Sinds 30 april mag Vera Jourova de Russische Federatie niet meer binnen. Samen met Europees Parlementsvoorzitter David Sassoli en zes andere Europese functionarissen staat de vicevoorzitter van de Europese Commissie op een zwarte lijst van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken. De maatregel kwam er als vergelding voor sancties die de Europese Unie in maart nam, als reactie op de willekeurige opsluiting van oppositieleider Aleksej Navalny. Volgens het ministerie ondermijnt de EU 'openlijk en opzettelijk' Ruslands binnen- en buitenlandse beleid.
...

Sinds 30 april mag Vera Jourova de Russische Federatie niet meer binnen. Samen met Europees Parlementsvoorzitter David Sassoli en zes andere Europese functionarissen staat de vicevoorzitter van de Europese Commissie op een zwarte lijst van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken. De maatregel kwam er als vergelding voor sancties die de Europese Unie in maart nam, als reactie op de willekeurige opsluiting van oppositieleider Aleksej Navalny. Volgens het ministerie ondermijnt de EU 'openlijk en opzettelijk' Ruslands binnen- en buitenlandse beleid. Zou die maatregel te maken kunnen hebben met Jourova's werk als Eurocommissaris voor Waarden en Transparantie? Als deel van die portefeuille moet de Tsjechische liberale een Europese strategie uittekenen tegen desinformatiecampagnes, waarbij ze geregeld uithaalt naar Russische pogingen om met valse nieuwsberichten prominent aanwezig te zijn. Eind deze maand wil ze een nieuwe gebruikerscode voorstellen voor onlineplatformen in de strijd tegen desinformatiecampagnes. Jourova laat de sanctie niet aan haar hart komen. 'Ik was gelukkig niet van plan om naar Rusland te reizen', reageert ze droog. Achteraan in haar bureau, net verborgen voor de camera waarmee het video-interview wordt afgenomen, hangt een portret van Vaclav Havel, de dissidente Tsjechische schrijver die na de val van het communisme de eerste democratisch verkozen president werd van Tsjechoslowakije en later van Tsjechië. 'Havel geloofde dat waarheid en liefde het winnen van haat en leugens. Ik denk niet dat ik naïef ben om hem daarin te volgen.' Jourova erkent dat haar opdracht een heikele evenwichtsoefening is. Wanneer het om desinformatie gaat, boksen open samenlevingen met één hand op de rug gebonden. In een gezonde democratie is de vrijheid van menings- uiting heilig en ligt ongeveer elke beperking uiterst gevoelig. 'Ik kom uit communistisch Tsjechoslowakije', vertelt Jourova. 'Ik vraag me soms af hoelang het communisme overleefd zou hebben als we vrije toegang tot het internet hadden gehad. De vrije omloop van informatie is een belangrijk democratisch instrument. Dat mogen we niet opgeven. Tegelijk kunnen we niet langer passief blijven.' Waarom moet de Europese Unie zich met een aloud thema als desinformatie bezighouden? Vera Jourova: Valse geruchten en fake news zijn inderdaad zo oud als de mens zelf. De Israëlische historicus Yuval Noah Harari heeft in zijn boek Sapiens een hele passage over hoe ze ook vroeger een diepe impact op maatschappijen konden hebben. Maar naar onze smaak gaat desinformatie nu te ver. Het gebeurt nu echt gecoördineerd, door buitenlandse mogendheden, op zo'n manier dat het onze maatschappij in de verkeerde richting stuurt. De negatieve impact van al die campagnes is reëel. Je ziet dat buitenlandse actoren verschillende strategieën volgen, en dat ze inspelen op de particuliere frustraties in verschillende landen. Sinds in 2014 vlucht MH17 boven Oekraïne is neergeschoten, zien we dat Nederland geregeld het doelwit is van intense desinformatiecampagnes. Tijdens de coronacrisis zie je dan weer een homogenere strategie, waarbij allerlei schadelijke narratieven over het virus gepromoot worden. Dan gaat het bijvoorbeeld over artikels die beweren dat de Europese vaccins niet werken en het Russische Sputnik V het best werkende vaccin ter wereld is. Dat gebeurt overal in Europa, en in dit geval gaat het letterlijk over mensenlevens. Vandaar dat we tijdens deze gezondheidscrisis afspraken hebben gemaakt met socialemediaplatformen om gevaarlijke desinformatie te verwijderen. Dat gaat best ver. Jourova: (knikt) Dit is een uitzonderlijke situatie. Eigenlijk wil ik niet dat iemand de arbiter van de waarheid speelt. Maar in een crisis als deze moeten we vertrouwen op de autoriteit van onze gezondheidsagentschappen. Voor sommige politici is alles een crisis. Welke garanties geeft u dat die maat- regel tijdelijk is? Jourova: De vrees bestaat dat maatregelen die tijdens de coronacrisis zijn ingevoerd misschien niet zullen weggaan. Ik begrijp dat, de vrijheidsbeperkingen zijn zwaar. Maar ze zijn ook in het belang van de volksgezondheid. Onze deal met de socialemediaplatformen is duidelijk: tijdens de pandemie moeten ze de boodschap van de gezondheidsagentschappen promoten en gevaarlijk fake news verwijderen. Die regeling stopt zodra de pandemie voorbij is, maar we werken ook aan duurzame oplossingen. De Europese Commissie heeft ook de Digital Services Act (DSA) op tafel gelegd, waardoor meer verantwoordelijkheid wordt gelegd bij de platformen om illegale content te verwijderen.Om daar iets aan te doen, bent u aangewezen op techreuzen als Twitter en Facebook. Werken zij voldoende mee? Jourova: Wij geven Facebook en Twitter niet de schuld van alles. Zij beseffen maar al te goed dat zij instrumenten zijn geworden voor mogendheden die verdeeldheid willen zaaien. Tijdens een bezoek aan Silicon Valley sprak ik eens met Alex Karp, de ceo van Palantir (een bedrijf dat bigdata-analyses maakt, nvdr). Hij zei me dat hij snapt waarom Europa actie onderneemt. Het is tenslotte nog niet zo lang geleden dat valse verhalen aan de basis lagen van de Tweede Wereldoorlog, een verschrikkelijke oorlog met miljoenen slachtoffers. Wat is volgens u de beweegreden van landen als Rusland en China? Jourova: In het geval van Rusland is de motivatie duidelijk: desinformatie behoort daar tot de militaire doctrine. Het is een efficiënt en gemakkelijk te hanteren wapen. Hoe slechter het in Europa gaat, hoe beter voor Rusland: dat is het idee. Als wij onzeker zijn, twijfelen aan onze democratische instellingen en voortdurend blootgesteld worden aan samenzweringstheorieën, zijn we afgeleid. Het is een manier om sociale onrust te stoken. In Centraal- en Oost-Europa willen de Russen op lange termijn de invloed die ze zijn kwijtgeraakt terugkrijgen. We mogen die plannen niet onderschatten of ridiculiseren. Daarom werken we ook samen met de NAVO. Elk Europees ministerie van Defensie heeft een speciale eenheid die desinformatie opvolgt. Dat de NAVO dat ernstig neemt, toont aan dat de EU maar beter hetzelfde doet. Geldt die analyse ook voor China? Jourova: De Chinezen doen vooral aan zelfpromotie. Ze willen het beeld verspreiden van een systeem dat alles aankan, dat de wereld door de coronacrisis leidt, dat overal investeert. Tegelijk brengen ze het narratief dat democratieën geen rechtvaardigheid, veiligheid en economische ontwikkeling kunnen garanderen. Daarvoor hoeft China geen moeite te doen. Ook een leider als de Hongaarse premier Viktor Orban lijkt meer te verwachten van China dan van de EU. Jourova: (glimlacht) Dat is absoluut een probleem. De fakenewsproductie binnen de Europese Unie is niet minder serieus of gevaarlijk dan buitenlandse beïnvloedingspogingen. Het probleem is vooral dat we Europese solidariteit vanzelfsprekend vinden. Er is enorm veel onderlinge solidariteit tussen de lidstaten, ook tijdens deze crisis. Maar als Rusland en China iets doen om te helpen, is iedereen plotseling bereid om de ring van meneer Poetin te kussen. Hoe moeten we op desinformatiecampagnes reageren? Moeten we terugvechten? Jourova: Ja, maar niet met dezelfde smerige methoden. Wij kunnen het niet maken om twijfel en verdeeldheid te zaaien in andere maatschappijen. Tegelijk zien we tijdens deze coronaperiode dat onze gezondheidsagentschappen hard moeten werken om hun boodschap online te verspreiden. Elke ruimte die wij níét met betrouwbare, op feiten gebaseerde informatie vullen, zal overgenomen worden door anderen. In alles wat we doen, zullen we met desinformatie bestook worden. Dat moeten we beseffen. Neem de Europese Green Deal. Die zal ongetwijfeld allerlei vormen van fake news ontketenen. Er zullen berichten komen dat auto's onbetaalbaar worden, of dat de Europese Commissie vlees wil verbieden. We moeten daarop leren anticiperen. We moeten desinformatie kunnen voorspellen voor ze verschijnt. U hebt aangekondigd dat desinformatie verspreiden 'een prijs moet hebben' voor de daders. Wat bedoelt u daarmee? Jourova: Dat principe moet deel uitmaken van het antidesinformatiebeleid dat we samen ontwikkelen met Josep Borrell, de hoge vertegenwoordiger van de EU voor Buitenlandse Zaken en Veiligheidsbeleid. Elke producent van desinformatie die er geld aan verdient, moet daar financieel de gevolgen van dragen. Desinformatie mag geen goedkope en gemakkelijke manier van oorlog voeren zijn. Ik vergelijk het weleens met een cyberaanval: als die plaatsvindt, nemen we ook sancties. De impact van bepaalde desinformatiecampagnes is niet minder groot. We willen de socialemediaplatformen ook pushen om niet langer geld en ruimte te geven aan hardleerse verspreiders van desinformatie. We moeten die financieel droog proberen te leggen. Dat is voor die bedrijven natuurlijk een zakelijke beslissing die pijn doet, want desinformatie verkoopt nu eenmaal beter. Mist u Donald Trump al op Twitter? Jourova:(grinnikt) Het was interessant om zijn ochtendlijke tweets te lezen. Je wist direct waar het die dag over zou gaan, want alle journalisten móésten wel reageren. Maar als president van de Verenigde Staten mis ik hem niet. Vindt u het niet kwalijk dat Trump door een beslissing van een privébedrijf nu in zekere zin gecensureerd is? Jourova: Wanneer je regulering voor een nieuwe technologie opstelt, moet je altijd de denkoefening maken wat het allerergste scenario is waartoe die technologie kan leiden. Wat dat betreft, heeft Trump ons enorm veel geleerd. Vindt u dat Twitter hem terecht verbannen heeft in januari? Jourova:(denkt na) Ik was een grote voorstander van hoe Twitter het in 2020 aanpakte: ze labelden Trumps tweets als onbetrouwbaar en linkten ze aan de correcte informatie. Zo zou Europa het ook moeten doen: we moeten mensen die onwaarheden verspreiden niet verwijderen, maar hun beweringen weerleggen met feiten. Wie iemand als Donald Trump wil geloven - zelfs als zijn beweringen door álle feiten tegengesproken worden - moet die keuze hebben. Trump zou volgens de Europese regels dus nog gewoon kunnen twitteren? Jourova: Niet noodzakelijk. Volgens mijn juridische lezing zou je wat Trump heeft gedaan in de aanloop naar de bestorming van het Capitool op 6 januari op basis van de EU-regels kunnen beschouwen als aanzetten tot geweld. In zo'n geval kan ook de EU Twitter dwingen om tweets te verwijderen. De beslissing van Twitter in Amerika was in mijn ogen terecht (Twitter schorste Trumps account wegens het risico op 'verder aanzetten tot geweld', nvdr). Als iets manifest illegaal is, moet je het kunnen verwijderen. Doelt u dan op accounts of afzonderlijke tweets? Jourova: In eerste instantie heb ik het over tweets. In specifieke gevallen voorziet de DSA ook in de mogelijkheid om accounts te verwijderen die frequent manifest illegale inhoud verspreiden. Tegelijk moet de DSA ervoor zorgen dat mensen die onterecht geschorst worden een kans hebben om beroep aan te tekenen. Voor grote socialemediaplatformen komt er een extra verplichting om het risico te beperken dat hun technologie misbruikt wordt om te manipuleren. Wat we níét willen is dat die platformen alle macht krijgen om te beslissen wat er gezegd mag worden. Elke vorm van censuur is gevaarlijk, of ze nu van een overheid of een bedrijf komt. Daarom willen we in onze aanpak vooral focussen op de versterkingsmechanismen: fake accounts, betaalde bots die de boodschap helpen verspreiden. Vrijheid van meningsuiting is niet hetzelfde als vrijheid van bereik. Overschatten we de impact van desinformatiecampagnes niet? Uit elk onderzoek blijkt dat de impact van politieke leiders die leugens verspreiden véél groter is dan wat een handvol Russische trollen vermag. Jourova: Ik denk niet dat we de impact overschatten. Die impact is er, en dat weten de landen die desinformatie inzetten maar al te goed. Los daarvan ben ik ervan overtuigd dat we ook als burger een zekere weerstand moeten kweken. Mijn vader hield me tijdens het communisme altijd voor dat ik niets moest geloven van wat ik in de kranten las. Onze slogan zou moeten zijn: geloof niet alles wat je leest. We zullen onze digitale geletterdheid moeten ontwikkelen. We hebben al afgesproken met de lidstaten dat we die geletterdheid en kritisch denken aan de curricula op school moeten toevoegen. We kunnen de strijd voor een beter internet alleen winnen als we ook de gebruikers zelf mee aan boord krijgen.