Bijna twee dagen onderhandelden de landbouwministers onder leiding van het Duits voorzitterschap van de EU over het landbouwbeleid, een van de grote uitgavenposten in de Europese begroting. De gesprekken vielen zowat samen met de stemming in het Europees Parlement over de toekomst van het Europees Landbouwbeleid. Het gaat om een belangrijke kwestie, goed voor honderden miljarden euro's. Vele landbouwers zijn afhankelijk van de betalingen vanuit Europa. De sector vreesde te zware milieuregelgeving.

De Europese Commissie had in 2018 al een grote hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid voor de jaren 2021-2027 aangekondigd. Voor de komende twee jaar gelden overgangsmaatregelen, zodat de nieuwe regels in 2023 ingaan. De Commissie voorzag meer vrijheid voor de lidstaten wanneer ze doelstellingen rond pakweg milieu, klimaat en bevoorradingszekerheid behalen. Daarvoor zijn dan nationale plannen nodig, waarmee de Commissie moet instemmen. Dat komt erop neer dat landbouwers geld krijgen, wanneer ze die verschillende doelstellingen behalen. Op dit punt waren de onderhandelingen nog nodig: of de lidstaten verplicht worden die 'eco-schemes' te gebruiken, en hoeveel geld ze ervoor reserveren.

Na lange onderhandelingen kwam een compromis uit de bus dat onder meer bepaalt dat de lidstaten 20 procent van de directe steun aan landbouwers reserveren voor ecologische bepalingen. Daarbij is ook sprake van een zogenaamde tweejarige "leerfase" om de overgang te maken. Sommige lidstaten waren tegen die verplichting van 20 procent gekant. Over de voorstellen van de landbouwministers van de lidstaten zal nu onderhandeld worden met het Europees Parlement. Bedoeling is dat de regels op 1 januari 2023 ingaan.

Ook het Europees Parlement had dus de landbouw op het menu staan. Hier kwam dinsdagavond laat een akkoord uit de bus over de centrale punten van de hervorming. Zo zal volgens het Europees Parlement minstens 30 procent van de directe betalingen opzijgezet moeten worden voor ecologische regelingen.

Bijna twee dagen onderhandelden de landbouwministers onder leiding van het Duits voorzitterschap van de EU over het landbouwbeleid, een van de grote uitgavenposten in de Europese begroting. De gesprekken vielen zowat samen met de stemming in het Europees Parlement over de toekomst van het Europees Landbouwbeleid. Het gaat om een belangrijke kwestie, goed voor honderden miljarden euro's. Vele landbouwers zijn afhankelijk van de betalingen vanuit Europa. De sector vreesde te zware milieuregelgeving. De Europese Commissie had in 2018 al een grote hervorming van het gemeenschappelijk landbouwbeleid voor de jaren 2021-2027 aangekondigd. Voor de komende twee jaar gelden overgangsmaatregelen, zodat de nieuwe regels in 2023 ingaan. De Commissie voorzag meer vrijheid voor de lidstaten wanneer ze doelstellingen rond pakweg milieu, klimaat en bevoorradingszekerheid behalen. Daarvoor zijn dan nationale plannen nodig, waarmee de Commissie moet instemmen. Dat komt erop neer dat landbouwers geld krijgen, wanneer ze die verschillende doelstellingen behalen. Op dit punt waren de onderhandelingen nog nodig: of de lidstaten verplicht worden die 'eco-schemes' te gebruiken, en hoeveel geld ze ervoor reserveren. Na lange onderhandelingen kwam een compromis uit de bus dat onder meer bepaalt dat de lidstaten 20 procent van de directe steun aan landbouwers reserveren voor ecologische bepalingen. Daarbij is ook sprake van een zogenaamde tweejarige "leerfase" om de overgang te maken. Sommige lidstaten waren tegen die verplichting van 20 procent gekant. Over de voorstellen van de landbouwministers van de lidstaten zal nu onderhandeld worden met het Europees Parlement. Bedoeling is dat de regels op 1 januari 2023 ingaan. Ook het Europees Parlement had dus de landbouw op het menu staan. Hier kwam dinsdagavond laat een akkoord uit de bus over de centrale punten van de hervorming. Zo zal volgens het Europees Parlement minstens 30 procent van de directe betalingen opzijgezet moeten worden voor ecologische regelingen.