De brexit, drie nationale premiers, twee akkoorden met de Europese Unie, interne twisten op regionaal niveau en een nieuw onafhankelijkheidsreferendum: tussen de vorige regionale parlementsverkiezingen en de stembusslag van donderdag hebben de Schotten heel wat stof tot nadenken gehad.
...

De brexit, drie nationale premiers, twee akkoorden met de Europese Unie, interne twisten op regionaal niveau en een nieuw onafhankelijkheidsreferendum: tussen de vorige regionale parlementsverkiezingen en de stembusslag van donderdag hebben de Schotten heel wat stof tot nadenken gehad. Het lijdt geen twijfel dat de nationalisten met grote voorsprong op hun eerste achtervolgers aan kop zullen eindigen. Belangrijker is de vraag of ze een absolute meerderheid in de wacht slepen en wat ze daar vervolgens mee aanvangen. BrexitHoewel het brexitreferendum intussen vijf jaar achter ons ligt, hangt het thema nog steeds als een donkere wolk boven de Schotse stembusgang. De manier waarop de vrijgekomen macht uit Brussel over de centrale regering en de deelnaties verdeeld wordt, zorgt voor aanzienlijke spanningen tussen Londen en Edinburgh - tot in het Britse Hooggerechtshof toe. Eind vorig jaar keurde Londen de Internal Market Bill goed om het gelijke economische speelveld in het land te garanderen. Volgens Ian Blackford, fractieleider van de Scottish National Party, een centralistische power grab, volgens de regering-Johnson de grootste bevoegdheidsoverdracht sinds de devolutie. Samengevat zijn er twee manieren waarop de brexit concreet inspeelt op zowel de verkiezingscampagne als op het bredere onafhankelijkheidsstreven. Zo benadrukte de Conservatieve Partij naar aanloop van het referendum in 2014 niet onterecht dat een afscheuring van het Verenigd Koninkrijk meteen een einde zou maken aan het Schotse lidmaatschap van de Europese Unie. Dat tegenargument van weleer heeft intussen een wel erg bittere nasmaak gekregen, nu diezelfde Conservatieve Partij het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie heeft geloodst. Daarnaast spraken de Schotse en de Britse regering aan de vooravond van de volksbevraging in 2014 af dat een eventueel nieuw referendum slechts 'een generatie' later zou plaatsvinden. Nicola Sturgeon, voorzitter van de Scottish National Party (SNP) en Schots premier, meent echter dat de brexit voor een politieke generatiewissel heeft gezorgd en een nieuw referendum rechtvaardigt. Dat argument houdt steek: 55,4 procent van de Schotten stemde in 2016 tegen de brexit, een meerderheid die sinds de uitstap gegroeid is. Voor hen is de politieke realiteit inderdaad indringend veranderd. SleazeOnafhankelijkheid en de brexit zijn niet de enige thema's die de verkiezingscampagne kleuren. De afgelopen weken is Brits premier Boris Johnson verwikkeld geraakt in een resem schandalen waarin hijzelf de hoofdrol vertolkt. Volgens verscheidene Britse media zou Johnson rondom de jaarwisseling meermaals hebben opgeworpen dat hij nog liever 'de lijken van coronadoden ziet opstapelen' dan een nieuwe lockdown in het leven roept. Bovendien bleek dat Johnsons vrouw Carrie Symonds voor 200.000 pond hun appartement in Downing Street 11 heeft opgeknapt met dotaties die voor de Conservatieve Partij waren bestemd. Johnson heeft die middelen naar eigen zeggen achteraf terugbetaald, maar niet bij de verantwoordelijke kiescommissie aangegeven. Zulke praktijken versterken het beeld dat Johnson in de eerste plaats voor zichzelf rijdt, in de tweede plaats voor zijn partij, in de derde plaats voor Engeland en dat Schotland bijgevolg vanachter in het rijtje staat. De slijmerigheid van Johnson - door de Britten als sleaze bestempeld - kan op weinig goeddunken rekenen van de Schotse voorzitter van de Conservatieve Partij Douglas Ross. Die ondervindt de electorale gevolgen van Johnsons schandalen tot in Edinburgh en heeft zijn partijvoorzitter gevraagd om af te treden. Zover zal het naar alle waarschijnlijkheid echter niet komen: het feit dat Johnson zelf de regie in handen houdt over de drie schijnbaar onafhankelijke doorlichtingen die hij bevolen heeft, maakt zijn aftreden weinig waarschijnlijk.Bovendien kan de Britse premier profiteren van de razendsnelle vaccinatiecampagne - onder meer te danken aan een contractueel exportverbod met vaccinproducent AstraZeneca - en de lage coronacijfers doorheen heel het land. Over het Kanaal is meer dan de helft van de bevolking minstens eenmaal ingeënt. Het normale leven komt er met mondjesmaat opnieuw op gang: eerder op de week liet Johnson optekenen dat de sociale afstandsregels waarschijnlijk binnen anderhalve maand kunnen verdwijnen. Het levert Johnson doorheen het land solide steun op, zeker bij partijgenoten in het parlement die hun verkiezing aan de premier te danken hebben. Absolute meerderheid?Hoe straalt dat alles af op de Schotse verkiezingscampagne? Momenteel schommelt de SNP rond 50 procent van de stemmen bij de 73 parlementsleden die per district via een meerderheidsstelsel verkozen worden. Labour en de Conservatieve Partij strijden voor de tweede plaats en schommelen in de buurt van 20 procent. De Liberal Democrats en de Green Party volgen op een zodanige achterstand dat ze donderdag blij mogen zijn met één zetel via de rechtstreekse weg. Maar bij de 56 zetels die door middel van regionale lijsten via proportionele representatie worden verdeeld, ziet het plaatje er voor de Schotse Nationale Partij een pak slechter uit. Sinds begin december is de partij namelijk zeven procentpunt van haar stemmen verloren. Dat heeft de partij voornamelijk te danken aan de interne twisten van de afgelopen maanden. Voormalig premier Alex Salmond werd namelijk beticht van seksueel grensoverschrijdend gedrag, volgens de 66-jarige politicus niet meer dan een afrekeningsmanoeuvre van Sturgeon. Salmond blies de aftocht en stichtte met ALBA zijn eigen politieke partij die eveneens streeft naar Schotse onafhankelijkheid. Zijn manoeuvre maakt dat de SNP allerminst zeker is van een eventuele absolute meerderheid van 65 zetels. Vermoedelijk zullen aartsvijanden Sturgeon en Salmond het op een akkoord moeten gooien met het onafhankelijkheidsstreven als bindende factor. Maar of de twee na de vete van de afgelopen maanden de vredespijp willen roken, is verre van zeker. Mogelijk kan de Schotse groene partij een uitweg bieden voor Sturgeon. GevolgenEen absolute meerderheid zouden alle nationalisten alleszins interpreteren als een stevig mandaat voor een nieuw onafhankelijkheidsreferendum. Vraag is echter welke houding de Britse regering zal aannemen. Wanneer die vanuit Londen op de rem trapt, dan heeft de Schotse regering namelijk geen toelating om een bindende volksbevraging in het leven te roepen. Johnson heeft al meermaals te kennen gegeven dat de tijd momenteel niet rijp is voor een nieuwe volksbevraging. Indien de Schotse regering dat in de wind slaat, is een scenario zoals het Catalaanse onafhankelijkheidsreferendum in 2017 niet geheel ondenkbaar. Sturgeon geeft aan zo'n verloop via juridische weg te willen vermijden. Voor de eenheid van het Verenigd Koninkrijk, dat met de brexit Noord-Ierland deels in het regelgevende kader van de Europese Unie heeft achtergelaten, zou een nationalistische verkiezingsoverwinning een zware klap betekenen. Indien de Schotse nationalisten aan het langste eind trekken, een meerderheid voor onafhankelijkheid stemt en Schotland opnieuw tot de Unie toetreedt, kan dat problemen opleveren die momenteel ook in Noord-Ierland opduiken. Om de integriteit van de Europese interne markt te garanderen zijn er namelijk grenscontroles tussen Schotland en Engeland nodig.Dat wordt voor de Schotten een harde noot om te kraken. Aangezien de handelsbetrekkingen tussen Schotland en het Verenigd Koninkrijk aanzienlijk groter zijn dan die tussen Schotland en de Europese Unie, dreigt de regio zich economisch de dieperik in te storten. Het papierwerk dat de Schotse handelaars momenteel ondervinden wanneer ze sommige goederen naar Noord-Ierland verschepen, zou bij Schots lidmaatschap van de Europese Unie ook gelden voor heel wat producten die vanuit de regio naar Wales en Engeland zouden gaan. Sturgeon weet dat. Vraag is of de Schotse premier, die al veertien jaar aan het hoofd staat van de regionale regering, na een verkiezingsoverwinning meteen al haar eieren in één mand durft leggen. Want indien een meerderheid van de bevolking bij een tweede referendum op ongeveer acht jaar tijd opnieuw tegen Schotse onafhankelijkheid stemt, dan krijgen haar politieke overtuigingen een enorme dreun. Anderzijds kan Sturgeon, die normaal de weg van de geleidelijkheid bewandelt, het zich maar moeilijk permitteren om het momentum van een eventuele verkiezingsoverwinning te verzilveren. Voor welke piste ze uiteindelijk kiest, zal na donderdag al iets duidelijker worden.