Dat het aantal zetels in de Bondsdag steeds verandert, heeft te maken met het Duitse kiesstelsel. Duitsers stemmen bij de parlementsverkiezingen twee keer: op een kandidaat in hun kiesdistrict (de 'Erststimme') en op een landelijke partij. Die tweede stem, de 'Zweitstimme', bepaalt de zetelverhouding tussen partijen in de Bondsdag en daarmee ook de machtsverhoudingen in de Duitse politiek.

Zetels

Het parlement telt in principe 598 zetels, maar het kan gebeuren dat een partij via de tweede stem niet genoeg zetels krijgt voor alle kandidaten die rechtstreeks zijn verkozen. Dat moet dan worden rechtgetrokken.

Dat kan weer tot gevolg hebben dat ook andere partijen recht hebben op meer zetels omdat de zetelverhouding die via de Zweitstimme is vastgesteld wel moet kloppen.

Niet alle Duitse kiezers zijn enthousiast over het almaar groeiende aantal parlementsleden in hun land. Zo'n 71 procent van de Duitsers vindt dat het parlement te veel zetels telt, kwam afgelopen weekend naar voren uit een peiling van YouGov. Slechts 3 procent van de respondenten ziet een nog grotere Bondsdag wel zitten.

Kiesdrempel

Politieke partijen komen in Duitsland in principe alleen in de Bondsdag als ze minstens 5 procent van de stemmen krijgen. Die kiesdrempel moet voorkomen dat het parlement versplintert doordat veel kleine partijen worden gekozen.

Er wordt een uitzondering gemaakt voor partijen die de 5 procent niet halen, maar via de 'Erststimme' minstens drie zetels bemachtigen.

Dat lijkt deze keer te gaan gelden voor de partij Die Linke, die in de voorlopige uitslagen blijft steken op 4,9 procent van de stemmen. Duitse media berichten dat zeker drie parlementsleden van de partij rechtstreeks zijn verkozen in hun kiesdistricten. Volgens Der Spiegel maakten twee kandidaten het waar in Berlijn en een in Leipzig.

De socialisten profiteerden al eerder van die regeling. PDS, een voorloper van de huidige partij, kreeg in 1994 slechts 4,4 procent van de stemmen en bleef daarmee onder de kiesdrempel. Toen waren vier kandidaten rechtstreeks verkozen in hun kiesdistricten en belandde de partij alsnog in het Lagerhuis van het Duitse parlement.

Lees meer over de verkiezingen in Duitsland

Dat het aantal zetels in de Bondsdag steeds verandert, heeft te maken met het Duitse kiesstelsel. Duitsers stemmen bij de parlementsverkiezingen twee keer: op een kandidaat in hun kiesdistrict (de 'Erststimme') en op een landelijke partij. Die tweede stem, de 'Zweitstimme', bepaalt de zetelverhouding tussen partijen in de Bondsdag en daarmee ook de machtsverhoudingen in de Duitse politiek. Het parlement telt in principe 598 zetels, maar het kan gebeuren dat een partij via de tweede stem niet genoeg zetels krijgt voor alle kandidaten die rechtstreeks zijn verkozen. Dat moet dan worden rechtgetrokken. Dat kan weer tot gevolg hebben dat ook andere partijen recht hebben op meer zetels omdat de zetelverhouding die via de Zweitstimme is vastgesteld wel moet kloppen. Niet alle Duitse kiezers zijn enthousiast over het almaar groeiende aantal parlementsleden in hun land. Zo'n 71 procent van de Duitsers vindt dat het parlement te veel zetels telt, kwam afgelopen weekend naar voren uit een peiling van YouGov. Slechts 3 procent van de respondenten ziet een nog grotere Bondsdag wel zitten. Politieke partijen komen in Duitsland in principe alleen in de Bondsdag als ze minstens 5 procent van de stemmen krijgen. Die kiesdrempel moet voorkomen dat het parlement versplintert doordat veel kleine partijen worden gekozen. Er wordt een uitzondering gemaakt voor partijen die de 5 procent niet halen, maar via de 'Erststimme' minstens drie zetels bemachtigen. Dat lijkt deze keer te gaan gelden voor de partij Die Linke, die in de voorlopige uitslagen blijft steken op 4,9 procent van de stemmen. Duitse media berichten dat zeker drie parlementsleden van de partij rechtstreeks zijn verkozen in hun kiesdistricten. Volgens Der Spiegel maakten twee kandidaten het waar in Berlijn en een in Leipzig. De socialisten profiteerden al eerder van die regeling. PDS, een voorloper van de huidige partij, kreeg in 1994 slechts 4,4 procent van de stemmen en bleef daarmee onder de kiesdrempel. Toen waren vier kandidaten rechtstreeks verkozen in hun kiesdistricten en belandde de partij alsnog in het Lagerhuis van het Duitse parlement.