staan er binnen twee jaar opnieuw verkiezingen in Beieren op het programma. Als Söder de sprong maakt, trekt de partij onthoofd naar de stembus. StraußDe keuze tussen beide heren zorgt voor zenuwachtigheid in christendemocratische gremia. Sedert vorige week circuleert er een open brief van vijftig CDU-parlementsleden waarin geopperd wordt dat de uiteindelijke keuze de christendemocratische fractie in de Bondsdag moet toekomen. Het is niet ondenkbaar dat een meerderheid onder hen voor de populaire Söder zou stemmen - heel wat parlementsleden menen dat de Beierse minister-president de beste garantie op hun eigen herverkiezingen biedt. Maar of zij het laatste woord zullen krijgen, is verre van zeker. Maandag besloot de CDU-partijtop namelijk om zich in groten getale uit te spreken voor Armin Laschet. Zelfs Laschets tegenstanders bij de voorzittersverkiezingen, Norbert Röttgen en Friedrich Merz, spreken zich niet openlijk tegen hun voormalige concurrent uit. Dat alles biedt Laschet de beste hand om de dialoog met Söder en de CSU aan te gaan. De Beierse christendemocraten beraden maandagavond of dinsdagochtend over de kwestie. Vermoedelijk weten we reeds dinsdagmiddag met welke kopman de Duitse christendemocraten naar de stembus trekt en wie veel kans maakt om later dit jaar het stokje van Merkel over te nemen. In ieder geval heeft Laschet veruit de beste kaarten om het lijsttrekkerschap op te eisen. Hoe dan ook is Laschet een overlever van de zuiverste soort. Hij wist zich in het verleden steeds weer opnieuw op het politieke voorplan te knokken. In 1998 verloor hij zijn zetel in de Bondsdag, maar kwam nadien sterker terug. In 2012 verloor hij de regionale voorzittersverkiezingen, vijf jaar later werd hij nota bene minister-president. Intussen heeft hij het tot partijvoorzitter geschopt. Indien de vaccinatiecampagne tegen de Bondsdagverkiezingen vrijwel helemaal is afgerond en het dagelijkse leven in Duitsland opnieuw normaal kan hernemen, is het niet ondenkbaar dat Laschet daarvan zal kunnen profiteren. Bovendien werd Angela Merkel in de begindagen van haar voorzitter- en kanselierschap onvoldoende gekwalificeerd geacht om de partij en het land te leiden. Twintig jaar later weet men wel beter. Helemaal op beide oren slapen, kan Laschet nog niet. Het blijft afwachten of de christendemocratische partijleden en de regionale afdelingen zomaar met de keuze van de partijtop akkoord zullen gaan. De CDU in de deelstaten Berlijn en Niedersachsen gaven maandagnamiddag reeds te kennen dat ze het allerminst met de beslissing eens zijn. Bovendien gaf de CSU maandagnamiddag te kennen dat het haar voorzitter rugdekking blijft geven in de strijd om het felbegeerde lijsttrekkerschap. Wordt vervolgd.