'Ze moeten zeer voorzichtig zijn', waarschuwde brexit-hoofdonderhandelaar Michel Barnier donderdag. Volgens de Britse openbare omroep BBC wil het ministerie van Buitenlandse Zaken het hoofd van de EU-vertegenwoordiging in Londen, Joao Vale de Almeida, niet dezelfde diplomatieke status geven als de vertegenwoordigers van nationale staten. De Britten zouden de Portugees en zijn medewerkers enkel de status van vertegenwoordigers van een internationale organisatie willen verlenen. Ze zouden dan niet over dezelfde privileges en immuniteiten beschikken die de Weense Conventie aan diplomaten verleent.

'Wij zijn geen internationale origanisatie zoals een andere'

'Ze moeten zeer voorzichtig zijn', waarschuwde Barnier tijdens een event van de European Movement Ireland. 'Ik weet dat het niet meer business as usual is... maar wij zijn geen internationale organisatie zoals een andere. We zijn de Unie en het Verenigd Koninkrijk heeft zowat 47 of 48 jaar lang deelgenomen aan deze Unie', aldus de Fransman. De diplomatieke status van de EU-vertegenwoordiging maakte geen deel uit van de onderhandelingen die Barnier met de Britten heeft gevoerd.

Ook bij de Europese diplomatieke dienst zijn ze in hun wiek geschoten. De hoge vertegenwoordiger Josep Borrel maakte eerder in een brief aan de Britse minister van Buitenlandse Zaken Dominic Raab al zijn 'ernstige zorgen' over. Ook Borrell onderstreept volgens de BBC dat de Europese Unie geen traditionele internationale organisatie is. Ze heeft bijvoorbeeld een eigen rechtssysteem en wetgevende bevoegdheid. Ook valoriseert de status volgens Borrel niet de waarde van de toekomstige relaties.

De situatie over het Kanaal staat in schril contrast met de 142 andere landen in de wereld waar de Europese Unie een vertegenwoordiging heeft en waar haar vertegenwoordigers dezelfde status genieten als de ambassadeurs van nationale staten. Twee jaar geleden degradeerden de Verenigde Staten onder president Donald Trump even de diplomatieke status van de EU-vertegenwoordiger in Washington, maar die beslissing werd na scherp protest uit Brussel weer teruggeschroefd.

'Ze moeten zeer voorzichtig zijn', waarschuwde brexit-hoofdonderhandelaar Michel Barnier donderdag. Volgens de Britse openbare omroep BBC wil het ministerie van Buitenlandse Zaken het hoofd van de EU-vertegenwoordiging in Londen, Joao Vale de Almeida, niet dezelfde diplomatieke status geven als de vertegenwoordigers van nationale staten. De Britten zouden de Portugees en zijn medewerkers enkel de status van vertegenwoordigers van een internationale organisatie willen verlenen. Ze zouden dan niet over dezelfde privileges en immuniteiten beschikken die de Weense Conventie aan diplomaten verleent. 'Ze moeten zeer voorzichtig zijn', waarschuwde Barnier tijdens een event van de European Movement Ireland. 'Ik weet dat het niet meer business as usual is... maar wij zijn geen internationale organisatie zoals een andere. We zijn de Unie en het Verenigd Koninkrijk heeft zowat 47 of 48 jaar lang deelgenomen aan deze Unie', aldus de Fransman. De diplomatieke status van de EU-vertegenwoordiging maakte geen deel uit van de onderhandelingen die Barnier met de Britten heeft gevoerd. Ook bij de Europese diplomatieke dienst zijn ze in hun wiek geschoten. De hoge vertegenwoordiger Josep Borrel maakte eerder in een brief aan de Britse minister van Buitenlandse Zaken Dominic Raab al zijn 'ernstige zorgen' over. Ook Borrell onderstreept volgens de BBC dat de Europese Unie geen traditionele internationale organisatie is. Ze heeft bijvoorbeeld een eigen rechtssysteem en wetgevende bevoegdheid. Ook valoriseert de status volgens Borrel niet de waarde van de toekomstige relaties. De situatie over het Kanaal staat in schril contrast met de 142 andere landen in de wereld waar de Europese Unie een vertegenwoordiging heeft en waar haar vertegenwoordigers dezelfde status genieten als de ambassadeurs van nationale staten. Twee jaar geleden degradeerden de Verenigde Staten onder president Donald Trump even de diplomatieke status van de EU-vertegenwoordiger in Washington, maar die beslissing werd na scherp protest uit Brussel weer teruggeschroefd.